vrijdag 14 april 2017

Dwergmeeuwen en nuttig werk voor de Big Day

De laatste helft van april is de tijd voor de doortrek van dwergmeeuwen. Deze kleine meeuwtjes die broeden in het hoge noorden trekken dan massaal door over zee, maar ook in het binnenland worden meestal wel de nodige groepjes gezien. Meestal gaan ze hoog over (en zien we ze dus niet), maar met wat slechter weer en buien willen ze nogal eens op grotere watervlaktes blijven foerageren. De Gaatkensplas en ook de Sophiapolder zijn op IJsselmonde de beste plekken daarvoor, maar wellicht is de Crezéepolder dat ook wel. Vanochtend besluit ik daar dus maar te beginnen in de hoop op deze fraaie meeuwtjes. Grauw weer is het in ieder geval, dus de kans bestaat natuurlijk altijd.

Onderaan de dijk loopt een mooie groep kemphanen te foerageren met wat tureluurs en een enkele witgat, terwijl een ooievaar wakker wordt op een lantarenpaal. Verder valt mijn oog op een broedende kievit onderaan de dijk, die zijn nest net boven de vloedlijn van hoogwater heeft gelegd. Een beestje met lef... Hopelijk wordt het water de komende paar weken niet te hoog, want dan verzuipen z'n eieren gewoon. 
Kievitsnest boven de vloedlijn
Ooievaar
Naast de kemphanen is het qua steltlopers erg rustig, meer dan wat grutto's en kleine plevieren lopen er verder niet. Overvliegend zag ik echter nog wel 19 regenwulpen en ook een achttal zwartkopmeeuwen, een soort die we dit voorjaar echt veel zien! Terwijl ik zo de polder in de gaten houd komt om 9:15 toch opeens dat dwarrelende groepje meeuwen over de Noord aanzetten: dwergmeeuwen! Ze vliegen helaas helemaal door naar de noordpunt waar ze ongeveer een minuutje foerageren, alvorens ze weer hoogte makend de Noord verder volgen. Gaaf!! Met name de adult zomerkleed vogels zijn werkelijk waar een lust voor het oog, met de donkere ondervleugels, rozige gloed en pikzwarte kopjes. 
Groepje dwergmeeuwen
Als ik na bijna twee uur de polder uit fiets zie ik weer een meeuwtje vliegen boven de geul. Weer een dwergmeeuw! Dit exemplaar is bijna volwassen, want op wat donkere vlekken op de buitenste handpennen is die al helemaal mooi door geruid. In tegenstelling tot het groepje van zojuist blijft dit solo-exemplaar wel tien minuten rondhangen, waarna hij toch ook weer verder richting het noorden gaat. Wat een fraaie vogel! 
Dwergmeeuw
Op de terugweg fiets ik weer even over het veld bij de Karwei, maar meer dan het mannetje tapuit zit daar niet. Een fraai beest is het natuurlijk wel. Vanaf het veld zie ik ook een gigantische groep grutto's op de Sophiapolder lopen, die ik wel op zo'n duizend exemplaren schat. Bizar wat een groep en nagenoeg allemaal IJslandse grutto's, die dus nog een stuk te vliegen hebben. 
Tapuit
Vanmiddag besluit ik Rotterdam-Zuid in te gaan en nog wat te vogelen in de Hoekse Waard als voorbereiding op de Zuid-Holland Big Day die er weer aankomt. In Rotterdam-Zuid lees ik zo nog wat Nederlandse kleine mantelmeeuwen af, maar echt spannend is het niet. Wel het noemen waard zijn nog de vijf pontische meeuwen die ik tref, een mooi aantal voor in april! 
2kj pontische meeuw
Door de polders van Rhoon, waar nog geen beflijsters zitten, ga ik richting en door de Heinenoordtunnel. Vanaf de A29 zie ik bij Mijnsheerenland de wilde zwaan al liggen die al jaren in deze omgeving rondhangt, 's zomers en 's winters. 
Wilde zwaan
Bij de Oosterse Bekade Gorzen is het rustig, maar het gebied ligt er prachtig bij. Er foerageren volop grutto's en tureluurs, en ook de oeverzwaluwwand is weer druk bezet.
Oeverzwaluwwand
De noordkant van het Hellegatsplein is hierna nog goed voor een rustende slechtvalk, maar een matkop kan ik hier zo snel niet vinden. Een groepje middelste zaagbekken en een eenzame pontische meeuw zijn nog wel leuke soorten, die natuurlijk helemaal fijn zijn als we die over drie weken op de Big Day hebben... 
Slechtvalk
Middelste zaagbekken
Een sneeuwgans bij Maasdam blijkt voor mij onvindbaar hierna, maar twee groepen kokmeeuwen met daartussen de nodige zwartkopmeeuwen zijn natuurlijk altijd mooi. Zeker wanneer er nog geringde beesten tussen zitten, zoals W-E001, wat misschien wel een oudje betreft. De geschiedenis van de vogel is me nog onbekend. 
Zwartkopmeeuw W-E001

donderdag 13 april 2017

Noordse kwik in Ambacht

Na het laatste college vanmiddag ga ik weer richting Ambacht, waar ik met Laurens van der Padt en Leo Boon zie hoe het water rond een uurtje of zes omhoog komt op de Sophiapolder. Op het eilanden blijken echter helaas geen onverwachte verrassingen aanwezig en meer dan een pontische meeuw, mijn eerste oeverzwaluwen, wat pijlstaarten en zo'n 150 grutto's komen we dan ook niet. Op het veldje bij de Karwei is een mooie tapuit even later nog wel een leuke verrassing. Verder is het veldje ook weer bevolkt met iets van vijf paartjes kleine plevier. Schitterende beestjes!
Kleine plevieren
Het is ondertussen ook alweer aardig lang licht, dus na het eten kan ook nog even gevogeld worden. Als ik weg wil fietsen wordt er echter een noordse kwikstaart gemeld in Polder Sandelingen. Een leuke soort die mooi op tijd is, en na een paar minuten sta ik te genieten van deze fraaie soort uit Scandinavië die daarnaartoe op weg is. Tussen ca. tien gele kwikstaarten loopt hij te foerageren, net als vorig jaar, toen op deze plek ook een vroeg exemplaar van deze soort zat. Leuk!
Noordse kwikstaart
Een blik die Laurens van der Padt en ik hierna nog in het Waalbos werpen, levert op een tapuit niet erg veel op. Een ooievaar die overvliegt is nog wel een verrassing, maar verder is het rustig. Qua jaarsoorten kan ik ook nog mijn eerste sprinkhaanzanger bijschrijven. Ook altijd leuk natuurlijk!

woensdag 12 april 2017

Een kleine zwaan in roze uiterwaarden

De afgelopen weken werd telkens een jonge kleine zwaan gezien in de uiterwaarden bij Elst, dus dat vond ik voor vanochtend wel een leuke soort om eens op te rollen. Kleine zwanen zijn in april normaal gesproken al lang en breed naar het hoge noorden gevlogen, maar dit jong vond dat kennelijk nog niet nodig. Een kleine zwaan zag ik dus nooit eerder in april, extra leuk om 'm eens op te zoeken dus.
Uiterwaarden
Het is grauw weer, maar ondanks dat is het prachtig met roze gekleurde velden van de pinksterbloemen met vooral veel zingende graspiepers. Erg fraaie vogels ondanks een gebrek aan kleuren!
Graspieper
Op de plas zie ik vervolgens al snel een zwaan zwemmen; 't is 'm. Hij is druk aan het foerageren en gaat naar verloop van tijd rusten. Wie weet hoelang die hier nog zal blijven.
Kleine zwaan

dinsdag 11 april 2017

Genieten van weidevogels

Het is lekker weer vanavond en aangezien ik m'n telescoop eens een keer heb meegenomen naar Rhenen besluit ik een rondje door het Binnenveld te maken. Vorig jaar is hier een project geweest in kader van het Jaar van de Kievit, en ook dit jaar is dat het geval. Veel kievitkuikens zijn dus vorig jaar geringd, dus de hoop is dat een exemplaar als adulte vogel is teruggekeerd. Die kom ik vanavond niet tegen, maar gelukkig is het zonder die ringen ook volop genieten, en niet alleen van kieviten.
Kieviten
Kievitenland
Naast de vele kieviten die op het land van een 'goede boer' zitten, fantastisch hoe die samenwerking hier gaat!!, lopen er ook nog de nodige grutto's rond. Tot mijn verbazing blijken die helemaal niet schuw te zijn, dus dat is genieten geblazen van deze uiterst fraaie, maar ook erg bedreigde, vogels.

Grutto mannetjes
Grutto vrouw
Grutto die verstoppertje speelt...
In de prachtige, door pinksterbloem roze gekleurde percelen, baltsen verder nog wat wulpen en tureluurs. Geweldig geluiden op zo'n mooie avond.
Wulpen
Tureluurs
De randjes langs de weilanden met hekjes en rietkraagjes zijn gewild onder de roodborsttapuiten, graspiepers en gele kwikstaarten. Vooral die eerste zijn toch wel een lust voor het oog.
Roodborsttapuit
Terwijl waarschijnlijk de eerste kievitsjongen al rondlopen, is het natuurlijk nog volop voorjaar en dus trektijd. Dat is wel te merken aan een mannetje en vrouwtje tapuit dat zich op de akker ophoudt en nog onderweg is naar het broedgebied, in vermoedelijk Scandinavië. Mooie vogeltjes en een kersje op de taart in dit prachtige weidevogelgebied.
Tapuit (vrouw, boven; man, onder)

maandag 10 april 2017

Bizarre maandagochtend!

De afgelopen maandagen was ik altijd vrij en dat was telkens een mooie gelegenheid om de Crezéepolder een Waalbos te checken. Veel leverde dat die keren niet op, maar vanochtend fiets ik het rondje maar gewoon weer. Zeker gezien de aankomst van steltkluten her en der in het land gisteren was de verwachting toch wel enigszins hoog gespannen.

In de Crezéepolder zie ik deze fraaie Zuid-Europese steltloper helaas nog niet lopen, maar het gebied ligt er fantastisch bij. Dat moet een kwestie van tijd zijn voordat die hier komt. Meer dan wat kemphanen, smienten, witgatjes en tureluurs zit er nu dus niet, dus ik fiets de dijk maar weer op om verder te gaan. Plotseling zie ik echter vanuit het zuidwesten een donker beest aankomen, met een snelle vleugelslag! Dat moet haast wel een jager zijn!! De kijker erop bevestigd dat meteen, het is er inderdaad eentje en wel met flinke verlengde staartpennen, een adult dus! In rap tempo zet ik de telescoop op, maar tot mijn spijt vliegt de vogel vanaf dat moment van me af en wijzigt hij koers naar pal noord. Doordat hij aardig zwenkt en niet echt stabiel vliegt zie ik dat hij zeker geen 'lepels' heeft, wat er dus op duidt dat het een kleine jager is.

In de gauwigheid weet ik nog een filmpje te produceren, maar omdat het vanachter is genomen is niet te zien dat het om een kleine jager gaat, wel genoeg is te zien dat het om een jager gaat. Gaaf hoor en mijn tweede alweer in de polder na een vogel in 2013.
Videostills van kleine jager
Terwijl ik de vogel boven Ridderkerk zie verdwijnen hoor ik plotseling een opvallend geluidje aankomen, eerst schenk ik er geen aandacht aan aangezien ik de jager niet uit het oog wil verliezen, maar als ik 'm nog een keer hoor valt het kwartje. Een Europese kanarie! Snel zet ik m'n camera nog op de filmmodus, maar het beestje is dan helaas alweer voorbij. In alle hectiek zie ik 'm dan ook niet, maar hierna sta ik toch even verbijsterd te kijken als zojuist deze twee knallers zijn gepasseerd. En dat terwijl het zo rustig was de afgelopen maand. Erg gaaf!

Waalbos check ik hierna nog even, maar beter dan dit gaat 't nu niet worden. Dat blijkt inderdaad zo te zijn en zie ik niet meer dan wat kleine plevieren, gele kwikstaarten, kluten en slobeenden. Daar ligt het er overigens ook prachtig bij voor die steltkluut, dus wat dat betreft heeft die keuze genoeg op IJsselmonde dit voorjaar...
Gele kwikstaart

zaterdag 8 april 2017

Mooie voorbereiding op de IJsselmonde Big Day

Op 13 mei staat de Big Day op IJsselmonde gepland, waarop verschillende teams tegen elkaar hopen te strijden om zoveel mogelijk soorten te zien op die dag. Twee weken geleden hadden we op een zaterdagje nu al zomaar 87 soorten, terwijl we nog veel mistten, dus voor vandaag leek het ons eens leuk om een vroege 'proef' te doen. In mei zijn nagenoeg al de wintergasten weg, maar alle zomergasten wel gearriveerd, terwijl nu nog aardig wat wintergasten aanwezig zijn en de zomergasten langzaam binnen druppelen. Ons doel was voor vandaag om honderd soorten te zien, het record hadden we dus niet op het oog, wat sinds vorig jaar op 112 soorten staat.

Om zes uur fietsen Laurens van der Padt, Laurens van der Wind en ik Ambacht uit, met al de nodige zingende soorten op zak. De eerste plek waar we stoppen is de Devel, om gelijk al de rietsoorten voor vandaag bij te schrijven. Dat lukt goed met wat roepende waterrallen, enkele zingende cetti's zangers, vier snorren,  veel rietzangers, blauwborsten en ook de roerdomp zit weer te hoempen! Vorig jaar heeft hij niet gebroed, maar dit jaar zit hij er weer. Het blijft een gaaf geluid! Verder zijn ook de ontwakende graspiepers en gele kwikstaarten leuk, maar een waterpieper horen we er zo snel niet tussen.
Via de Oude-Maas met weinig spectaculairs, komen we bij de bouwdok waar in een groepje meeuwen een fraaie 2kj geelpootmeeuw staat. Altijd leuk. Aangezien Laurens van der Padt wat problemen heeft met z'n trapper wordt dat bij een bandenboer voorlopig verholpen, waarna we de buffelkopeend op de Gaatkensplas kunnen tikken. Dat blijkt niet moeilijk, want hij zwemt vlak onder de brug. Een fraai beest blijft het toch en inmiddels nr. 65 op de daglijst.
Buffelkopeend
In de Carnisse grienden horen we wat matkoppen, een ijsvogel en ook de eerste gekraagde roodstaart weer van het jaar. Leuk! We vervolgen hierna onze weg naar het Klein Profijt waar we de appelvinken helaas niet vinden. Wel zien we nog wat koperwieken, een overvliegende grote zilverreiger en lopen we weer tegen een roffelende kleine bonte specht aan. Fijn!

Via de polders gaat het weer terug richting het oosten, maar dat levert op wat standaardsoorten weinig op. Een zomertaling in de Zuidpolder blijkt vervolgens een intikkertje en een tweetal kleine plevieren zorgen voor nr. 75 op de daglijst. De laatste uurtjes ging 't niet echt lekker, maar in Waalbos krijgen we gelukkig een aardige opsteker met o.a. witgat, wintertaling, de eerste tapuit, kluten, waterpieper en in een small rietkraagje twee watersnippen en zelfs een bokje! Vooral die laatste is leuk, want die is lekker laat.

De Sophiapolder is vervolgens tam te noemen met wel eindelijk de eerste sperwer van de dag, wat pijlstaarten en de eerste huiszwaluw weer. We proberen hierna nog een overvliegende zeearend op te pikken, maar in de straalblauwe lucht is dat geen doen. Een havik kunnen we nog wel vanaf de dijk bijschrijven. In de Crezéepolder zitten de verwachte smienten, kemphanen en ook nog weer een bontbekplevier, dat is niet onaardig. Met een grutto komen we hier uiteindelijk uit op ruim negentig soorten, dat gaat toch niet verkeerd.
Smienten, wintertalingen en grutto's
In Rotterdam-Zuid vinden we vervolgens makkelijk een pontische meeuw, ooievaar en roeken, maar blijken de slechtvalken niet te zien bij de kast. Een late grote gele kwikstaart is dan wel weer een leuke goedmaker. In Poortugaal zijn zoektochten naar goudhaantjes en goudvinken negatief, waarna we dus snel maar weer koers zetten richting Zwijndrecht. In de Devel zorgt een tafeleend voor de 100ste soort voor vandaag, dat was hij ook op de echte Big Day vorig jaar, maar toen om 15u, nu dus drie uurtjes later.

Een wandeling door Polder de Hooge Nesse levert niet de gehoopte beflijster, kramsvogel of sprinkhaanzanger op, waarna Laurens van der Padt en ik nog even verder gaan naar de Crezéepolder. Daar maken we er uiteindelijk 102 soorten van met zwarte ruiter en een tweetal regenwulpen. Missie geslaagd dus! Op de Sophiapolder zijn ca. 500 grutto's en de Utrechtse geelpootmeeuw W-A= een mooie afsluiting van de dag. Vooral die laatste, want deze meeuw die in de winter 2015-2016 in Utrecht werd geringd zag ik afgelopen zomer op de stort van Tilburg.
Geelpootmeeuw W-A=
Al met al blijkt dus een Big Day zo begin april zo gek nog niet te zijn, want we zijn aardig in de buurt van het record gekomen. Met een tiental overwinterende soorten maak je die tien zomergasten die nog moeten arriveren gewoon goed, alleen heb je begin mei natuurlijk ook de nodige doortrekkers extra. De drie uilen hebben daarnaast vandaag ook niet gedaan omdat het record er toch niet in zat, maar 105 was dus zeker gelukt en met wat meer mazzel is hoger ook nog mogelijk. Daarnaast was het natuurlijk een mooie voorbereiding op 13 mei...

donderdag 6 april 2017

Cetti's zangers hebben ons nog veel te leren...

In de afgelopen week heb ik op wat nieuwe voorjaarssoorten zoals gele kwikstaart, snor en eindelijk een boerenzwaluw niet veel bijzonders gezien. Van een koereiger in de Blauwe Kamer mag ik dat overigens niet zeggen, dat was nog een leuke voor de eeuwige maandlijst. April is doorgaans niet de maand waarin deze soort dik gezaaid is.

Vandaag ben ik echter vrij en dat komt goed uit, want samen met Roel Meijer en Kees Goudszwaard kan ik weer cetti's zangers gaan ringen in de Brabantse Biesbosch. In februari was ik al eens mee geweest dus nu zo'n twee maanden later is het leuk om nog eens te gaan. In tussentijd is het niet echt lekker gegaan met het vangen, dus de hoop is dat we vandaag wel weer een mooie slag kunnen slaan. Totaal vliegen er nu twintig geringde rond, maar dat is natuurlijk nog maar een druppel op de gloeiende plaat...

Cetti's zangerhabitat

Het begint stroef en de eerste twee territoriale cetti's zangers tonen totaal geen interesse in ons net en het geluid. Een blauwborst valt ook niet te verleiden, dus toch wel wat teleurgesteld - het zal vandaag toch wel gaan lukken?! - gaan we richting de volgende territoria. Dan gaat het gelukkig beter en vangen we snel achter elkaar drie mannetjes en een exemplaar dat we de vorige keer al hadden geringd. Opvallend is dat één van de ongeringde mannetjes nu in een territorium zit waar we de vorige keer ook al een mannetje hadden geringd. Is die verjaagd, gepakt door een sperwer, ziek geworden, weggetrokken? We weten het niet, maar interessant is het wel. Het mannetje van het territorium ernaast krijgen we helaas niet gevangen, want mogelijk is het exemplaar van de vorige keer gewoon wat opgeschoven en zijn de territoria verdicht.

Cetti's zangers
De tijd tikt door en ondertussen is het al tegen twaalven, maar voor één uur weten we nog twee territoriale mannetjes te vangen. Een record dus weer met vijf nieuwe geringde exemplaren en een terugvangst! Opvallend genoeg echter waren het allemaal weer mannetjes vandaag. Bij één van de territoria zaten twee exemplaren achter elkaar aan, maar helaas vloog d'r maar eentje het net in. Wat dat andere beestje is geweest weten we dus niet, want de vraag wordt wel steeds luider waar toch de vrouwtjes uithangen? Dat we alleen de mannetjes vangen is misschien niet gek, maar we zouden toch wel vaker een tweede vogel (dus vrouwtje) in die territoria moeten zien? Het broedseizoen is nog niet gestart voor deze beesten, dat is pas begin mei, maar de vrouwtjes moeten toch ergens zijn. Zo wordt het wel steeds duidelijker dat we nog heel veel, ja eigenlijk alles, van deze soort nog moeten leren. 
Cetti's zangers
In de Biesbosch is het overigens ook geen straf om de hele ochtend rond te lopen. Een aantal roffelende kleine bonte spechten, een appelvink, baltsende haviken, veel matkoppen, zingende blauwborsten, overvliegende zwartkopmeeuwen en de zee- en visarenden zorgen voor voldoende vermaak. Het zeearendkoppel komt op aardige hoogte, luid roepend overzetten, dat was mooi! De visarenden zagen we vanuit de verre verte op het nest zitten wat ze inmiddels weer hebben bewoond. Het blijft zo toch een bijzonder gebied, die Biesbosch.  

Vanmiddag neem ik nog een kijkje in de Crezéepolder, maar spannender dat nog steeds tachtig kemphanen, een bonte strandloper en een geelpootmeeuw is het toch niet. Een eenzame grutto zorgt nog wel voor wat afleiding, als hij laat zien dat hij op één poot kan staan, zijn vleugel kan strekken en wat dies meer zij. Een wormpjes weet hij met z'n snavel ook te vinden in de polder. Mooi! 




Grutto
Geelpootmeeuw 2kj