zaterdag 3 juni 2017

Kraamvisite en vlinders in Limburg


Begin juni is het op vogelgebied al flink rustig geworden, maar vanochtend gaan Laurens van der Padt, Laurens van der Wind en ik toch maar vroeg op pad. Begin juni is namelijk wel de tijd om een zingende roodmus te vinden, nog steeds een felbegeerde soort op de IJsselmondelijst. Roodmus is ook wel een soort die vrijwel overal kan waar wat bomen staan, dus we beginnen vanochtend maar in Polder Sandelingen. Opvallend zijn drie overvliegende purperreigers, maar op een sprinkhaanzanger na is het verder rustig en stil.

Langs de Devel is het wat drukker met wat krijsende waterrallen, tetterende cetti's zangers, wat koekoeken en ook hier twee purperreigers. Polder de Hooge Nesse is hierna vergeven van de bosrietzangers, terwijl er ook nog één spotvogel zit te zingen. Dat is ongeveer de enige op dit moment op heel IJsselmonde voor zover we weten... Een stukje verderop bij Veerplaat stappen we even over op planten, want er blijken flinke aantallen rietorchissen te staan, en ook bijenorchis is alweer in flinke aantallen aanwezig! Toch erg fraaie soorten. 
Orchideeën
Rietorchis
Bijenorchis
We maken het rondje langs de Oude-Maas, helaas zonder roodmus, en komen dan weer uit in het Waalbos. Gisteren was ons ter ore gekomen dat de steltkluten jongen hadden, dus we moesten toch echt even op kraamvisite vandaag... Dat blijkt bij aankomst niet alleen voor de steltkluten te zijn, maar ook tal van andere soorten lopen momenteel met jongen rond, zoals het bordje aangeeft. 
Een familie tureluurs met vliegvlugge jongen is de eerste die we zien, altijd mooi om te zien dat het de ouders is gelukt om de jongen groot te brengen. Ook nu ze kunnen vliegen zijn de ouders echter nog niet zeker van de zaak dat ze het alleen afkunnen, en daarom houden ze nog een oogje in het zeil.
Papa en mama tureluur houden een oogje in het zeil
Juveniele tureluur
De steltklutenjongen zijn natuurlijk nog een stuk kleiner, maar die worden gelukkig ook fel beschermd tegen rovers als meeuwen en kraaien. Het drietal kuikens zit nog veel bij moeder onder de vleugels, maar ze gaan even later toch ook gewoon op stap op zoek naar voedsel. Een plaatje valt nog niet mee om te maken, maar het zien van dit jonge grut van deze zeldzame broedvogel op IJsselmonde is natuurlijk al fantastisch!
Steltkluten
Kuiken steltkluut
Aangezien we heel de oostelijke helft van IJsselmonde gehad hebben en er in Limburg dit jaar een populatie dwergblauwtjes is gevonden, stappen we voor de verandering samen met Kees van der Wind in de auto richting het zuiden. Maar weer eens van IJsselmonde af op de zaterdag... 

Groeve
De populatie zit in een kleine groeve in Zuid-Limburg. Op die plek aangekomen blijkt het een koud kunstje om de vlindertjes te vinden, het zijn er flink wat en ze laten zich mooi bekijken! Een prachtige soort en een mooie nieuwe voor de vlinderlijst! Dwergblauwtjes hebben de wondklaver als waardplant, daar leggen ze dus hun eitjes op. Van deze plantensoort staan hier inderdaad volop exemplaren, waarop we ook zagen dat er eitjes werden gelegd. Mooi! 




Dwergblauwtjes
Verder blijkt het een prachtige groeve te zijn met nog wat andere leuke Limburgsoorten. Zo vinden we geelbuikvuurpadden, twee hazelwormen, alpenwatersalamanders en ook een fraai boswitje. Leuk om hier zo even rond te lopen! 

Boswitje
Geelbuikvuurpad
Alpenwatersalamander
Naast dit dwergblauwtje is ook het scheefbloemwitje een recente nieuwe aanwinst voor Nederland op vlindergebied. Deze soort lijkt echter zeer sterk op het klein koolwitje, dus vermoedelijk huisde deze soort al jaren in ons land, maar door bekendheid met de soort werd hij recentelijk op zeer veel plekken gevonden. Om deze soort ook maar op de lijst te kunnen zetten rijden we hierna dus nog maar even door naar Margraten, waar we in een tuin met sleutelbloemen na even posten inderdaad de soort zien. Het zwart op de achtervleugel moet iets doorlopen en ook is het vlekje op de vleugel anders van vorm. Subtiele kenmerken, maar het is genoeg voor de tweede nieuwe soort op de lijst. 
Tuin met scheefbloemen
Scheefbloemwitje                           ©Kees van der Wind
Omdat we toch al in Limburg zijn rijden we nog even door naar Bemelen, waar een populatie veldparelmoervlinders is gevestigd. Na even zoeken hebben we een fraai exemplaar gevonden, die zijn niet lelijk! Misschien wel net zo leuk is hier nog een vos die zijn hol in duikt boven een grot, die zie je ook niet vaak! 
Veldparelmoervlinder
Na dit Limburgse vertier gaan we met de volle buit weer terug naar IJsselmonde. Thuis aangekomen kan ik het niet laten om toch nog even in de Crezéepolder te kijken. Dat levert niet veel spectaculairs op, maar een winter- en zomertaling en veel jong grut van kieviten en kluten zijn nog wel het bekijken waard. Het groepje van ruim veertig grutto's dat aan het foerageren is, is nog wel een triest gezicht. Deze oude vogels hebben geen jongen meer op groot te brengen, dus vermoedelijk zullen ze allemaal uitgemaaid zijn. Hopelijk komen de komende weken ook de nodige juveniele in de polder foerageren... Al met al een afwisselend dagje zo! 
Zomertaling
Wintertaling
Kievitskuiken

vrijdag 2 juni 2017

Werkzaamheden in de natuur

De laatste weken ben ik druk geweest om een vak over biodiversiteit in Nederland te begeleiden. Dat is helemaal geen straf, want daarmee kom ik ook nog eens ergens en zie ik ook nog eens wat... In Limburg leverde dat een aantal mooie plantensoorten op zoals purperorchis, bleek bosvogeltje, soldaatje, betonie, beemdhaver, een roepende kwartel, eindelijk een zichtwaarneming van een veldkrekel (maar net geen camera bij me) en meerdere hazelwormen. Op andere plekken zag ik nog een mooie grauwe klauwier, visarend, twintig zilveren manen (zeldzame dagvlinder), veel alpenwatersalamanders, fluiters en zwartblauwe rapunzel om maar wat op te noemen.
Grauwe klauwier
Hazelworm
Purperorchis
Naast het begeleiden van dit vak van vier weken, ben ik de laatste tijd ook op persoonlijke titel werkzaam in de natuur als ZZP'er. Dat houdt in dat ik bermcontroles in H.I.Ambacht en Zwijndrecht heb uitgevoerd en nu ook regelmatig op pad ga voor het inventariseren van gierzwaluwen en vleermuizen. Vooral die laatste groep was nog helemaal nieuw voor me, maar het bevalt me prima! De algemene soorten als gewone en ruige dwergvleermuis, laatvlieger en rosse vleermuis ken ik ondertussen al wel aardig. Duidelijk is wat dat betreft dat daar nog enorm veel van te leren is, deze soorten hebben namelijk toch wel een bijzondere biologie. 

Bij het inventariseren van vleermuizen is het in dit jaargetijde gericht om zogenaamde kraamkolonies te vinden. Het is namelijk zo de mannetjes de vrouwtjes in het najaar dekken, waarna de vrouwtjes het sperma opslaan. Ze bevruchten zich vervolgens in het voorjaar allemaal gelijktijdig, wat betekent dat ze tegelijk hun jongen krijgen. Dat doen de vrouwtjes gezamenlijk in een zogenaamde kraamkolonie. Dit is meestal gewoon in een woning onder één of andere spleet, waar dan wel tot 110 vrouwtjes aanwezig kunnen zijn, zoals ik pas aantrof in Amersfoort. Wat dat betreft gaat er een nieuwe wereld voor me open... 
Vleermuizenstront onder een kraamkolonie

zaterdag 20 mei 2017

Mooie dag met een fraaie kwak!!

Voor vandaag staat een ronde over Oost-IJsselmonde op het programma. Het is tegen eind mei dus qua vogels kan er genoeg, gewoon maar kilometers gaan maken en kijken waar we tegenaan gaan lopen. De enige soort waar we vandaag gericht wat energie in willen stoppen is de kwak die vorige week zaterdag werd gezien op de Galgenplaat, wie weet zit die er nog gewoon!

We beginnen in de Crezéepolder, waar we zeker wel meer dan twintig broedende kluten tellen. Gaaf! Over een paar weken moet het hier vollopen met jong grut, op de plek waar ze broeden hebben ze namelijk niks te vrezen. Enkele kievitskuikens lopen daar ook, terwijl de dijken langs de randen van de week geklepeld blijken te zijn... Dat moet wel wat kievitkuikens hebben gekost, maar wie verzint dat ook. Een tapuit laat zich er nog wel mooi bekijken. 
Tapuit
Terwijl hier de tureluurs (3 paar), kluten, kieviten (15 paar) en kleine plevier (4 paar) nog op de eieren zitten of met jong grut lopen, zitten er ook alweer vijftien grutto's. Eind mei volwassen grutto's bij elkaar zien betekent nooit veel goeds, want deze exemplaren hebben kennelijk niks meer te doen in hun broedgebieden. De kuikens of nesten zijn wellicht uitgemaaid of gepredeerd, en onverrichte zaken keren ze weer terug naar Afrika. De reis is voor hun weer voor niks geweest dit jaar... Een tweetal mannetjes zomertaling zwemt overigens ook tussen deze jongens, wellicht broeden hun vrouwtjes wel in de Crezéepolder?
Grutto's en zomertaling (man)
Verder foerageren er nog twee fraaie pontische meeuwen en een geelpootmeeuw, terwijl ook het mannetje engelse kwikstaart nog steeds present is. Wellicht gaat het toch om een broedgeval van deze soort? 
Pontische meeuw (2kj)

We rijden hierna door richting Waalbos, waar genoeg tureluurs en kieviten al luid zitten te alarmeren, die hebben dus al jongen. Het primeurtje voor IJsselmonde blijkt nog geen jongen te hebben, en één van de twee steltkluten ligt nog op de eieren. Ruim een week ligt ze nu al te broeden, dus over twee weken hebben we wellicht wel de eerste steltkluutkuikens ooit op IJsselmonde. Dat zou wel ongelofelijk tof zijn! 
Steltkluut (man)
Steltkluut (vrouw)

Ook zien we nog vier paartjes kluut, waarvan er eentje op het slimme idee is gekomen om het nest pal naast het pad te leggen... 
Nestje kluteneieren
Terwijl we hier zijn krijgen we te horen van Hans Bossenbroek dat hij zojuist een zingende wielewaal had in het Develbos. Ook al staat die al op de jaarlijst, we besluiten toch maar even die kant op te gaan. Op IJsselmonde heb ik immers nog maar twee wielewalen en beide exemplaren waren langsvliegende vogels. 

Als we daar aankomen blijkt hij al even zijn snavel dicht te houden, maar op het gebied van libellen blijkt er genoeg te beleven. Naast leuke soorten als glassnijder en viervlek, is vlak voor onze aankomst de tweede smaragdlibel voor IJsselmonde gevonden door Kees van der Wind! Gaaf! Zoals altijd bij deze soort zien we hem enkel vliegend, en later op de dag blijken er nog wel meer aanwezig te zijn. Even later gaat gelukkig ook de wielewaal nog even dudeljoën, maar hij laat zich niet zien vanuit het dichte populieren bos. 

We fietsen hierna de ronde langs de Oude-Maas richting Heerjansdam en dan weer terug door het Waalbos. Een grauwe klauwier, waar we heel hard op aan het hopen waren, levert dat helaas niet op, maar wel kan ik een luid zingende spotvogel bijschrijven op de IJsselmonde jaarlijst. Nr. 181 alweer. Een aantal ingepakte bomen door rupsen van een nachtvlindertje zijn waarschijnlijk de meest opvallende verschijningen die we tegenkomen; een bizar gezicht! 
Rupsen
Na het Waalbos rijden we door richting de Galgenplaat, daar moet het gaat gebeuren. Langzaam gaan we maar gewoon de plas rondlopen en minutieus alle wilgen checken. We zijn nog niet eens zo heel ver weg als Laurens opeens met een brul te kennen geeft dat de kwak voor 'm opvliegt. Na een snelle sprint zie ik hem ook nog langsvliegen tussen de bomen door, waarna hij verderop langs de plas weer invalt. Bam!! Heel erg fijn om deze vogel op deze manier terug te vinden en voor mij is het zelfs nog een nieuwe soort voor IJsselmonde!! 

Kwak
De vogel laat zich vanaf nu aan de nodige toegesnelde vogelaars die de vogel van vorig jaar gemist hadden (zoals ik ook) mooi bekijken. Hij één jaar oude beest zit wat onhandig in de wilgen, probeert af en toe een vis te vangen, maar zit meestal maar duf voor zich uit te slapen. Het is per slot van rekening ook een echte nachtsoort. Maar wel een hele fraaie! 
Plasje op de Galgenplaat
Kwak

De dag zit er al bijna op, maar op de terugweg kijken we nog even bij de nieuwe oeverzwaluwkolonie in de Volgerlanden. In de wanden van een nieuw uitgegraven plasje zit namelijk sinds deze week een forse kolonie oeverzwaluwen, waardoor het bouwbedrijf nog even moet wachten met het plaatsen van de damwanden. 
Oeverzwaluwkolonie
Voordat we er zijn worden we echt opgeschrikt door de melding van 27 vale gieren over Dordrecht!! Ze gaan richting noordoost, dus niet richting IJsselmonde, maar vanuit een kraan langs de Veersedijk besluiten we toch een poging te wagen om ze op te pikken. Dat lukt nog ook, want na zo'n twee minuten zien we de grote groep flappen en cirkelen boven de Alblasserwaard. Dat moet op een slordige vijf kilometer afstand zijn geweest. Erg gaaf!! Na tien minuten raken de vogels door de te grote afstand uitzicht, een leuke bijkomstigheid vandaag, maar jammer dat ze niet over IJsselmonde vlogen... 

De oeverzwaluwen krijgen hierna nog even aandacht, waarna we het voor gezien houden vandaag. Het was weer een aardig dagje zo op IJsselmonde, met de kwak toch wel als hoogtepunt... 

Oeverzwaluwen