woensdag 28 juni 2023

Plantjes in Gelderland en een nieuwe ZH-soort!

Aan het eind van de ochtend had ik een afspraak op de Veluwe. Een mooie gelegenheid om nog weer wat nieuwe plantensoorten die in het midden van het land op te zoeken, zodat ik wat eerder besluit te vertrekken. Het is wat miezerig als ik bij Zeist de eerste nieuwe soort van de dag zie: drijvende waterweegbree. Geen heel bijzonder ogend plantje, zodat ik niet veel later koers zet richting Amersfoort. In een nieuwbouwwijk aldaar zijn veel kademuren aanwezig, met veel verschillende muurvarens. Recent is daar ook noordse streepvaren ontdekt, een herontdekking van een uit Nederland verdwenen soort. Erg leuk om deze soort dus op te zoeken en op niet al te verre afstand staat ook nog sierlijk vetkruid op een geluidswal. 

Sierlijk vetkruid
Noordse streepvaren

Op de Veluwe zie ik na een korte boswandeling even later een groeiplaats van kleine wolfsklauw. Eén van de weinige groeiplaatsen van deze zeldzame soort, wat toch net als de andere soorten wolfsklauwen wel een aparte verschijning is. Mooie plant! Wat indrukwekkender zijn even later vlakbij de locatie van mij afspraak een aantal vliegend herten. Deze grote keversoorten drinken het sap van 'bloedende' eiken, en ik tref zowaar vijf exemplaren op een (op het oog) met de hand gemaakte wond in een eik. Door deze schitterende insecten waar daar dus gelijk goed gebruik van gemaakt! 

Kleine wolfsklauw

Vliegend herten

De terugweg vanaf de Veluwe ga ik een oostelijke route, waarbij ik bij Ewijk een paar strofes van de daar bekende struikrietzanger hoor. De soort doet het natuurlijk erg goed de laatste jaren, en ook dit jaar zijn weer meerdere exemplaren van deze zeldzaamheid uit Oost-Europa opgedoken. Wat dat betreft is er in de afgelopen tien jaar veel veranderd, ik kwam eigenlijk niet eens voor deze zeldzaamheid. In de uiterwaarden groeit namelijk ook knolribzaad en ook graskers, maar voor deze laatste soort was ik nog wat te vroeg. 

Knolribzaad

Als laatste ga ik bij Neerrijnen nog even van de A15 af. Bij Kasteel Neerrijnen is namelijk één van de weinige groeiplaatsen van breed klokje. De zeldzaamheid staat gelukkig nog volop in bloei, zodat ik zonder al te veel moeite de exemplaren heb gevonden. 

Breed klokje

Vanavond bracht ik ten slotte na gierzwaluwonderzoek in Noordwijk nog een bezoekje aan de Noordwijkse duinen. Overal hoor ik duinsabelsprinkhanen zingen als ik rustig door het duin fiets, maar gelukkig zie ik even later ook in de schemer over het fietspad flappen waar ik voor kwam: nachtzwaluw! Niet veel later hoor ik ook een exemplaar zingen! Voor mij is het de eerste keer dat ik deze soort in Zuid-Holland zie, wat de soort heeft zich hier nog maar enkele jaren gevestigd. Erg leuk om deze nu ook binnen de provinciegrenzen te kunnen zien en horen! Uiteraard maken een houtsnip, bosuil en rosse vleermuis het avondkwartet hier nog compleet. 

dinsdag 27 juni 2023

Pruimenpage in Vijlen

Deze week deed ik echt de laatste broedvogeltellingen, wat bij Ouddorp nog weer wat schitterende zomertortels opleverde.  Ook hadden de strandplevieren en dwergsterns jongen, terwijl op het strand honderden meeuwen stonden met daartussen onder andere een Tsjechische Pontische meeuw. Leuk was ook een geringde kluut aldaar, maar helaas geen exemplaar die ik geringd heb... 

Zomertortel

Kluut WJB0

Vrijdag kon ik op IJsselmonde nog drie nestjes met kerkuilen ringen, met resp. 1, 3 en 4 jongen. De ringer die de nestjes eerder voor haar rekening nam is ermee gestopt, dus hopelijk gaat het lukken om de trend de komende jaren door te zetten. Schitterende beesten natuurlijk! De jongen bleken overal wel behoorlijk ondermaats en ook waren de aantallen jongen niet hoog. Wat een goed jaar leek te worden qua muizen is wellicht door het natte voorjaar toch aardig ingestort?! 

Jonge kerkuilen

Vanochtend besloot ik voor de verandering eens gewoon naar Zuid-Limburg te rijden. Afgelopen week was bij Vijlen een pruimenpage ontdekt, een soort die al tientallen jaren uit Nederland was verdwenen. In de dagen erna bleken er zeker wel drie exemplaren rond te hangen, dus waarschijnlijk is er sprake van een populatie. Afgelopen zaterdag kwam het niet uit om af te reizen naar het zuiden, maar vandaag kan het wel. Om half elf loop ik dan ook op het holle weggetje aan de noordkant van het Vijlenerbos te zoeken naar deze zeldzame page, die met name op sleedoorn zit. 

Veel sleedoorn langs de holle weg

Het is een schitterende plek met volop geelgorzen, grauwe klauwieren en spotvogels. Qua vlinders vliegen er volop dikkopjes en bruine zandoogjes, maar het weer is niet ideaal. Het zonnetje schijnt wat tussen de wolken door en het is niet bijzonder warm, maar goed genoeg voor de pages om te vliegen zou je zeggen. Gelukkig vind ik na zo'n 20 minuten zoeken een exemplaar in een sleedoorn zitten. Deze blijft daar vervolgens drie kwartier zitten en laat zich in die tijd goed bekijken! Het is een wat afgevlogen exemplaar, maar erg blij met het vinden van deze nieuwe soort. Blijft toch leuk om een nieuwe vlindersoort in Nederland te zien! 


Pruimenpage

Op de terugweg naar de auto tikken we nog even bittere scheefbloem in. Een zeldzame plant die hier toevallig op een stukje kale grond is ontdekt en waarvan geen vaste groeiplaatsen bekend zijn. Leuk! Verder doen we niet veel in Limburg, komen nog wel meerdere rode wouwen en een langsvliegende bramenparelmoervlinder tegen, en zijn zodoende weer bijtijds thuis. 

Bittere scheefbloem

zaterdag 17 juni 2023

Kluten en spoorkrekels

Ondertussen is het alweer half juni geworden, dus de broedvogeltellingen lopen nu op z'n eind. Deze week was bijvoorbeeld ook onze laatste BMP op Tiengemeten, wat met visarend, zeearend, zwarte ibis, grauwe klauwier, casarca's, reuzenstern en grote sterns schitterend werd afgesloten. Gisterenochtend leverde het onderzoek naar kievitkuikens nog onverwachtse een velduil op in de Zegenpolder, zodat ook in juni nog genoeg verrassingen op de loer blijken te liggen. Over het algemeen wordt het natuurlijk wel flink rustiger op vogelgebied, zodat ik dan toch weer vaak overstap naar planten. Het blijft toch een leuke zomerse bezigheid om de plantenlijst aan te vullen, zoals ik pas kon doen met aardkastanje bij Middelburg waar ik in de buurt moest zijn.

Aardkastanje

Gisterenmiddag was de jaarlijkse vangactie weer voor kluten op de Sophiapolder. Dit jaar broedde er zo'n 60-70 paar van deze schitterende steltlopers op het eiland, nadat ze vorig jaar ook succesvol in flinke aantallen hadden gebroed. Enkele paartjes hebben het wel eerder geprobeerd in de Crezéepolder dit jaar, maar daar is nu geen ei uitgekomen. Op de Sophiapolder liepen echter behoorlijk wat families, en mede dankzij het opkomende tijd lukte het om 24 grote jongen te kunnen vangen en ringen. 




Geringde kluten ©Bas Verhoeven


Alle exemplaren kregen links een witte kleurring en rechts een blauwe kleurring met een teken daarop, net zoals de afgelopen jaren. Elk jaar ring ik zo'n 20 jonge kluten op IJsselmonde, en dat heeft toch al veel aflezingen opgeleverd. Meerdere exemplaren zijn teruggezien op overwinteringsplekken in bijv. Portugal, Frankrijk en Zuid-Engeland, terwijl broedvogels op diverse plaatsen in Nederland opduiken. In juli zijn dan juist weer meerdere aflezingen uit de Waddenzee, waar een deel van de kluten heentrekt om te ruien. Leuke resultaten dus, maar het koste ook vandaag weer behoorlijk inspanning om met bijna 30 graden door het slik te rennen om de kuikens te bemachtigen. Uiteindelijk bleken er zeker zo'n 40 jongen te staan, zodat we nog veel kuikens hebben gemist, maar een mooi groot deel wel hebben kunnen ringen. 
Kluut ringen ©Bas Verhoeven

Vanavond maakte ik nog een rondje voor akkervogels in de Zwijndrechtse Waard, wat weinig succesvol broedparen van scholekster en kievit opleverde. Wel hoorde ik op diverse plaatsen, ook in akkers, zingende spoorkrekels. Ze zaten gewoon in scheuren in de grond vanwege de droogte, opvallend! Sinds vorige week werden op het rangeerterrein Kijfhoek en in de omgeving daarvan enkele spoorkrekels waargenomen, maar ze blijken dus op veel meer plekken te zitten! Spoorkrekel is een zeer zeldzame krekelsoort die tot vorig jaar alleen bekend was van station Ede-Wageningen. Nu ze hier ook op veel plekken rondom het rangeerterrein blijken te zijn, is het wat mij betreft aannemelijk dat er op het rangeerterrein ook al jaren een populatie aanwezig is, waarvan exemplaren nu zijn uitgewaaierd naar de omgeving. Opvallend is het in ieder geval! 


Zanglocatie spoorkrekel

donderdag 8 juni 2023

Schitterende dag met roodmus én woudaapje!

Vanochtend stond ik in alle vroegte op de Brielse Gatdam voor mijn laatste BMP-ronde daar. Het was heerlijk weer, een schitterende ochtend en na een paar honderd meter werd ik al opgeschrikt door de kenmerkende zang van een roodmus in de verte. In Voornes Duin waren de afgelopen dagen al 2 roodmussen waargenomen, maar dit betrof weer een nieuwe locatie van de soort. De vogel bleef in eerste instantie helaas op afstand, maar op de terugweg zag ik 'm gelukkig ook nog even. Het betrof een jonge vogel, schitterend! De laatste keer dat ik een roodmus zag was alweer zeven jaar geleden, en altijd leuk om er dan nog eentje zelf te vinden! 

De telling was verder ook meer dan geslaagd met nog een schitterend, laag overvliegende reuzenstern en verder natuurlijk de gebruikelijke soorten als nachtegalen, goudvink, middelste zaagbek en zilverplevier. Ook een nestje met jonge boomleeuweriken was de moeite waard en als ik me goed herinner pas de eerste keer dat ik een nest van deze soort vind.

Nestje boomleeuweriken

Aansluitend tel ik nog een gebiedje in de binnenduinrand van Voorne, waar ik het ook niet kan laten om nog even te zoeken naar de veldparelmoervlinders. Sinds vorig jaar worden er opeens vrij massaal veldparelmoervlinders waargenomen in het gebied, waarvan de herkomst op z'n minst dubieus te noemen is. Deze zeldzame soort komt alleen in het oosten van Noord-Brabant en Zuid-Limburg voor en het is dan ook niet waarschijnlijk dat de soort hier op een natuurlijke manier is gekomen. Desalniettemin wel leuk om deze zeldzaamheid te zien, die zich hier dus wel succesvol hebben voortgeplant afgelopen jaar. 
Veldparelmoervlinder

Na een middag op de Utrechtse Heuvelrug met collega's met soorten als gevlekte witsnuitlibel, ringslang, kleine bonte specht en diverse plantensoorten, maakte ik vanavond nog een rondje door de Zwijndrechtse Waard om de stand op te nemen van de vervolglegsels van kievit. Dat viel echter bitter tegen en vrijwel nergens werd gealarmeerd. Ook de scholeksters lijken in tegenstelling tot vorig jaar massaal te zijn mislukt in het akkergebied. Aangezien de zon al langzaam ondergaat besluit ik nog even te gaan luisteren langs de Devel. Altijd een heerlijk moment zo in de avond met nog wat zingende snorren en wie weet zou de roerdomp zich nog laten horen.

Ik sta echter nog niet lang op de kruising van de Groenesteeg en de Develweg, als ik in de verte opeens het kenmerkende blaffen van een woudaapje hoor! Het klinkt uit de richting van de HSL-lijn, maar daar kan je helaas met geen mogelijkheid dichterbij komen. Van de vogel zien is dan ook geen enkele sprake helaas, maar erg gaaf om die kleine, zeldzame reigersoort hier eens te vinden. Niet alleen omdat ik nog nooit eerder een woudaapje vond, maar ook omdat het de grote waarde van de rietkragen langs de Devel maar weer benadrukt. Een kreek waar in 2019 bijvoorbeeld drie paar roerdompen zat, maar nu dus ook een woudaapje! Zo vind je dus een voorjaar niks, en zo een roodmus en woudaap op één dag. Het kan verkeren! 
Zonsondergang boven de Devel

zaterdag 3 juni 2023

Een kast vol oeverzwaluwen

Door de aanhoudende noordoostenwind blijft het droog, maar ook leuk met doortrekkers. Op de Sophiapolder zag ik zo afgelopen dagen nog een groep van acht zilverplevieren en ook elders in de Delta kwam ik nog aardig wat bontbekplevieren tegen. Leuk! In Rhoon zag ik op 1 juni bovendien nog een groepje van drie paapjes, die dus ook lekker laat nog een doortrekpiek laten zien. De insectentellingen zijn ondertussen ook weer begonnen, wat mij deze week een plasrombout opleverde. Een schitterende libellensoort die ik alleen meer dan tien jaar geleden eens zag, dus leuk om 'm weer eens tegen te komen! 

In Rhoon kon ik eergisteren nog twee vliegvlugge geringde kieviten aflezen en in de Zegenpolder werd ik ook aangenaam verrast door een invallende roerdomp. Een zwervende vogel? Vanochtend was ik ook weer in de polder voor de nieuwe kievitskuikens van vervolgnesten, maar na het ringen bezoek ik nog even de oeverzwaluwkast in de Koedoodseplas. Dat blijkt precies op tijd wat van de bijna twintig nesten staat meer dan de helft net op uitvliegen. Ik kan dus tientallen jongen ringen. Erg leuk om deze vogels zo in hun nestjes te zien en te volgen, iets waar je normaal gesproken bij oeverzwaluwen niks van meekrijgt. 





Jonge oeverzwaluwen en de oeverzwaluwkast

zaterdag 27 mei 2023

De tijd van kwartels, wulpenkuikens, vlotjes en scholeksters

De afgelopen twee weken stonden vooral in het teken van het kleurringen van bijna vliegvlugge kieviten. Een behoorlijk succes dit voorjaar en zeker meer dan 100 kuikens hebben kleurringen van mij gekregen! Naast de polders van Rhoon ringde ik ook kuikens in het Waalbos en in Oud-Reijerwaard. Vooral op deze laatste plek zijn dit voorjaar heel veel kuikens groot geworden, wat hopelijk ook weer voor veel terugmeldingen gaat zorgen! 

Kuiken verschuilt zich in de pootafdruk van een koe
Kievitkuiken G4OC

Vanwege de aanhoudende noordoostenwind strookt de steltlopertrek wat op en zijn er ook in de Delta behoorlijke aantallen bontbekplevieren. Zo nu en dan probeerde ik afgelopen weken dan ook wat slikgebieden te checken zoals de Beninger Slikken en de Leenherengorzenpolder. Tussen de tientallen bontbekplevieren daar zag ik nog een krombekstrandloper, wat dwergmeeuwen, late pijlstaarten en wat kleine strandlopers. 

Krombekstrandloper, bontbekplevieren en dwergmeeuw

Paartje pijlstaart

Afgelopen week was ik nog een dag in Drenthe om daar mee te kijken met collega's bij het zenderen van wulpenkuikens. Van de nesten die net uitgekomen waren konden we helaas geen kuikens vinden, maar een al wat ouder kuiken kwamen we nog wel tegen. Leuk om kuikens van zo'n andere soort te zien! De dag werd verder nog opgeleukt met mijn eerste wespendief van het jaar, een jagende zwarte wouw en op diverse plekken roepende kwartels. 
Wulp
Ook op IJsselmonde zijn de afgelopen dagen weer kwartels opgedoken. Een exemplaar in het Waalbos en in de Portlandpolder kon ik vangen met Rutger, dus ook dit jaar weer twee exemplaren van een ringetje kunnen voorzien. Blijven schitterende vogels natuurlijk, waarbij de mannetjes hier waarschijnlijk maar kort verblijven en bij afwezigheid van vrouwtjes weer doortrekken. 
Kwartel

Het BMP'en in Waalbos leverde naast de kwartels ook nog wat late zomergasten op als spotvogel en bosrietzanger, en ook de roerdomp liet nog van zich horen. Gisterenavond riepen vanaf de overkant (Wevershoek) mijn eerste jonge ransuilen weer van het seizoen. Hopelijk wordt het weer een goed jaar voor die soort! In het Waalbos staat ook weer een sloot schitterend in bloei door de waterviolier, iets wat op IJsselmonde maar sporadisch voorkomt en verder ook niet veel gezien wordt. 

Waterviolier

Vanavond ringde ik in het Waalbos nog een tweetal scholeksters die bijna vliegvlug waren. Mooi dat het ze hier gelukt is om kuikens groot te krijgen, want op de akkers op IJsselmonde lukt het dit jaar nergens. Niet in het Buijtenland van Rhoon en ook niet in de Zwijndrechtse Waard, helaas... In Oud-Reijerwaard kon ik eerder nog wel een kuiken kleurringen op het braakliggende terrein. 

Gekleurringde scholeksterkuikens 

Verder waren we vandaag nog druk om vlotjes uit te leggen in de Devel. De afgelopen jaren hingen er in juni vaak zwarte sterns rond, en omdat er veel waterplanten in het riviertje liggen dachten we dat het wellicht toch een poging waard zou zijn om vlotjes uit te leggen. De hoeveelheid waterplanten waren dit jaar echter wel wat minder door baggerwerkzaamheden, maar desalniettemin het proberen waard! Voorafgaand aan de vaaractie loop ik nog een rondje door het Develbos in de hoop op (nesten van) matkoppen, maar dat levert niks op wat matkoppen betreft. Met nog een late doortrekkende bonte vliegenvanger, appelvink (broedvogel) en een fraai overkomende wespendief was het echter zeker de moeite waard. 

Daarna was het erg leuk eens op de Devel te kunnen varen. Een schitterend gebied vanaf het water met de oevers rijk begroeid met waterscheerling. Hopen dat de zwarte sterns de vlotjes dit jaar weten te vinden, en anders weten we dat het niks gaat worden... 


Devel met vlotjes

Omdat we nu toch een fijn bootje tot onze beschikking hebben en het lekker weer is, vaar ik vervolgens ook het hele Waaltje af met Richard van Vugt. Een leuke bezigheid waarbij we eindelijk eens alle watervogels in kunnen stippen. En dat zijn er zoals we verwachtten veel... Totaal schrijven we 295 paartjes meerkoet en liefst 61 paartjes fuut op! Verder hier geen waterscheerling in de oevers en natuurlijk vele malen drukker dan langs de Devel, maar wel een paar plekjes met krabbenscheer. Al met al een lekker vaardagje zo! De roerdomp laat zich midden op de dag uiteraard niet zien langs het Waaltje, blijft toch bijzonder dat die (en vorig jaar een woudaapje) langs dit drukke water tot broeden komen. 

zaterdag 13 mei 2023

IJsselmonde Big Day 2023: 116 soorten

Dit jaar stond de Big Day op IJsselmonde weer eens wat later gepland: 13 mei. Een prima datum natuurlijk, maar enkele soorten bleken de afgelopen dagen toch alweer wat lastiger te zijn geworden, zoals kemphaan en wat andere steltlopers. Bovendien was door de aanhoudende noordenwind van de afgelopen dagen nog niet heel veel aankomst van latere zomergasten als bosrietzanger en spotvogel, maar verder was de weersvoorspelling voor vandaag goed. Droog weer en flink wat zon met een noordoostelijke bries, dus het beloofde een mooie dag te worden! Ook dit jaar was het team 'Drieteentjes' weer compleet en samen met Laurens van der Padt en Laurens van der Wind liep ik om klokslag 00:00 de Crezéepolder in. De start moest gelijk goed zijn, want in tegenstelling tot andere jaren konden we het ons niet weer veroorloven om zonder ransuil de dag uit te gaan...

Niet heel verwonderlijk in de Crezéepolder was dat GRAUWE GANS (1) de lijst vandaag zou aanvoeren, al snel gevolgd door SCHOLEKSTER (2). We hadden er al op gehoopt, maar toch was het een hele aangename verrassing toen we om 00:07 rustig een RANSUIL (3) over de Oostmolendijk aan zagen komen flappen. Heel fijn dat de eerste en moeilijkste uil van het eiland (in deze tijd van het jaar tenminste, we mogen niet klagen met ca. 20 territoria) zo vroeg was gelukt! Hierna konden we rustig de nacht uit vogelen, maar niet nadat we eerst nog TURELUUR (4) konden bijschrijven in de polder. De route ging nu naar de Devel, waar we bij de Munnikendevel RIETZANGER (5), WATERHOEN (6), MEERKOET (7), en HOUTDUIF (8) konden bijschrijven. De bosuil daar wilde niet vanavond, maar de KERKUIL (9) een stukje verderop werkte wel goed mee. Ook KRAKEEND (10) kwam op de lijst, waarna we koers zette richting de Portlandpolder waar al enkele dagen een kwartel zat. Na eerst nog WILDE EEND (11), KIEVIT (12) en onverwachts een overvliegende KLUUT (13) te hebben bijgeschreven, riep de KWARTEL (14) om 00:45. 

In de hoop op dodaarzen en eventueel nachtelijk overvliegen steltlopers liepen we vervolgens de dijk langs de Zegenpolder uit. De dodaarzen sliepen duidelijk en wilden niet roepen, dus kwamen we neit verder dan KLEINE PLEVIER (15), KNOBBELZWAAN (16), KUIFEEND (17) en OEVERLOPER (18). Eenmaal terug op de parkeerplaats riep om 01:47 een BOSUIL (19) vanaf de golfbaan. De kolonie roeken van Heijplaat lijkt dit jaar wat uit elkaar gevallen te zijn, dus schreven we eens in de polders van Rhoon ROEK (20) op de lijst. In Rotterdam was de OOIEVAAR (21) traditiegetrouw een eitje in het donker, waarna we bij Oud-Reijerwaard onze eerste CETTI'S ZANGER (22) hoorden en ook TAFELEEND (23), FUUT (24), SLOBEEND (25) en BERGEEND (26) in het duister zagen. Waterral was hier dit jaar niet aanwezig en ook dodaarzen ontbraken hier voor het tweede jaar op rij. Langs de Devel moesten de rietvogels maar eens op de lijst komen, en dat lukte behoorlijk goed met SNOR (27), meerdere SPRINKHAANZANGERS (28), KLEINE KAREKIET (29), BLAUWBORSTEN (30), NACHTEGAAL (31) vanuit de verte, BOSRIETZANGER (32), RIETGORS (33) en met wat geduld ook WATERRAL (34). Roerdomp was hier dit jaar niet gehoord, maar daar hadden we gelukkig een andere plek voor, al bleek achteraf aan de oostkant van de HSL-lijn toch een roerdomp te zitten. 

De vroege ochtendschemer is altijd een goede tijd voor ZWARTE ROODSTAART (35), een soort waar je overdag geen tijd in wil stoppen. Op de scheepswerven in Ambacht zitten er gelukkig voldoende en na een paar minuten wachten hoorde we er eentje z'n riedeltje afdraaien. Op de Sophiapolder scoorden we gelijk maar vast STORMMEEUW (36),  VISDIEF (37), KLEINE MANTELMEEUW (38) en LEPELAAR (39), terwijl ook een flinke rij satellieten (van Elon Musk zo bleek later...) overkwam. Een vreemd gezicht! Het was ondertussen na vieren, dus het leek ons wel tijd voor de roerdomp in Sandelingen-Ambacht. Het duurde toch nog even voordat we het hoempen hoorden, zodat we in de tussentijd BLAUWE REIGER (40), KOEKOEK (41) en BOERENZWALUW (42) bijschreven. Uiteindelijk kreeg ROERDOMP een verdienstelijke 43ste plaats op de lijst om 4:26. Aangezien we nog even tijd hadden voordat het licht zou worden besloten we een gok te wagen om te kijken of de woudaapjes van vorig jaar langs de Waal weer zouden zijn teruggekeerd. Onder het gezang van WINTERKONING (44), ROODBORST (45), MEREL (46) en ZANGLIJSTER (47) lopen we bij de Wevershoek naar het Waaltje. Na even wachten begint daar totaal tegen onze verwachting een roerdomp uit het riet te zingen, een onverwachtse soort en erg leuk, ondanks dat hij al op de lijst stond. Nog leuker wordt ons bezoek hier door een roepend paartje ransuil, waarbij het mannetje en vrouwtje minutenlang naar elkaar zitten te roepen. Schitterend! 

Na dit leuke tussendoortje (helaas zonder goede nieuwe soorten), gaan we richting de Crezéepolder en Sophiapolder om heel even met het eerste licht een blik te werpen. Dat levert geen hele gekke dingen op, maar tot 5:58 kunnen we wel een hele rits soorten bijschrijven, namelijk TJIFTJAF (48), ZWARTKOP (49), EKSTER (50), KOOLMEES (51), PIMPELMEES (52), ZILVERMEEUW (53), GROTE MANTELMEEUW (54), GRASMUS (55), KOKMEEUW (56), HUISZWALUW (57), ZWARTE KRAAI (58), SPREEUW (59), KAUW (60), PONTISCHE MEEUW (61), VINK (62), KNEU (63), GROENLING (64), HOLENDUIF (65), TUINFLUITER (66), TORENVALK (67), WITTE KWIKSTAART (68), GELE KWIKSTAART (69) en GIERZWALUW (70). De zon is nu op, dus we zetten snel koers richting de Zegenpolder, maar eerst lopen we snel een rondje door het braakliggende terrein bij Oud-Reijerwaard. In potentie één van onze beste plekken van de dag waar de afgelopen dagen nog o.a. bosruiter, watersnip en noordse kwikstaarten zaten...

Torenvalk

Voordat we er zijn staat nr. 71 al op de lijst in vorm van BUIZERD, waarna we snel en effectief het braakliggende terrein aflopen. En het levert gelijk goede soorten op, de eerste is een WATERSNIP (72), lekker laat! Al snel volgt een groepje van drie NOORDSE KWIKSTAARTEN (73) die er dus nog zitten, waarna de eerste echte verrassing van de dag een BEFLIJSTER (74) is die uit de meuk opvliegt en ver weg in de bomenrand verdwijnt. Een betere soort en zeker zo laat in het jaar! Vanaf de jachthaven van Rhoon lopen we de dijk op voor een trektelling, die tot nu toe nog geen enkel jaar teleurgesteld heeft. Elk jaar vliegen er wel verrassingen over, het weer is schitterend, dus de verwachting is hoog gespannen. uit de griend en omgeving horen en zien we ondertussen al AALSCHOLVER (75), PUTTER (76), TURKSE TORTEL (77), HUISMUS (78), FITIS (79), GEKRAAGDE ROODSTAART (80), GROENE SPECHT (81) en GROTE BONTE SPECHT (82). 

Gekraagde roodstaart

Een APPELVINK (83) die snel over de Rhoonse grienden vliegt is de eerste goede soort van de telling, maar ik mis 'm helaas. Gelukkig zagen Laurens en Laurens de vogel wel, zodat hij telbaar is. Hierna volgt een groepje BRANDGANZEN (84) en een BOOMVALK (85) die uiteindelijk wel drie keer langs komt zetten, waarschijnlijk op gierzwaluwjacht boven de Beerenplaat. Een BRUINE KIEKENDIEF (86) is de vogelde op de lijst, waarna ook eindelijk de DODAARZEN (87) uit de sloot roepen en we OEVERZWALUW (88) bij kunnen schrijven. Voorbereiding in de Zegenpolder had een territoriale ENGELSE KWIKSTAART (89) opgeleverd, welke we na een tijdje op het perceel zien foerageren. Daar lopen ook twee TAPUITEN (90) terwijl ik ook de SLECHTVALK (91) mis die snel uit de kast vliegt van de toren bij de Waalhaven... Terwijl ik op zoek ga naar een veldleeuwerik die ik gisteren nog in de polder zag, komt een groepje ZWARTKOPMEEUWEN (92) over die iedereen hoort en ziet. Even later sta ik zonder veldleeuwerik weer op de dijk als eindelijk de eerste MATKOP (93) van zich laat horen. Dan gebeurt er een uur eigenlijk niks. Naja, niks. Elders op het eiland wordt een grauwe klauwier ontdekt, een hele goede voor de regio, maar die komt hopelijk later vandaag dus...

Tapuit

En dan opeens is het raak als ik in de verte een groep steltlopers oppik. Het duurt even voordat we er beter op kunnen kijken, maar dan is het duidelijk dat het tien ZILVERPLEVIEREN (94) zijn! Eén van de grootste, zo niet dé grootste, groep van deze zeldzaamheid in het binnenland. Erg gaaf! Ze gaan dwars over de polder en uiteindelijk dus ook dwars over Rotterdam, hard naar het noorden. Nauwelijks bijgekomen van deze mooie bonus als we opeens de roep van SIJS (95) horen en twee exemplaren langs zien schieten naar het oosten. Zo is het een uur niks, zo twee goede soorten binnen de minuut ongeveer, en dat om 8:22. De koek blijkt echter nog niet op want in ruim een half uur daarna zien we ook zowaar ZWARTE STERN (96) die we hier nog nooit hebben gehad, gevolgd door een lokale HAVIK (97) en een keihard roepende GOUDPLEVIER (98) die laag en recht overkomt. Een nieuwe bigday-soort voor ons en eigenlijk nog veel beter dan zilverplevier in deze tijd van het jaar! Een groepje GROENPOOTRUITERS (99) komt mooi langs en uiteindelijk is daar om 9:18 eindelijk een PURPERREIGER (100) die samen met een blauwe reiger de oostelijke route verkiest. Tijd om af te taaien en richting de Sophiapolder te gaan! 

Blauwe reiger

In verband met het getij wilde we daar rond kwart voor 10 zijn in de hoop om nog wat leuke steltlopers mee te pakken. Eenmaal bij de polder aangekomen blijkt het water alweer veel te hoog te staan, ai... Het valt ook niet altijd mee om het getij goed in te schatten, maar ondertussen staan wel nog GAAI (101), STAARTMEES (102) en HEGGENMUS (103) op de lijst. Het is nu midden op de dag, maar we besluiten toch maar een poging te gaan wagen voor de grauwe klauwier bij de Nes. De vogel is immers ook nog na de ontdekking nog gezien en zal ongetwijfeld nog wel aanwezig zijn. Het lukt echter niet binnen ongeveer een kwartiertje om de vogel te vinden, en om niet te ver achter te raken gaan we maar door. Ergens eind van de middag moet de vogel er maar aan geloven! 

De Nes met in de achtergrond de struweelrand waar de grauwe klauwier zat

Net aan de andere kant van de A16 horen we uit de auto om 10:12 een BRAAMSLUIPER (104) zingen, waarna we in het Waalbos nog een vergeefse poging doen om een grote zilverreiger in te tikken. Net voor we aankomen vliegt de  vogel weg, maar een SPOTVOGEL (105) laat daar wel van zich horen! Aan de andere kant van het gebied zien we snel de verwachte ROODBORSTTAPUIT (106), waarna we richting Rhoon gaan om daar nog wat zekerheidjes op te halen. Een praatje in de Portlandpolder met een ander team levert zowaar een recht overvliegende KLEINE ZILVERREIGER (107) op, waarna we in het Klein Profijt bij de eendenkooi een poging doen voor grauwe vliegenvanger en kleine bonte specht. Beide mislukken jammerlijk, maar de verwachte BOOMKRUIPER (108) en SPERWER (109) zien we dan weer wel. We hebben geen zin om in het openbare deel van Klein Profijt nog te gaan zoeken naar grauwe vliegenvanger (achteraf dom, daar zaten er gewoon 2) en tikken in de Molenpolder RINGMUS (110) binnen om 13:00. Het sprokkelen is begonnen en we hebben nog zes uur...

Op de plek van de grote lijster bij de Johannapolder had ik gisteren een zingende vuurgoudhaan. Deze houdt nu z'n mond dicht en ook de grote lijster zien we weer niet, die zit er écht niet dit jaar en uiteindelijk heeft geen enkel team de soort. Wel worden we hier aangenaam verrast door een mannetje BONTE VLIEGENVANGER (111). Vorig jaar zagen we bij wat baggerputjes naast Bos Valceksteijn nog een paar leuke verrassingen, dus we willen ons geluk ook dit jaar daar kort beproeven. Snel lopen we over het terreintje, maar verder dan een watersnip komen we niet. Een goede soort natuurlijk, maar we hadden er vanochtend al eentje... Continue speuren we ook de lucht af, want met het schitterende weer zijn vandaag al meerdere wespendieven over het eiland getrokken. Helaas voor ons echter tevergeeefs...We vervolgen de route naar de volkstuintjes in Rotterdam, waar we nog even moeten zoeken, maar dan ook GOUDHAAN (112) bij kunnen schrijven. Vervolgens lopen we nog weer even door de braakliggende terreinen van Oud-Reijerwaard in de hoop op nieuw ingevallen steltlopers, maar helaas... Omdat we graag nog even op de Sophiapolder willen kijken zijn we vervolgens rond kwart voor vier bij het pontje, waar IJSVOGEL (113) gelijk in de tas is.

Op het eiland is het ondertussen afgaand tij, dus de waterstand is ideaal. Desondanks zien we eigenlijk helemaal niks. We kijken bovendien over de wintertalingen heen die achteraf toch in de zuidhoek bleken te zitten en zien ook de zwarte ruiter niet die even later vanaf de dijk werd gezien. We varen dus relatief snel weer terug naar vastewal en zien vervolgens in de Creezéepolder de verwachte KOLGANZEN (114). Gelukkig komt hier ook nog een GRUTTO (115) binnen vallen, zodat we toch nog wat meer sprokkelen hier. Van kemphanen is nergens sprake meer, terwijl er vorige week nog zo'n 100 zaten... 

Grutto

We hebben nu nog zo'n 1,5u tot het om 19:00 is afgelopen, dus mooi de tijd om de GRAUWE KLAUWIER (116) nog even op te zoeken. Het duurt even maar niet heel lang na aankomst zien we het fraaie mannetje in de bramenstruiken en wilgen foerageren. Blijft een fraaie soort natuurlijk en een goede voor IJsselmonde, pas mijn 4e. De tijd is nu bijna op en we verkiezen het Waalbos om nog even doorheen te lopen, wellicht dat daar nog een verdwaalde zomertaling, paapje of grote lijster te vinden is. Een wandeling langs de beste plekken levert echter niks nieuws op, en met een alleen nog een veenmol op het fietspad sluiten we de Big Day IJsselmonde 2023 af. 116 soorten was een mooie score en bleek uteindelijk ook genoeg voor de winnende, gevolgd door twee teams met 115 soorten. Het zat allemaal weer heel dicht op elkaar... 

Veenmol

Uiteindelijk zagen wij niet wat andere teams wel zagen: wintertaling (overheen gekeken op de Sophiapolder en Crezéepolder (1 vrouwtje)), bontbekplevier ('s ochtends op de Sophiapolder), regenwulp, wulp, bonte strandloper, witgat, bosruiter, zwarte ruiter, geelpootmeeuw, grote zilverreiger, visarend, wespendief, blauwe kiekendief, smelleken, vuurgoudhaan, grauwe vliegenvanger, graspieper en boompieper. Vrijwel al de gemiste soorten betroffen overvliegende exemplaren, of soorten die maar heel kort aanwezig waren. In theorie hadden we wintertaling en grauwe vliegenvanger wel moeten hebben, de 116 was echter genoeg. Totaal werden er vandaag 134 soorten door de teams gezien en was de dag met de grauwe klauwier natuurlijk meer dan geslaagd. Onze beste soorten die door geen enkel ander team werden gezien, waren goudplevier, zilverplevier, beflijster, bonte vliegenvanger, noordse kwikstaart, appelvink en sijs! Zo bleken inderdaad Oud-Reijerwaard (beflijster en noordse kwikstaart) en de telpost bij Rhoon (zilverplevier, sijs, goudplevier, appelvink) weer de meest unieke soorten op te leveren.

Oud-Reijerwaard

vrijdag 12 mei 2023

Kieviten en wat leuke akkervogels

De afgelopen twee weken stonden vooral in het teken van broedvogels tellen en het ringen van kieviten. De broedvogeltellingen leverde veel leuke soorten op, zoals zomertortels en strandplevieren in Ouddorp, zeearenden op Tiengemeten, nog een kraanvogel over kantoor en op de Utrechtse Heuvelrug weer soorten als fluiter en bonte vliegenvanger. 

Geringde kieviten

De eerste leg van kieviten lijkt in tegenstelling tot de afgelopen jaren weer eens goed uit te pakken. Dat betekent dat veel jongen groot zijn geworden en er dus ook veel gekleurringd moet worden. Positief, maar veel buiten dus! Dat levert natuurlijk ook weer leuke verrassingen op in het Buijtenland van Rhoon, waar dit jaar bijvoorbeeld dodaarzen blijken te broeden, twee Engelse kwikstaarten zitten en waar ik ook nog een veldleeuwerik tegen het lijf liep. Dat is dit jaar weer geen broedvogel op IJsselmonde, maar extra leuk om zo'n zwerver dus tegen het lijf te lopen. De Engelse kwikstaarten zijn twee bekende territoria die al enige jaren bezet zijn, een (onder)soort waar wellicht toch nog relatief vaak overheen gekeken wordt. 

Veldleeuwerik

Engelse kwikstaart

En natuurlijk moet er ook nog het nodige worden voorbereid voor de Big Day. Afgelopen zaterdag liepen we zo tegen een kleine bonte specht aan langs de Oude Maas, waar het territorium van grote lijster juist dit jaar weer niet bezet was. In Rotterdam-Zuid bleken wel weer voldoende goudhaantjes te zitten in de volkstuintjes, terwijl een vuurgoudhaan weer een opvallende verrassing was langs de Oude Maas. 

Dodaars