woensdag 7 augustus 2019

Op naar de 1000 planten!

Aangezien ik nog maar tientallen soorten verwijderd ben van de mijlpaal van 1000 plantensoorten, ben ik vandaag en gisteren met Arne van Wingerden op pad geweest om hier wat aan te doen. Gisterenochtend op IJsselmonde zo nog wat algemene soorten opgezocht, zoals muurfijnstraal en zegekruid. Prachtige planten.
Muurfijnstraal
's Middags leverde een rondje in de Alblasserwaard ook nog wat zeldzame plantensoorten op. In Sliedrecht zagen we zo vertakte paardenstaart, moesdistel en middelste ganzerik. Meer richting het oosten langs de Merwede waren geoorde zuring, dichtbloemige kruidkers en springzaadveldkers op bekende plekken goed te vinden. Een enkele soort mistten we ook, maar over het algemeen ging het planten 'twitchen' aardig soepel.
Vertakte paardenstaart
Springveldkers
Wat dieper in de Alblasserwaard kwamen we nog dauwnetel tegen, maar bleek ook een smalle waterweegbree nog aanwezig op een plek van eerdere jaren. Een close-up van het vruchtje van deze plant was hiervoor wel noodzakelijk, maar het bleek de soort! Eenmaal weer in Ambacht kon ik daar ook nog een nieuwe scoren: sikkelklaver.
Dauwnetel
Nootje met 2 groeven - smalle waterweegbree
Sikkelklaver
Op IJsselmonde valt immers nog genoeg te halen, en voor vandaag heb ik een aardig rondje uitgestippeld over het eiland. Het levert algemene soorten op, zoals moerasmelkdistel, maar ook wat zeldzamere zoals het ruige klokje, waar we ook nog even voor moeten zoeken. Langs de Oude-Maas zien we verder nog kleine kaardenbol, glad biggenkruid, aardpeer en groot moerasscherm. Elders in de Albrandswaard zijn brede waterpest, wollige sneeuwbal en rechte alsem makkelijk te vinden.
Kleine kaardenbol
We besluiten het rondje in Rotterdam, waar we in de havens onder andere het zeldzame kamferalant treffen. Het staat in de spoorrails dus is wat klein, zodat we er in eerste instantie flink overheen kijken. Rond zes uur houden we het wel voor gezien, als we de sachalinse duizendknoop als laatste hebben kunnen opschrijven. Toch wel leuk die planten, en er valt nog genoeg te ontdekken!

Kamferalant
Naast al die planten komen we niet echt leuke vogelwaarnemingen tegen, maar wel nog enkele noemenswaardige insecten. Bij het Klein Profijt zit er zo opeens een boomsprinkhaan op de auto, wat toch wel onverwachts is. De zuidelijke boomsprinkhaan is op IJsselmonde een stuk zeldzamer, en ik heb dan ook nog maar een paar van deze exemplaren. Deze soort heeft in tegenstelling tot de zuidelijke soort wél vleugels. In de Alblasserwaard kwamen we daarnaast ook nog drie argusvlinders tegen. Een soort die op IJsselmonde de afgelopen jaren helaas is verdwenen. Helaas, helaas. Zou die ooit nog terugkomen? Een prachtige soort is het...
Boomsprinkhaan
Argusvlinder

maandag 5 augustus 2019

Van blauwborst tot struiksprinkhaan

Vanochtend ben ik weer op tijd in de Zegenpolder waar gelukkig nog een randje veldbonen is blijven staan. Met een paar netjes lukt het me om daar toch nog een aantal rietgorzen, kneuen, grasmus en een mooie blauwborst te ringen. Erg leuk!
Blauwborst
Kneu
In de Zegenpolder zitten verder nog de nodige witgatjes, kleine plevieren en ik hoor ook weer een bosruiter langs komen. Ook de omliggende polders zijn niet saai, met name een perceel in de Molenpolder blijkt aantrekkelijk voor vogels. Afgelopen week telde ik door de grote hoeveelheid muizen maar liefst 18 buizerds, maar nu wordt het perceel geëgd. Ondanks dat zitten er nog de nodige buizerds en blauwe reigers, die om de haverklap een muis in de snavel hebben. Het eggen heeft weer een aantrekkingskracht om veel meeuwen, waaronder ook een aantal geelpoot- en pontische meeuwen.
Buizerd

Blauwe reigers
Geelpootmeeuw
's Middags fiets ik nog wat door Ambacht en kom zo nog wat algemene planten tegen die ik nooit eerder zag. Altijd leuk om zo nieuwe soorten te scoren, zoals grove varkenskers en bultkroos.
Grove varkenskers
Bultkroos
In de Crezéepolder is het overigens hetzelfde als de afgelopen weken: vooral veel kemphanen, oeverlopers en grutto's. Leuk is wel dat het me lukt om nog een tweetal grutto's af te lezen, die dit jaar waarschijnlijk ergens in Friesland uit het ei zijn gekropen.
Geringde grutto
Gezien de aantallen witgatjes en andere steltlopers in de Zegenpolder eerder op de dag, doe ik daar vanavond een poging om wat van deze steltlopers te vangen. Het is even geduld hebben, maar uiteindelijk hangt toch een witgatje in het net. Erg leuk om deze te vangen en wie weet lukt het de komende tijd om er nog meer te ringen!
Witgatje
Na de vangactie spoed ik me nog naar Alblasserdam, waar ik nog een ronde doe voor vleermuizen. Deze nacht is de eerste keer dat er ook weer volop struiksprinkhanen zitten te zingen. Al vrij snel heb ik enkele exemplaren in het plantsoen gevonden. Een soort die ik eigenlijk alleen maar 's nachts tegenkom met een batdetector die hoge geluiden kan detecteren, maar het moet één van de algemeenste sprinkhanen in de bebouwde kom zijn. Zo niet dé algemeenste.
Struiksprinkhaan

zaterdag 3 augustus 2019

Geen waterriet, maar genoeg vermakelijks!

Rond half zeven lopen Laurens van der Wind en ik in Polder Sandelingen in de hoop op een waterrietzanger. Begin augustus is traditiegetrouw dé tijd om deze zeldzame soort uit Oost-Europa te vinden. Vanochtend lukt het ons helaas niet, vermoedelijk ook door een aanhoudende westelijke stroming die voorkomt dat veel waterrietzangers via de kust naar het zuiden trekken. Ondanks dat doen we ook nog in het Waalbos een poging, maar ook daar komen we niet veel verder dan wat kleine karekieten.

Ondanks de afwezigheid van waterrietzangers is het op zich niet saai vogelen, met de nodige witgatjes en in Polder Sandelingen een familie tafeleend. Ik heb niet vaak gezien dat het broedsel succesvol is geweest van deze stiekeme soort, maar dit jaar hebben ze dus vier jongen groot gebracht. Mooi! In het Waalbos vliegen ook nog twee bosruiters langs en komen we een aantal lepelaars, dodaars en een grote zilverreiger tegen.
Tafeleenden
Een prachtig waterplantje dat we in het Waalbos fotograferen blijkt loos blaasjeskruid te zijn. Zowaar een nieuwe soort voor IJsselmonde! Erg leuk om die zo onverwachts tegen te komen!
Loos blaasjeskruid
In de Crezéepolder zien we even later nog naast de honderden kemphanen een prachtig groepje zwarte sterns foerageren. Leuk om deze moerassterns bezig te zien! Verder is het tamelijk tam met de gebruikelijke grutto's en nog een foeragerende bosruiter. De randen van de polder staan verder prachtig in bloei door met name grote kattenstaart en heelblaadjes. Daartussen vind ik ook nog knikkend tandzaad, een nieuwe soort voor me.
Bloemenpracht
Knikkend tandzaad
Op de Sophiapolder is het hierna ook tamelijk tam en qua steltlopers helaas geen verrassingen. Wel staan tussen de meeuwen nog zeker vijf geelpootmeeuwen en een pontische meeuw, wat het bezoek toch weer de moeite waard maakt. Na een half uurtje hebben we het echter wel weer gezien en varen we weer richting de vastewal.

Aangezien ik momenteel ruim 950 plantensoorten heb gezien, wil ik nog wel proberen om op korte termijn de 1000 soorten te halen. Vandaar dat ik, eenmaal thuis gekomen, nog weer in de auto stap richting Dordrecht. Daar zie ik op verscheidene plekken gegroefde veldsla, ruw parelzaad en slangenlook, maar beverneltorkruid en nog enkele andere soorten krijg ik niet meer gevonden. Toch weer wat dichterbij die 1000! 
Gegroefde veldsla
Ruw parelzaad
Slangenlook
Hier stond beverneltorkruid...

dinsdag 30 juli 2019

Leuke vangst in de veldbonen

De grote concentratie akkervogels die ik afgelopen zaterdag in een perceel veldbonen in de Zegenpolder ontdekte, vroegen erom om geringd te worden voor onderzoek. Gisteren en vandaag heb ik dan ook met mistnetten geprobeerd zoveel mogelijk vogels te ringen en te meten voor de Grauwe kiekendief - Kenniscentrum Akkervogels. Dat lukte gelukkig heel goed, en in de twee dagen ving ik aardig wat rietgorzen, ringmussen en kneuen, maar ook een enkele gele kwikstaart, blauwborst, grasmus, boerenzwaluw en groenling. Het waren veel vogels en ook een leuke diversiteit wat dus in de veldbonen foerageerde!
Kneu
Blauwborst
Boerenzwaluw
Gele kwikstaart
Grasmus
Met name de ringmussen vond ik erg leuk om in deze aantallen te vangen. Een soort die ik vorig jaar tijdens mijn afstudeeronderzoek niet gevangen kreeg, maar nu lukte het wel goed! Het betroffen met name veel jonge vogels die ongetwijfeld in de nabije omgeving ter wereld zijn gekomen. Bijna alle ringmussen waren ook in actieve handpenrui, aangezien zowel de jonge als de oude vogels nu doorruien. Over enkele maanden zal het verschil tussen beiden dan ook niet meer te zien zijn. 
Ringmus
Verder kwamen in de polder ook af en toe nog steltlopers over, zoals een bosruiter, groenpootruiter en een regenwulp. Al met al was het prima toeven in de Zegenpolder dus!

zaterdag 27 juli 2019

Wat steltlopers en varens

Vandaag zwerf ik weer wat over IJsselmonde, om te zien hoe alles er na een weekje afwezigheid bijligt. Het weer is wat grauw, maar ondanks dat zit in de Crezéepolder wel een greppelsprinkhaan te zingen. Altijd leuk! Een soort die nog maar weinig voorkomt op het eiland. Verder is het in de polder saai, zoals het hele najaar eigenlijk. Vooral veel kemphanen en grutto's.
Grutto
Vervolgens besluit ik om een kijkje te nemen in de Zegenpolder, waar door graafwerkzaamheden de omstandigheden ook goed zijn voor steltlopers. Bij aankomst hoor ik inderdaad gelijk een bontbekplevier, en verder zitten er enkele witgatjes en watersnippen. Een perceel veldbonen is eigenlijk interessanter, want daar blijken zeker 200 kneuen en tientallen rietgorzen, groenlingen en ringmussen in te foerageren. Prachtig!
Nattigheid (boven) en veldbonen in de Zegenpolder
De dag sluit ik af met een bezoek aan drie zeer zeldzame varens. In de Kasteeltuin van Rhoon zie ik de geschubde mannetjesvaren, in Bos Valckesteijn de zachte naaldvaren en in hartje Rotterdam zie ik enkele exemplaren van de blaasvaren. Toch ook wel weer leuk om naar planten te kijken...
Geschubde mannetjesvaren
Zachte naaldvaren
Blaasvaren

vrijdag 26 juli 2019

Een weekje in het Sauerland

Afgelopen week was ik op vakantie rond Winterberg, in het Sauerland in Duitsland. In deze regio met veel bos, weilanden en rust zaten nog wel de leuke soorten en vooral ook vlinders. Zoals wel vaker in Duitsland zaten in de dorpjes veel Europese kanaries en zwarte roodstaarten. Leuk om die verschillen gelijk te zien! Ook kramsvogels en grote lijsters waren algemeen, welke in flinke groepen aan het foerageren waren in de weilanden.
Grote lijster
Wat meer richting het bos hoorde je eigenlijk overal wel goudvinken. Zien deed je ze dan weer niet, maar duidelijk aanwezig waren ze wel. Ook waren natuurlijk veel rode wouwen aanwezig, en slechts één keer zag ik een tweetal zwarte wouwen. Zwarte ooievaars zaten ook in die regio, maar ook deze waren niet dik gezaaid. Uiteindelijk zag ik een viertal van deze mooie vogels!

In de bossen vlakbij het park waar wij zaten was het qau vogels toch weer net wat anders dan in Nederland. Veel kuifmezen, glanskoppen en op de wat nattere plekken matkoppen, maar ook kortsnavelboomkruipers waren aanwezig. Zwarte specht hoorde ik diverse malen en op open plekken zat allicht een paartje grauwe klauwier. Deze soort was, zoals gebruikelijk, dus goed vertegenwoordigd! Aan de rand van het bos kwam ik ook nog twee keer een grijskopspecht tegen. Dit is dan weer een soort die niet in Nederland voorkomt, en het blijft een fraaie soort om zo in het buitenland tegen het lijf te lopen. Naast de mooie roep is het natuurlijk een prachtige vogel om te zien!
Grauwe klauwier


Grijskopspecht

In het dal waar we vlakbij zaten, hoorde ik op een avond nog een kwartel zingen en langs een stroompje zaten zeker twee sprinkhaanzangers te ratelen. De grootste verrassing wat vogels betreft zag ik overigens ook in deze dalen, want op een middag liep ik opeens een klapekster tegen het lijf! Ik had niet verwacht dat deze soort hier broedde, en uiteindelijk zag ik zeker drie exemplaren in de buurt. Erg leuk om deze wintergast en voormalige broedvogel uit Nederland hier te treffen!
Klapekster
Naast vogels was er qua insecten ook nog genoeg te beleven. Niet wat libellen betreft, want ik zag niet meer dan een grote keizerlibel, lantaarntje en een bosbeekjuffer, maar vlinders zaten er wel! De aantallen vielen me wel enigszins tegen, maar toch lukte het me om nog een aantal soorten te vinden die in Nederland niet voorkomen. Zo zaten in het dal waar we zaten in wat prachtige grasranden purperstreepparelmoervlinders. Een prachtige vlinder, maar de meeste waren al aardig 'afgevlogen' en zagen er niet zo mooi meer uit.


Purperstreepparelmoervlinder
Prachtige bloemrijke randen

Op kalkgraslandjes op een wat hoger gelegen stuk waren mijn verwachtingen ook hoog, maar de aantallen vlinders waren daar helaas laag. Veel distelvlinders en koevinkjes, maar slechts een enkele purperstreepparelmoervlinder en een klaverblauwtje. Dichterbij het bos waren de soorten dan weer wel leuker, met keizersmantels en het fraaie morgenrood. Deze vuurvlindersoort bleek allicht op open plekken in het bos aanwezig. Een prachtig felgekleurde soort die ik op meerdere locaties zag!
Klaverblauwtje
Morgenrood

In het bos bleek op de open plekken ook boserebia voor te komen. Een soort van een familie waar we in Nederland überhaupt geen soorten van hebben. Altijd leuk dus! Ook een grote weerschijnvlinder zat nog voor me op het pad en ik kwam een enkele bruine vuurvlinder tegen. Al met al toch nog wel wat leuke soorten, alhoewel ook de hitte van tegen de 40 graden geen goed gedaan zal hebben. Veel vlinders zoeken ook dan de schaduw op natuurlijk...
Boserebia
Bruine vuurvlinder
Grote weerschijnvlinder
Keizersmantel
Ten slotte waren er ook nog de sprinkhanen natuurlijk. Overal was het gezoem van greppelsprinkhanen niet van de lucht, en ook gouden sprinkhanen waren goed vertegenwoordigd. Op enkele plekken klonk ook de zang van kleine groene sabelsprinkhanen. Een kleinere variant van de grote groene, welke in Nederland op slechts enkele plaatsen in het oosten voorkomt. Op een open plek in het bos hoorde ik daarnaast ook nog enkele steppesprinkhanen. Genoeg om van te genieten dus, terwijl een rode eekhoorn mij in de gaten hield vanuit een veilig hoog plekje...

Kleine groene sabelsprinkhaan
Rode eekhoorn
Na de vakantie rijden we terug via Limburg. In het Limburgse Eys maken we zo nog ene tussenstop voor de braamparelmoervlinders die daar de laatste tijd worden gezien. Terwijl we richting de locatie lopen rommelt het al vervaarlijk, en door het naderend onweer hebben we dan ook niet veel tijd. Gelijk na aankomst zien we gelukkig de doelsoort boven de akkerdistels vliegen, maar zitten doet het beestje helaas niet. Hij verdwijnt tussen de struiken en komt niet meer terug voordat we vertrekken richting de auto. Jammer, maar de soort is wel gezien. Aangezien van deze soort op deze plek een populatie aanwezig lijkt te zijn, zal het echter niet moeilijk zijn om ook in de toekomst vaker deze soort op te zoeken... Dat moeten we dus maar doen.
Plek braamparelmoervlinder