zaterdag 9 mei 2015

Big IJsselmonde Day 2015

Nadat in 2010 een Big Day met teams werd gehouden op IJsselmonde, is deze dag ook vorig jaar weer gehouden, en voor dit jaar stond de Big IJsselmonde Day vandaag op het programma. In een team met Laurens van der Padt, Laurens van de Wind en Arie Zoeteman gaan we vandaag voor de winst, en wie weet voor het record van 107. De weersvoorspelling is echter niet optimaal, met wel droog weer, maar een (te) harde zuidwestenwind.

Om 3 uur haal ik de andere op met de auto om met de uilen te beginnen, maar bij Laurens van de Wind is het nog akelig donker. Even later staan we dus met z'n drieën bij het Donckse Bos voor bosuil, maar een fikse bui gooit hier roet in het eten, en op een waterhoen, wilde eend en meerkoet na kunnen we niks bijschrijven. We rijden dus maar door richting Rhoon, waar we gelukkig bij de Carnisse grienden wel een mannetje bosuil horen zingen, en in de bekende schuur zit de kerkuil al te roepen. Ook vliegt hier nog ene oeverloper over en zit er een kleine karekiet te zingen. De enige uil die we nu dus nog moeten is ransuil, maar rondjes rijden door de polders van Rhoon levert niks op, dan maar richting Heerjansdam.

Onderweg daarnaar toe komt er bij de A29 nog wel een kerkuil over de weg en schrijven we bij de Oude Barendrechtse brug, met inmiddels ook Laurens erbij, nachtegaal bij. Maar ook in Heerjansdam en omstreken werken de ransuilen niet mee, waardoor we die dus missen helaas. Wel ontwaakt langzaam de vogelwereld en schrijven we bij de naastgelegen Devel o.a. snor, bosrietzanger en waterral bij. Bij de Hooge Nesse tikken we sprinkhaanzanger binnen, waarna we gauw richting Ambacht rijden voor zwarte roodstaart.

Langs de Veersedijk lukt die in tegenstelling tot vorig jaar nu gelukkig wel, en schrijven we nog grutto en lepelaar bij op de Sophiapolder. Rond half zeven zitten we even later op de fiets om zo het grootste gedeelte van de ronde af te leggen, en de stand staat dan net over de 60 soorten. Nog in Ambacht wordt uiteindelijk de enige sperwer van vandaag achterna gezeten door wat kraaien, ook deze soort misten we vorig jaar, en in Polder Sandelingen schrijven we nog wat basissoortjes en torenvalk bij. Ook een soort die lastig kan zijn en waarvan we er vorig jaar ook maar eentje hadden..

Hierna weer door richting de Devel met een paartje roodborsttapuit, witte kwikstaart, bruine kiekendief en een erg welkome purperreiger. Het Buitenland van Heerjansdam is ook goed met oever- en huiszwaluw, slobeenden, kleine plevier en als beste de enige havik van vandaag. In de grienden langs de rivier zingen gekraagde roodstaart, cetti's zanger en matkop, en als we richting het westen fietsen komt er opeens een opvallend beest aanflappen en landt in de toppen van enkele hoge wilgen. Een wielewaal!! Na een tiental seconden vliegt het beest er uit, de Oude-Maas over en weg, wat een verrassing! Deze is voor ons allemaal nog een langverwachte nieuwe voor onze IJsselmondelijst en daarnaast natuurlijk een fijne bonus voor vandaag.
Wielewaal                                               ©Laurens van der Padt
Tegelijkertijd krijgen we te horen dat een concurrerend team een groepje witwangsterns over de Oude-Maas heeft richting West, ook erg gaaf, maar voor ons helaas de verkeerde kant op. In de Zuidpolder buitendijks schrijven we nog wat ontbrekende zangvogels als groene specht, staartmees en boomkruiper ondanks de behoorlijk aangetrokken wind bij, en nu ontbreken enkel nog braamsluiper en ijsvogel als makkelijke soorten.

Een mannetje wintertaling in de bouwdok is een aangename verrassing, en om half tien is het de buffelkopeend die dan de 88ste soort is voor vandaag, we liggen dus voor op vorig jaar! Nu snel de grienden in waar vanochtend al grote lijster en grauwe vliegenvanger werden gezien. De Carnisse grienden levert niks op, maar bij het Kleine Profijt weten we gelukkig wel grote lijster te vinden en zien we eindelijk ook een ijsvogel. Grauwe vliegenvanger of kleine bonte specht kunnen we met deze wind wel vergeten.

Hierna snel de polders door, waar we in de Portlandpolder een paar tapuiten op kunnen schrijven, en de ringmussen geven later zoals verwacht ook thuis. Het nieuwe stukje natuur nabij Smitshoek is even later ook weer goed en we zien een paapje, tureluur en een boomvalk vliegt over. We staan nu dus inmiddels op 95 soorten en het is nog maar kwart voor de 12. De ervaring is echter dat het in de middag heel erg sprokkelen wordt op IJsselmonde, maar met gemiddeld 2 nieuwe per uur (tot de eindtijd van 19u) zou het record moeten kunnen.

Het gaat vanaf nu dus weer richting Ambacht, om de middag dan vooral met de auto weer rond te gaan rijden. Onderweg checken we natuurlijk alles, en zo blunderen we in de Zuidpolder opeens tegen een paartje schitterende geoorde futen aan! Ze zwemmen in een op het oog onbenullig plasje waar al wel meer leuke soorten hebben gezeten, en laten zich op korte afstand schitterend bekijken. Naast dat het de 96ste soort is, is het voor ons vieren weer een nieuwe voor de IJsselmondelijst. Nu dus 2 nieuwe gevonden voor ons op het eiland, en dat is een behoorlijke tijd geleden...
Geoorde futen
Na van vervoersmiddel te zijn gewisseld thuis, en het vergeefs checken van plasjes voor tafeleend in het Develbos en Sandelingen, stappen we om 13:40 in het pontje naar de Sophiapolder. Op het oog lijkt de polder verlaten en kunnen we ook de overzomerende kolgans niet vinden. Uiteindelijk kunnen we toch nog 1 groenpootruiter en bontbekplevier vinden, en vindt Laurens van de Wind tot onze stomme verbazing een wilde zwaan tussen de knobbels! Het beest zit op grote afstand te slapen, maar daar is geen twijfel over mogelijk. Wellicht hetzelfde beest dat we 2 jaar geleden ook hier 's zomers zagen?

Om half 3 zitten we weer in de auto net ten noorden van de Sophiapolder, als er boven de Rietbaan een slechtvalk cirkelt. Soort nummer 100 is dus binnen! Hiermee hebben we al meer dan vorig jaar, toen 99 soorten met nog veel slechter weer, maar nu nog verder met nog 4,5 uur op de klok. Snel naar het Donckse Bos en onderweg levert een stop bij een bekend bosje voor spotvogel, zowaar deze soort op, een meevaller! In het Donckse bos laten de boomklevers helaas niet van zich horen, jammer!
Donckse bos
In Rotterdam-Zuid vinden we geen leuke meeuwen, maar wel kunnen we de verwachte zekerheidjes ooievaar en roek bijschrijven. Een wandeling door Bos Valckesteijn lever geen appelvink of vuurgoudhaan op, en inmiddels is de middag al weer zo ver gevorderd dat we weer naar Ambacht moeten. Op de Sophiapolder is het nog steeds stil, maar gelukkig staan er nu wel 2 pontische meeuwen bij de inlaat. Daarnaast laat ook de wilde zwaan zich fraai bekijken in de Rietbaan met 2 knobbelzwanen.
Wilde zwaan
Inmiddels is het wel tijd om naar het NME-centrum te gaan om daar met de andere teams de dag af te sluiten. Om 19u zijn we uiteindelijk gestopt met 104 soorten, wat nog wel de winnende score bleek te zijn met als tweede het team Sylvia met Sander Elzerman, André de Baerdemaeker, Niels Godijn en Hans Mom die op 102 soorten waren gekomen. Uiteindelijk werden er vandaag door de 5 teams 115 soorten op het eiland waargenomen, een zeer geslaagde dag dus, en zeker ook gezien de twee lifers voor ons op het eiland! En dat record moet er volgend jaar dan maar aan gaan geloven..

donderdag 7 mei 2015

Eindelijk die citroenkwikstaart!

Na vanochtend mijn laatste tentamens weer gehad te hebben, rijd ik vanmiddag een rondje over IJsselmonde als voorbereiding voor zaterdag, wanneer er een Big day gepland staat op het eiland. Dankzij Arie Zoeteman zie ik zo 4 fraaie zomerkleed bonte strandlopers op de Sophiapolder, maar verder is het niet veel. Rotterdam-Zuid levert nog een pontische meeuw op en ik lees nog wat grote meeuwen af. Hier staan wel 2 leuke beesten tussen. Een kleine mantelmeeuw van Roland-Jan Buijs die hij 2,5 uur daarvoor geringd had in Europoort (met de nieuwe ringen), en een Utrechtse zilvermeeuw die ik eerder dit jaar zag op de strandsuppletie van Scheveningen en op de vuilstort van Tilburg!
Utrechtse zilvermeeuw BN-SY
Kleine mantelmeeuw GN-AN
Als ik aan het eind van de middag weer over de Sophiapolder sta te kijken wordt ik gebeld door Laurens van der Padt dat er een mannetje citroenkwikstaart in het Noordervroon bij Westkapelle zit! Ik besluit dus maar gelijk naar huis te gaan, en na het eten rijd ik zo rond half zeven met Laures en Laurens van de Wind Ambacht uit naar het zuiden. Citroenkwikstaart ontbreekt na meerdere dippen nog steeds op onze lijst, dus de hoop is vanavond eindelijk af te rekenen met gelijk een fraai mannetje!

Onderweg is de vogel nog steeds in beeld dus dit moet helemaal goed komen op de plek waar eerder dit jaar al een citroenkwikstaart zat, en enkele jaren geleden ook al één! Op de locatie aangekomen zien we de vogel al vrij vlot lopen bij een plasje vlak langs de weg. Super, wat een beestje! Hij foerageert rustig in z'n eentje bij een klein plasje en laat zich daarbij van alle kanten bekijken, eindelijk deze soort en gelijk ook goed!

2kj man citroenkwikstaart
Zo rond half negen besluiten we weer te gaan met de 3de lifer van dit jaar op zak, en eentje die we wel een keer 'moesten' hebben! 

maandag 4 mei 2015

Poelruiter bij Lekkerkerk!

Zaterdag werd er een uurtje nadat we weg waren gereden bij het Helofytenfilter bij Lekkerkerk een poelruiter gevonden, ai... Het is een gebiedje met veel smalle slootjes, dus we hadden er gewoon overheen gekeken. Vandaag blijkt de vogel echter nog steeds aanwezig, en aangezien hij nog op mijn Zuid-Hollandlijst ontbreekt besluit ik er vanavond maar even naar toe te rijden. Na een klein half uurtje ben ik er en even later heb ik 'm in beeld. Een fraai steltlopertje uit Oost-Europa en verder, waarvan ik er nog niet zo heel veel van heb. Het is ook altijd nog hopen op zo'n beestje op IJsselmonde!
Poelruiter 
Naast deze fraaie steltloper zwemt er nog een mannetje zomertaling rond en lopen er nog wat zwarte ruiters, tureluurs en een watersnip op de slikrandjes.
Zomertaling

zaterdag 2 mei 2015

Verslag Zuid-Holland Big Day 2015

Tijdens de 'halve' big day in de Delta op 2 januari dit jaar met Laurens van de Wind, Laurens van der Padt en Herman van den Brand, was het plan opgerezen om dit voorjaar met z'n vieren eens een serieuze big day te doen in Zuid-Holland, oftewel, zoveel mogelijk vogelsoorten in onze provincie zien binnen 24 uur. Niet om per se het record van 159 te verbeteren, maar om gewoon eens te kijken hoever we komen, en om er vooral een mooie dag van te maken. 2 mei was de datum die werd afgesproken, en de afgelopen weken werd waarneming.nl gecheckt en menig verslag van eerder gehouden big day's van andere vogelaars doorgelezen. Een route werd in elkaar geflanst en ruim van te voren hadden het plan wel aardig op orde. De laatste afgelopen week was het nog afwachten welke zomergasten er allemaal gearriveerd zijn en welke wintergasten net nog even blijven hangen.

De avond van te voren duurde lang, veels te lang, en uiteindelijk staan we dan ook twintig minuten te vroeg langs de Devel waar we onze Big Day willen aftrappen. Langzaam tikt de tijd weg, en dan is het 12 uur, we mogen! De eerste plek voor ransuil levert niks op, maar wel is het hier een KRAKEEND (1) die roept uit een naastgelegen slootje en dus bovenaan de lijst komt te staan. Luttele minuten later staan daar ook MEERKOET (2) en WILDE EEND (3) bij. In het riet langs de Devel horen we even later de eerste RIETZANGER (4) schetteren en er zit rustig een SPRINKHAANZANGER (5) te ratelen. Ondanks de vele bijgeluiden van het rangeerterrein, een waterpomp en langsrazende treinen, horen we een WATERRAL (6) krijsen uit het riet en schrijven we nog KIEVIT (7), SLOBEEND (8) en FUUT (9) bij, de snorren houden helaas hun snaveltjes dicht. Even verderop zien we een KNOBBELZWAAN (10) in het licht van de lantarenpalen, waarna we bij de voetbalvelden van Heerjansdam ransuil maar weer proberen. Na een korte wandeling tussen de velden met eerst al een paartje SCHOLEKSTER (11), zien we even later een RANSUIL (12) boven het veld jagen. De eerste uil is binnen!

Inmiddels is het half één dus we moeten richting Barendrecht. Bij de Oude Barendrechtse brug kunnen we eenvoudig NACHTEGAAL (13) en CETTI'S ZANGER (14) bijschrijven. De laatste is tot mijn schaamte zelfs nog nieuw voor m'n jaarlijst... De bekende KERKUIL (15) bij Rhoon werkt fantastisch mee, als we de auto uitstappen horen we de vogel al roepen uit de schuur! In een slootje zien we een paartje KUIFEEND (16) en er komt even later nog een ransuil langs de auto zetten.

Het was nu de bedoeling om richting de Rietputten te gaan bij Vlaardingen voor roerdomp, maar omdat de A15 richting Europoort dicht is wijzigen we ons plan en besluiten eerst richting Zevenhuizen te gaan voor woudaap. Op de plek aangekomen gaat het snel want het is een kabaal van jewelste door KLEINE PLEVIER (17), GRUTTO (18), TURELUUR (19), GRAUWE GANS (20), KOKMEEUW (21), BRANDGANS (22), WATERHOEN (23), BLAUWE REIGER (24) en RIETGORS (25). Genietend van al dit nachtleven begint naast ons ook opeens de WOUDAAP (26) te blaffen, yes!  Alsof dat nog niet genoeg is begint op een paar meter van ons een ROERDOMP (27) te hoempen, wat een geluid! Het gaat door merg en been, super! Een KLEINE KAREKIET (28) is de laatste die we hier bijschrijven, waarna we naar de nabij gelegen Eendrachtspolder rijden.

Een aantal hinnikende DODAARSJES (29) worden gretig bijschreven, net als een luid zingende BLAUWBORST (30). De volgende bestemming is Bleiswijk in de hoop op patrijs, bij Barendrecht waren we eerder deze nacht namelijk al kansloos. In Bleiswijk blijkt dat even later helaas ook het geval, maar wel komt er de 3de ransuil van de nacht voorbij gevlogen. De volgende bestemming is steenuil bij Berkel en Roderijs, maar ook dit mislukt helaas en we krijgen geen steenuil te horen. Om enkele minuten voor 3 kunnen we hier nog wel GROTE CANADESE GANS (31) bijschrijven, maar meer ook niet. Het is ondertussen alweer over half vier, dus we vinden het wel tijd om de nacht af te sluiten richting Meijendel te gaan. Onderweg zien we vanaf de snelweg bij Delft enkele OOIEVAARS (32) op hun nest staan, waarna we in Meijendel aankomen met als gemiste nachtsoorten alleen steenuil, patrijs en snor. Voor alle drie hebben we nog wel plekjes en kansen, dus de hoop is er dat we die vlekjes nog wel wegwerken.

Iets over vieren komen we aan bij de parkeerplaats Kievitsduin in Meijendel, waar in het maanlicht vele nachtegalen het nachtelijk duister in schetteren. Na een minuutje of 10 horen we in de verte opeens de derde uil van de dag, een mannetje BOSUIL (33) laat van zich horen, en even later krijgt hij bijval van nog wel 2 exemplaren. Om half vijf begint de eerste ZANGLIJSTER (34) door de nachtegalen heen te schetteren, en een klein half uurtje later zet een HOUTDUIF (35) in. Een houtsnip komt tot onze grote spijt niet langs terwijl we staan te koukleumen, het is immers maar net boven het vriespunt.
Maan gaat onder in Meijendel
We rijden nu een stukje de duinen in, in de hoop dat bij wat open plekken de houtsnip lukt. Dat is niet het geval, maar wel schrijven we KOEKOEK (36), ROODBORST (37), MEREL (38) en de eerste GEKRAAGDE ROODSTAART (39) bij. Weer terug naar de parkeerplaats zit er een BRAAMSLUIPER (40) en TUINFLUITER (41) te zingen, en in een naastgelegen tuin tikken we GOUDHAAN (42), VINK (43), ZWARTE KRAAI (44), ZWARTKOP (45), KOOLMEES (46) en BOOMKRUIPER (47) binnen. Inmiddels is het wel tijd voor de wandeling door de duinen, en klokslag 6 uur lopen we het duin in  bij de pannekoekenboerderij.

Rondom de parkerplaats schettert een WINTERKONING (48), stoeien 2 HEGGENMUSSEN (49) en vliegen er wat SPREEUWEN (50) en ZILVERMEEUWEN (51) over. Net in de duinen horen we gelijk een spannende roffel, en niet lang daarna een kekkerende roep: KLEINE BONTE SPECHT (52), daar hadden we niet direct op gerekend! Tijdens de wandeling naar de zeereep gaat het vlot met de soorten en schrijven we ook nog GROTE BONTE SPECHT (53), GROENE SPECHT (54), TJIFTJAF (55), STAARTMEES (56), KLEINE MANTELMEEUW (57), FITIS (58), AALSCHOLVER (59), GRASMUS (60), TAFELEEND (61), EKSTER (62), HOLENDUIF (63), GRASPIEPER (64), GELE KWIKSTAART (65), KNEU (66) en PIMPELMEES (67). Naast de enkele gele kwikstaarten is er vrijwel geen landtrek, dus we kijken half uurtje over zee. Dat levert nog ROSSE GRUTTO (68), VISDIEF (69), ZWARTE ZEEËEND (70), STORMMEEUW (71), 2 JAN-VAN-GENTEN (72) en 2 GROTE STERNS (73) op, en op het strand staan nog een GEELPOOTMEEUW (74) en GROTE MANTELMEEUW (75). Teruglopend richting de auto staat er in de zeereep een TORENVALK (76) te bidden, zien we enkele ROODBORSTTAPUITEN (77) en 2 'normale' TAPUITEN (78), en jubelt een BOOMLEEUWERIK (79) boven onze hoofden. Een GIERZWALUW (80) en een paar BOERENZWALUWEN (81) trekken over en een groepje GAAIEN (82) is aan het stoeien in het duin terwijl 2 BUIZERDS (83) toekijken als we een groep KROONEENDEN (84) bij kunnen schrijven. Op de wandeling heen hadden we GLANSKOP (85) gemist, maar nu lukt die op de terugweg gelukkig wel! Ook vliegen er wat KAUWEN (86) over die we nog mistten.
Zonsopkomst in de duinen
Om kwart over acht rijden we Meijendel uit om in de naastgelegen tuin een poging te wagen voor kuifmees, appel- en goudvink, boomklever, grote lijster en wellicht al grauwe vliegenvanger. Bij de eerste stop zien we gelijk al een mannetje GOUDVINK (87) en een overvliegende APPELVINK (88) tikken we gelijk af, dit hadden we niet verwacht! Kuifmezen werken helaas niet mee, maar wel zien nog een tweede goudvink en wat goudhanen, maar die hadden we al... In een tuin een stukje richting het zuidoosten roept een BOOMKLEVER (89) en is een zingende BOOMPIEPER (90)  een aangename verrassing!

Inmiddels is het 9 uur dus rijden we nog snel even naar de Horsten in de hoop op Raaf. Die zien we helaas niet, maar we schrijven hier nog wel GROENLING (91), PUTTER (92) en WITTE KWIKSTAART (93) bij. We besluiten dat het mooi geweest is bij Den Haag en rijden richting de Reeuwijkse plassen. Onderweg gaan we er nog even af bij Bleiswijk waar de PATRIJZEN (94) nu gelukkig wel rond lopen, ook schrijven we hier HUISMUS (95) bij. Reeuwijk is een deceptie en het enige wat we uiteindelijk bijschrijven is TURKSE TORTEL (96), snel weer door dus. Het Doove gat is de volgende bestemming en daar gaat het gelijk erg lekker, +18 om precies te zijn: GROTE ZILVERREIGER (97), BRUINE KIEKENDIEF (98), ZWARTE STERN (99), LEPELAAR (100), BONTBEKPLEVIER (101), GROENPOOTRUITER (102), ZOMERTALING (103), BERGEEND (104), OEVERLOPER (105), KEMPHAAN (106), SMIENT (107), SNOR (108), ZWARTE RUITER (109), WINTERTALING (110), WATERSNIP (111), RINGMUS (112), REGENWULP (113)  en als grootste verrassing een KROMBEKSTRANDLOPER (114).
Grote zilverreiger
Krombekstrandloper
We rijden hierna door de Krimpenerwaard richting Rotterdam. Op twee plekken zijn tot onze grote spijt geen steenuilen aanwezig, en als we de polders uitrijden hebben we die dan ook nog steeds niet op zak. Wel zien we nog een SPERWER (115), PURPERREIGER (116), KLUUT (117) en VELDLEEUWERIK (118). Om half twee komen we aan in de Rietputten bij Vlaardingen waar we één BAARDMAN (119) tegenkomen. Daarvoor mistte we al wielewaal en hadden we een kleine twee uur niks nieuws, dus de motivatie was ver te zoeken.

Het pontje naar Rozenburg kunnen we gelukkig vrijwel gelijk oprijden, waarna we richting de Beninger Slikken gaan, een gebied met veel potentie. Onderweg zien we nog OEVERZWALUW (120) en ZWARTKOPMEEUW (121) en in het gebied aangekomen blijkt het tegen te vallen. Er is door het mooie weer veel trilling dus met wat verre steltlopers kunnen we niks. We schrijven nog wel ROUWKWIKSTAART (122) en BONTE STRANDLOPER (123) bij. Nog steeds was de puf er niet echt, we moesten weer een plek hebben waardoor we weer wat energie zouden krijgen, want zo schoot het toch niet erg op. En die 150 moest toch wel te doen zijn....

Onderweg naar het Oostvoornse meer vloog een welkome ROEK (124) over de auto, dat is prettig! Een haviknest bij Oostvoorne blijkt leeg dus dan moet het op het meer maar gaan gebeuren. Snel vindt Herman een BRILDUIKER (125) vanaf Slag Stormvogel, en Slag Bergeend is goed voor MIDDELSTE ZAAGBEK (126), 2 NOORDSE STERNS (127) en gelukkig ook 2 ZEEKOETEN (128)! Dat ging dus toch opeens lekker, zeker als er bij Slag Baardmannetje nog een KLEINE ZILVERREIGER (129) staat. Ook bij de Westplaat is het niet slecht met EIDER (130), STEENLOPER (131) en DWERGSTERN (132). Wat verre steltlopers konden we wederom door de trilling niet afmaken, maar we hadden er weer zin in en nu moesten we die 150 halen ook!

Bij de Kwade Hoek kunnen we ondanks de trilling nog net DRIETEENSTRANDLOPERS (133) en ZILVERPLEVIEREN (134) bijschrijven, waarna we in 1 ruk doorrijden richting de Brouwersdam. Onderweg zien we nog ROTGANS (135) en op de Brouwersdam ligt de ZWARTE ZEEKOET (136) gelukkig al op de dam te wachten. Snel dus weer richting Goedereede, maar het groepje aangeschoten kolganzen in de Koudenhoek blijkt onvindbaar. Wel vliegt er dan eindelijk een WULP (137) over zien we bij Markenje een paartje STRANDPLEVIER (138). Verder is het hier natuurlijk ook leuk vogelen met dwergsterns, vele zwartkopmeeuwen, rosse grutto's en zilverplevieren. We moeten echter verder en hoeven nog maar 12 soorten, dat moet toch wel lukken? Het is inmiddels kwart voor zes dus nog ruim 3 uur te gaan.

Bij Dirksland hadden we nog een plek voor GROTE LIJSTER (139), maar voordat we er zijn vliegt er al eentje over de auto, lekker! We checken onderweg vele plasjes waar we langs rijden, maar bij Herkingen is het eindelijk raak: 3 TEMMINCKS STRANDLOPERS (140) lopen hier namelijk rond. Verder missen we ook nog steeds kleine strandloper, kanoet en bosruiter dus er is nog wel wat te halen...
Plasje bij Herkingen 
Bij de Slikken van Flakkee zie we aardig wat steltjes als we de dijk overlopen, maar die worden vrijwel gelijk opgejaagd door een langs jakkerende SLECHTVALK (141). Snel dus weer verder richting Battenoord, waar we zowaar weer een roofvogel binnen tikken, deze keer een naar noord spoedend SMELLEKEN (142). We rijden hierna door richting de Noorder Krammer door een tip van Dirk van Straalen van een paartje grote zeeëend en toppers. Bij aankomst duurt het niet heel lang voordat we het paartje GROTE ZEEËENDEN (143) zien zwemmen, erg fraai! De toppers laten zich niet zien, maar dankzij zo'n 25 GEOORDE FUTEN (144) en een roepende HAVIK (145) kunnen we totaal 3 soorten bijschrijven.

Een stukje naar het oosten is één van de twee aanwezige zomerkleed IJSDUIKERS (146) snel gevonden, maar tussen de hier aanwezige zwarte sterns en steltlopers kunnen we helaas geen andere nieuwe soorten als witgat of dwergmeeuw vinden. Snel dus maar verder richting Numansdorp waar de hele dag al 4 flamingo's aanwezig zijn. Het is nog maar kwart over zeven dus die 150 moeten we halen!

Vlak voordat we bij Numansdorp de dijk afdraaien richting de Oosterse Bekade Gorzen vliegen er bij een boerderij opeens 3 HUISZWALUWEN (147), eindelijk toch nog deze soort! In het gebied zelf zijn de FLAMINGO'S (148) snel gevonden, en staan we luttele minuten later op de 150 door 2 KLEINE STRANDLOPERS (149) en eindelijk ook BOSRUITER (150).
Flamingo's
Om acht uur vertrekken we weer om de dag maar af te sluiten op IJsselmonde. De BUFFELKOPEEND (151) werkt uitstekend mee op de Gaatkensplas, en een PAAPJE (152) in H.I.Ambacht doet dat ook. Om klokslag 9 uur komen we aan bij de Veersedijk waar we vanuit de rijdende auto de ZWARTE ROODSTAART (153) al op de nok van een schuurtje zien zitten. De laatste soort die we uiteindelijk bijschrijven is een slapende PONTISCHE MEEUW (154) op de Sophiapolder, en we vinden zowaar hier nog een rosse grutto, een goeie soort voor IJsselmonde.

Het is nu 21:15 en we hebben het wel aardig gehad. De 160 gaan we toch niet meer halen dus we laten de steenuil schieten, het is mooi geweest! Met 154 soorten zijn we zelf uitermate tevreden voor de eerste keer. Grootste missers waren overigens ijsvogel, witgat en steenuil, maar goed, je kan niet alles hebben en volgend jaar misschien voor de 160?

dinsdag 28 april 2015

Leuke voorjaarsgasten bij de Gaatkensplas

Afgelopen zaterdag zat het weer niet echt lekker mee, en een rondje met Laurens van de Wind en Laurens van der Padt door de Zwijndrechtse Waard leverde naast het eerste paapje en gekraagde roodstaart en wat snorren, niet veel op. 's Middags was de Sophiapolder nog goed voor wat pontische meeuwen, een laat paartje pijlstaart, nog 10 bontbekplevieren, 2 zwartkopmeeuwen en 2 lepelaars die met takken liepen te slepen in de visdievenkolonie... 's Avonds resulteerde een twitch naar de poelruiter in het Doove gat, bij Haastrecht, alleen in wat jaarsoorten in de vorm van zwarte stern, bosruiter en temmincks strandloper.
Lepelaars
Zwarte sterns
Vanmiddag zijn er bij de Gaatkensplas zowel een noordse als engelse kwikstaart gevonden. Aangezien ik het leren voor mijn tentamens wel een beetje zat ben besluit ik deze maar even te gaan bekijken. Beide kwikken zijn in de niet al te grote groep snel gevonden, erg fraaie beesten toch die mannetjes! Ook een adult en 2kj dwergmeeuw laten zich nog mooi bekijken boven de Gaatkensplas, geen onaardig plekje zo!
Noordse kwikstaart

zaterdag 18 april 2015

Thayers meeuwdip met veel leuke meeuwen

Voor vandaag stond in eerste instantie een rondje door Noord-Holland op het programma, waarbij we eerst zouden beginnen bij de zandsuppletie van Bergen aan Zee. Herman van den Brand, Laurens van der Wind en Laurens van der Padt hadden de thayers meeuw immers nog niet op zak en ook gezien de aanwezige mogelijke adult kumliens meeuw, was er reden genoeg voor mij om in te stappen.
Zandsuppletie Bergen aan Zee
Rond acht uur zijn we in Bergen aan Zee waarna het meeuwenkijken weer kan beginnen. We zijn met genoeg man, dus de verwachting is dan ook dat de thayers meeuw wel vlot gevonden zal worden. Dat blijkt echter tegen te vallen, en de eerste meeuw die de vogelaars doet opleven is een 2kj kleine burgemeester, ook zeker geen lelijk beestje!
2kj kleine burgemeester
Niet veel later is het echter de adult kleine burgemeester (en mogelijk dus een kumliens) die de show steelt, wat een fantastisch beest! Mijn eerste adulte burgemeester op Nederlandse bodem en laat zich ook nog eens uitzonderlijk fraai bekijken. Super!
Adult kleine burgemeester
Uiteindelijk is het half drie, en de thayers meeuw is nog steeds niet in beeld geweest. We besluiten het maar voor gezien te houden en gooien de handdoek in de ring. Op dat moment hebben we echter al wel weer 78 geringde meeuwen afgelezen uit Noorwegen, Finland, Denemarken, Polen, Duitsland, Nederland, België, Engeland en Schotland. Het zijn voornamelijk zilver- en kleine en grote mantelmeeuwen.
Schotse zilvermeeuw Y-T80K
Duitse kleine mantelmeeuw Y-H63H
Duitse zilvermeeuw G-HLH7 en Deense grote mantelmeeuw N-JYA88
Deense grote mantelmeeuw N-JYA88
Texelse kleine mantelmeeuw G-FATV
Deense kleine mantelmeeuw B-VT9U
Nederlandse zilvermeeuw G-Z6
Daarnaast we lezen ook nog 2 Duitse en 3 Poolse pontische meeuwen af, dat zijn altijd de leukste! Van deze laatste soort zitten er dan ook tientallen, en eenmaal had ik er zelfs 5 in 1 beeld! Geelpootmeeuwen waren wat dunner gezaaid met uiteindelijk zo'n 5 exemplaren.
Poolse pontische meeuw G-P493
Poolse pontische meeuw R-30P4
Poolse pontische meeuw R-11P3
Duitse pontische meeuw G-XUDD
We rijden hierna gelijk weer richting Zuid-Holland en hebben het behoorlijk gehad in Noord-Holland. Een paartje steltkluten nabij Berkel- en Roderijs trekt ons echter nog wel van de snelweg af, en naast deze fraaie Zuid-Europese steltlopers kan ik hier ook zomertaling en tapuit op de jaarlijst bijschrijven.

Al met al jammer dat de thayers meeuw vandaag niet meewerkte, maar gelukkig konden de veel fraaiere adult kleine burgemeester en de vele afgelezen ringen de pijn enigszins verzachten.

woensdag 15 april 2015

Thayers meeuw!

Afgelopen zaterdagavond vond Leon Edelaar een Thayers meeuw bij een strandsuppletie nabij Egmond aan Zee, een nieuwe soort voor Nederland! Thayers meeuw is een broedvogel van het noorden van Canada, en was vroeger een ondersoort van de kleine burgemeester. Zondag was de suppletie inmiddels gestopt, maar de vogel bleek nog wel aanwezig. Maandag verplaatste de zandsuppletie zich naar Bergen aan Zee, en daar werd dan gisterenavond de vogel teruggevonden.

Vanochtend stapte ik dus in de eerste trein vanaf Rhenen richting Heiloo, vanwaar het nog een half uurtje fietsen is. In de trein krijg ik al te horen dat de vogel weer gezien is vanochtend, dus vol goede moed loop ik rond half negen het strand op. Daar wordt ik ontvangen door werkelijke duizenden zilvermeeuwen, normaal iets waar ik wel vrolijk van wordt maar nu is het toch aardig in het nadeel...

Op de eerste foto's van de soort had ik het vermoeden hem er nooit tussen uit te kunnen vissen, maar na goede bestudering van de vele platen van afgelopen zondag, zou dat toch wel moeten lukken. De vogel is alleen al weer een tijd uit beeld, dus met nog zo'n 30 man kan het scannen beginnen. In de groep lopen flink wat ponten, en de eerste die ik zie is gelijk een geringde: eentje uit Polen. Daarnaast lees ik  ook nog een pontische meeuw af uit Duitsland, G-XLEN.
3kj pontische meeuw Y-PNSE
Tijdens het scannen van de meeuwengroep kom ik uiteraard nog veel meer geringde meeuwen tegen, en die kan ik uiteraard niet zo laten lopen. Uiteindelijk lees ik er naast de ponten nog 28 zilver-, storm-, kleine mantel- en grote mantelmeeuwen af, uit Finland, Noorwegen, Engeland, België, Duitsland en Nederland uiteraard. Ook zie ik een vijftal vogels die ook rondliepen op de zandsuppletie van Scheveningen, en een bekende zilvermeeuw van de vuilstort in Barneveld.
Amsterdamse lichte zilvermeeuw BN-9X
Tot half twaalf is de thayers meeuw twee keer kort in beeld en laat hij zich zien aan een gedeelte van de groep omdat die op een verhoging stond. Rond half twaalf wordt de vogel mogelijk naast me gezien, en gelukkig heb ik de vogel snel in beeld en kan ik de waarneming bevestigen. Binnen!!
Zandsuppletie
Na enkele minuten verdwijnt de vogel dan weer in de meeuwenmassa, dit is immers alweer tijdens een suppletie, en het duurt dan ook weer een tijd voor de vogel weer in beeld is, ondanks dat bekend is waar de vogel ongeveer rondhangt. Een half uurtje later pik ik de vogel zelf uit de groep, waarna die zich zo'n 5 minuten fraai liet zien. Het uitleggen aan de medevogelaars waar de vogel precies loopt is echter niet te doen. Na een tijdje vliegt de vogel op, waarbij mooi de vleugels en ook de lichte staart zichtbaar zijn, om weer in de massa te verdwijnen.

Hierna wordt de vogel pas weer teruggevonden als de zandsuppletie is gestopt en hij in een grote groep meeuwen staat te rusten. Opvallend genoeg was de vogel soms nu ook even kwijt omdat die hard kon rennen en zo nu en dan onzichtbaar lag. Desalniettemin liet hij zich zo bijzonder fraai bekijken, ook omdat hij regelmatig wat flapperde.

2kj Thayers meeuw
Rond half twee heb ik het echter wel gezien op het strand, de wind is ondertussen ook aangetrokken dus ringen aflezen valt niet mee,Dankzij een lift van Albert de Jong ben ik rond een uurtje of vier weer terug in Rhenen met de tweede lifer van het jaar op zak!

zaterdag 11 april 2015

Het voorjaar is daar!

Eindelijk is het echte voorjaar dan gearriveerd met de afgelopen dagen weer overal beflijsters en andere aankondigers van de zomer. Vandaag dus echt weer eens tijd voor een rondje op de fiets, maar het weer zat vandaag weer even niet mee, zoals de afgelopen zaterdagen helaas.


Rond half acht fietsen Laurens van der Padt, Laurens van de Wind en ik eerst richting Polder Sandelingen, waar ik twee jaarsoorten kan bijschrijven in de vorm van purperreiger en regenwulp. Hierna doen we voor het eerst sinds lange tijd Waalbos weer eens aan. Dit blijkt ook geen verkeerde keuze, want ook hier zien we weer een tweetal regenwulpen, twee witgatjes, een gele kwikstaart, ijsvogel en de eerste beflijster van het jaar. Op een paardenweitje iets verderop blijkt even later een groepje van 3 te lopen, en er vliegt nog een exemplaar over. Het blijven fraaie vogels!
Beflijsters
Eenmaal richting de Devel betrekt de lucht behoorlijk en vallen de eerste spettertjes van de ochtend. Langs de Devel zit net als gisteren een snor te zingen, en verder laten de andere gearriveerde rietsoorten van zich horen. Als we weer verder fietsen pikt Laurens van de Wind opeens een visarend op, die bijna recht over komt. De eerste weer van het jaar, gaaf!

Visarend Fotograaf: Laurens van der Padt
In het Buitenland van Heerjansdam, de Zuidpolder en Polder de Hooge Nesse is het hierna rustig met nog een enkel witgatje, wat gele kwikstaarten, blauwborsten en roodborsttapuiten. Het gaat nu echter flink harder regenen, dus rond half twaalf zitten we weer thuis. Het klaart vervolgens weer snel op en zo zitten we om twaalf uur weer op het pontje richting de Sophiapolder. Het is afgaand tij, dus de verwachtingen zijn hoog gespannen.

Op het eiland lopen nog steeds honderden grutto's, waar we er vandaag zowaar ook nog 2 van kunnen aflezen. Verder lopen er nog wat tureluurs, kemphanen, 3 witgatjes, 47 kluten, 2 bonte strandlopers en 2 groenpootruiters rond. Tussen de kleine mantels weten we nog 6 ringen van Roland-Jan Buijs af te lezen, waarvan zowaar twee nieuwe voor het gebied. Ook lezen we nog een kokmeeuw van Frank Majoor af, pas de tweede afgelezen kokmeeuw voor het gebied.
'Buijsje' 
'Majoortje'
Qua eenden is het ook nog steeds erg druk. De smienten zijn al vertrokken, maar zo'n 750 wintertalingen zwemmen er nog rond, net als een kleine 20 pijlstaarten. Opvallend is ook dat er nu enkele slobeenden rondzwemmen, een soort die we niet veel op het eiland zien.

Rond 3 uur verlaten we het eiland weer als een nieuw regenfront zich aankondigt. Het voorjaar is nu wel echt losgebarsten wat vandaag de eerste beflijsters, visarend en enkele andere zomergasten meer. 

vrijdag 10 april 2015

Gevarieerd voorjaarsdagje

Vandaag ben ik vrij dus gisterenavond was ik alweer naar Ambacht gekomen. Een snel rondje in de vallende schemer leverde zo wel mijn eerste blauwborsten en een rietzanger op voor mijn IJsselmondejaarlijst. Het voorspelde weer voor vandaag was prachtig, dus rond 7 uur fiets ik het huis uit richting de Devel, in de hoop op wat rietsoorten.

Het is behoorlijk mistig als ik Ambacht uit fiets en dat blijft ook wel tot een uurtje of 9 het geval. Langs de Devel zingen de volop gearriveerde blauwborsten en rietzangers de sterren van de hemel. Ook blijken de eerste snor en gele kwikstaart gearriveerd, maar hoor ik helaas geen roerdomp.
Devel
Langs de Oude-Maas en bij het Buitenland van Rhoon zie ik nog enkele kleine plevieren, 2 ijsvogels, een witgatje en er zingen wat roodborsttapuiten. Een belletje van Herman van de Brand brengt mijn geplande rondje in verwarring, er is namelijk een blauwstaart gevonden in de duinen bij Noordwijk! Een goeie soort had ik één dezer dagen wel verwacht, maar een blauwstaart toch echt niet. Herman is ook vrij, en zo zit ik even later bij hem in de auto richting weer een nieuwe voor onze Zuid-Hollandlijst.

In de buurt van Noordwijk begint het opeens weer gruwelijk te misten, en ook in de duinen is dat niet anders. Als we op de plek aankomen en de vogelaars uit de mist zien opdoemen blijkt de vogel helaas net een duintje overgevlogen; uit beeld. Na een ruim kwartier wachten is de vogel toch opeens weer in beeld en kunnen we genieten van dit fraaie zangvogeltje uit Finland.
Plek blauwstaart
Blauwstaart
Met deze fraaie Zuid-Hollandsoort rijker rijden we rond een uur of 12 weer weg bij de zee. Als ik na een tijdje binnen zitten naar buiten wil word ik gebeld door Roland-Jan Buijs om eens in de kolonies van Moerdijk te komen aflezen. Daar had ik wel oren naar en vanaf 4 tot 6 uur lezen we een berg tibia's in de kolonies van Moerdijk waar al de geringde kleine mantels uit Ambacht en Zwijndrecht vandaan komen. Leuk om de meeuwen zo in kolonie eens te zien!
Kleine mantelmeeuw N-RY
Kleine mantelmeeuw R-SB
Na het eten is het nog steeds erg mooi weer, dus een ik fiets nog even naar de Sophiapolder. Die ligt er uiteraard weer schitterend bij, en vogels zitten er ook genoeg. Leuk genoeg staan bij de inlaat een tweetal zwartkopmeeuwen, die zien we zelden aan de grond in de polder! Verder lopen er nog steeds zo'n 750 grutto's, een bonte strandloper en ook de eerste twee groenpootruiters weer. Vanaf de dijk van de polder zie ik ook nog hoe een tweetal varende opzichters genieten van de rijkelijk gevulde polder. 

Al met al dus weer eens een behoorlijk gevulde dag, met veel leuke soorten weer met als topper nog wel die blauwstaart natuurlijk! 

zaterdag 4 april 2015

Wachten op de 'echt' lente

Nog steeds is het erg rustig in het land, en ook op IJsselmonde is er nog bijzonder weinig te beleven. Vanochtend blijft het volgens de buienradar dan ook nog eens licht regenen, dus nog geen tijd om op de fiets te stappen. In de auto zit je natuurlijk wel droog, dus met Laurens van der Padt rijd ik maar een rondje over IJsselmonde.

Rotterdam-Zuid levert naast een leuke geringde Noorse kleine mantelmeeuw en een fraaie 3kj geelpootmeeuw niks op, waarna we door de Albrandswaard terug richting Ambacht rijden. In de polders is het ook erg rustig, maar boven de Gaatkensplas scoren we nog een oeverzwaluw als jaarsoort. Een rondje door het nieuwe Buitenland van Heerjansdam levert nog wat kleine plevieren en waterpiepers op, maar dit kan in de nabije toekomst wellicht nog wel betere soorten opleveren!

3kj geelpootmeeuw
Rond een uur of elf is het weer droog en besluiten we de Crezéepolder maar weer aan te doen. De werkzaamheden liggen in het weekend stil, dus niks weerhoudt ons om de hele polder door te stampen. Dat levert een aantal paartje kleine plevieren en een tiental tureluurs op, maar dat zijn ook de enige vogelsoorten die ons herinneren aan het feit dat het april is. Verder is het maar guur weer en zitten er wat rietgorzen, kneuen, gras- en waterpiepers, veldleeuweriken, watersnippen en een laat bokje.

De volgende bestemming is zoals gewoonlijk de Sophiapolder. Op het eiland is het echter ook erg rustig. Op het eiland zien we nog een kleine 70 grutto's, 25 kluten, een geelpootmeeuw en de eerste lepelaar weer. Erg rustig dus nog steeds op het eiland.
Kluten
Vanavond 'moeten' we weer naar de Sophiapolder, maar nu voor een slaapplaatstelling. Die telling levert uiteindelijk ruim 200 grote meeuwen op, waaronder een zevental pontische meeuwen. Een waarschijnlijk bekende Wit-Russische pontische meeuw kunnen we helaas niet aflezen, en verder staan er ook geen spannende vogels tussen de meeuwen.

Al met al dus weer een erg rustig dagje, het is wachten totdat de wind gaat draaien en er wat meer binnen gaat komen vanuit het zuiden!