woensdag 1 januari 2025

Een vogelrijk 2025 gewenst!

Zoals ik jaarlijks doe maak ik aan het eind van het jaar altijd een overzicht van de hoogtepunten van het afgelopen jaar. Dit jaar ben ik wat rustiger geworden met het schrijven op m'n blog, dus ook deze terugblik gaat wat korter worden (denk ik...). Het was vooral een jaar met heel veel nieuwe soorten, liefst 9 zag ik er! Daarnaast niet heel veel gevogeld (volgens mij..), maar met name bezig geweest met eigen onderzoeksprojectjes. Een twitch tussendoor is dan natuurlijk altijd een goede afwisseling! 

Het jaar begon goed, niet gelijk met een lifer, maar op 3 januari vond ik de Siberische waterpieper terug in 's-Gravendeel! Tijdens het tweede of derde bezoek aan de polder deze winter, waar een mooie groep waterpiepers een spruitenstoppel had gevonden, liep deze enorme dwaalgast opeens mijn scopebeeld in. Heel gaaf om hem weer terug te zien en gelijk nu ook een stuk beter dan de vorige winter. De weken daarop bleek de vogel lastig en in februari kon ik 'm al niet meer terugvinden. Ook diverse geringde waterpiepers verdwenen op dat moment al uit beeld, de wegtrek van waterpiepers kan vroeg beginnen... 

Siberische waterpieper

Eind februari werd ik op een zondag opeens opgeschrikt, want totaal onverwachts vloog er een donkere fase dwergarend over de tuin. Mijn eerste nieuwe soort van het jaar en dan ook nog gelijk over de tuin, een goed begin! 

Dwergarend

In maart bezocht ik op één van zijn laatste dagen de zwartkoprietzanger die langs de Grebbedijk bij Rhenen was ontdekt. Eerder hoorde ik al twee keer een zwartkoprietzanger in Nederland, maar zien lukt uiteindelijk niet in de Ooijpolder en de Biesbosch. Deze mooie, zonnige ochtend in maart was dus een stuk succesvoller, want met mijn kijker zag ik hem af en toe fraai door het riet skulken. Een gaaf beest! 

Een nieuwe soort was het dus niet, maar een beetje voelde het wel zo. Begin mei begon het echt pas te lopen met de nieuwe soorten, toen op Texel een kuifkoekoek werd gevonden. Eén van mijn schaamsoorten, maar eentje die sinds 2015 niet meer twitchbaar ais geweest in Nederland. In het begin van zijn verblijf op Texel was hij lastig, maar uiteindelijk bleek hij redelijk voorspelbaar en op de ochtend dat wij gingen liet hij zich goed, maar wel op grote afstand bekijken. Erg gaaf om te zien natuurlijk en weer een mooie soort rijker! 

Kuifkoekoek

Vanaf toen ging het wat beter lopen, want op 31 mei werd er in de Driemanspolder bij Zoetermeer een heuse grote tafeleend ontdekt. Een nieuwe soort voor Nederland, nadat een vogel die jarenlang in de duinen uiteindelijk als waarschijnlijk escape was ontmaskert. Die vogel zag ik toentertijd nooit, maar nu leek dus alles goed te zitten. Nadat de vogel op 31 mei was vertrokken stond ik er op 1 juni niet met het eerste licht, maar al snel werd de vogel gemeld en kon ik 'm dus ook bijschrijven. 

Grote tafeleend

Juli was dit jaar uiteindelijk voor mij de beste maand. Het begon met een scharrelaar die opdook in de Meinweg (Limburg) en daar al een paar dagen aanwezig bleek te zijn. Een twitch op het eind van de dag leek onhaalbaar, dus ik gokte op de volgende ochtend. Dat lukte goed, want dankzij mijn warmtebeeldkijker ontdekte ik de vogel al op de slaapplek en uiteindelijk ook schitterend op de hei. 

Scharrelaar

Twee weken later was het weer prijs, weer zo'n typisch zomerse dwaalgast: groene bijeneter! Ook nu komt het natuurlijk weer net niet helemaal uit, want ik moest weer op tijd terug op kantoor zijn. Nadat de vogel een paar keer was vervlogen maar uiteindelijk toch wel ter plaatse bleef, besloten Jonathan Janse en ik toch te gokken dat we met twintig minuutjes op locatie wel voldoende zouden hebben. Na de auto geparkeerd te hebben bij Noordwijkerhout direct de duinen in, waar Jonathan 'm ongeveer in de eerste meidoorn ziet zitten. Het kan verkeren... 

Groene bijeneter

De beste soort van de maand kwam ook op het laatst, en zoals meestal in de zomer tijdens het veldwerk. Met een aantal collega's hoefden we niet lang na te denken toen de melding doorkwam en liepen we linea recta het veld uit bij Nieuwkoop, op naar Walcheren! Na een soepele rit liep daar de pas tweede Indische kievit voor Nederland, schitterend in een duinvalleitje! Erg gave soort, en zeker als er regelmatig bijeneters en zomertortels overvliegen... 

Vogelaars bij de Indische kievit

Na een vakantie in augustus kwam ik op 2 september weer vol goede moed op kantoor. Voor een afspraak moest ik al in Noordwijk zijn, maar al snel kwam de melding van een veldrietzanger bij Den Helder! De vogel leek goed te doen, dus nadat de afspraak was afgelopen ging het linea recta richting het noorden. De veldrietzanger was gevonden in een klein wilgencomplexje en wat riet in het duingebied, en kon eigenlijk geen kant op. Meestal liet hij zich uitsluitend zien na het afspelen van geluid, en bij aankomst was dat net gedaan. Veel vogelaars vertrokken dus en hadden hem net mooi gezien, dus voor ons was het een uurtje in spanning afwachten. Na het afspelen van het  geluid kwam het echter gelijk goed en liet de veldrietzanger zich op afstand schitterend bekijken! Een zeldzame soort die met enige regelmaat wordt gevangen, maar dit was pas de tweede twitchbare vogel in het veld.

Wachten  bij de veldrietzanger

Een maand later mocht ik in Wassenaar mijn 450ste soort op de lijst bijschrijven: een roetvliegenvanger! We stonden net op het punt een rondje te gaan wandelen, dus die wandeling zou in de Ganzenhoek moeten gaan plaatsvinden... Een hectische twitch van weer een nieuwe soort voor Nederland, en ook pas de derde voor Europa! Een hele gave soort! 

Twitchers bij de roetvliegenvanger

Ten slotte was er eind oktober nog een rotszwaluw, die een nacht op de kerk in Oosterend op Texel doorbracht. Op de zaterdagochtend vroeg zagen we met de warmtebeeld dat de vogel nog aanwezig was, waarna hij zich in de vroege ochtend schitterend liet zien in het dorpje. Net zoals eerdere lifers dit jaar (scharrelaar, kuifkoekoek, dwergarend) was dit toch ook wel een inhaler, maar wel een hele fijne natuurlijk. 

Rotszwaluw

Naast het twitchen van zeldzame soorten heb ik weinig zeldzaamheden in het land gezien. Een bezoek aan de Nieuwe Driemanspolder in juli voor een vorkstaartplevier liep helaas op een dip uit, zo kon ik deze nieuwe soort voor mijn Zuid-Hollandlijst niet bijschrijven. Wel vloog hier nog een witwangstern rond en zo kon ik ook nog o.a. roze spreeuw en morinelplevier nabij een zeldzaamheid bijschrijven. Zelf zoeken heb ik dit jaar ook niet veel gedaan, ik denk dat ik 2 keer op de Maasvlakte ben geweest... Vogelen in het najaar leverde verspreid nog wel wat bladkoningen, een dwerggors, ortolaan en roodpootvalk op. In de winter vond ik verrassend met het zoeken naar waterpiepers nog een buidelmees. De vondst van een roepende kwartelkoning in de Zegenpolder was wellicht mijn leukste vondst van het jaar (na de dwergarend). 

Die vondst brengt ons ook nog naar IJsselmonde, waar het met drie nieuwe soorten voor de lijst een prima jaar was. Na de dwergarend duurde het alleen tot in november, toen er twee keer kort achter elkaar een soort op dezelfde plek opdook. Op 11 november dreef een parelduiker over de rivier richting het Noordpark (Zwijndrecht), waar hij ruim een uur aan onze kant bleef dobberen en zich uiteindelijk ook in het Balkengat schitterend liet bekijken. Een nieuwe soort voor het eiland, al snel gevolgd door een andere nieuwe soort voor IJsselmonde op dezelfde locatie: een humes bladkoning werd op 28 december ontdekt! 

Parelduiker

Jaarlijsten doe ik al jaren niet meer op IJsselmonde, maar de nodige zeldzaamheden kwam ik nog wel tegen, zoals middelste zaagbekken, kwartels, kanoet, reuzenstern, drieteenstrandloper, koereigers, rode en zwarte wouwen, grauwe kiekendief, goudvink en nog een onverwachtse sneeuwgors. Een steltkluut in Oud-Reijerwaard was in april een leuke vondst en in februari was er op twee dagen nog mooie kraanvogeltrek, met meerdere groepen uit kantoor in Ambacht. Daarvandaan zag ik ook nog een fraaie zwarte wouw, koereiger en met grote regelmaat zeearenden. Heel leuk was ook de aflezing van een Finse krombekstrandloper in de Crezéepolder, die krap een week ervoor was geringd in Finland! Een Big Day hebben we dit jaar niet gedaan op het eiland overigens. 

Finse krombekstrandloper

Op IJsselmonde was ik verder vooral druk met mijn onderzoeksprojecten, die zich momenteel nog steeds richten op matkop, kievit, bokjes, houtsnip, huismus en waterpiepers. Het leverde veel mooie vangsten, onverwachte aflezingen en leuke resultaten op! Zo zijn er ondertussen alweer 5 houtsnippen elders in Europa geschoten, namelijk in Rusland (3), Frankrijk (1) en Italië (1). Helaas werden dit najaar ook weer twee kieviten geschoten gemeld in Frankrijk. Het één en ander is of zal uiteraard worden uitgewerkt in artikelen. Ringen in Meijendel deed ik dit jaar weinig, en helaas was het broedsucces van de kolonie op de Sophiapolder ook beperkt: er kwam zelfs geen enkele kluut groot, maar wel konden we nog de nodige visdieven en wat stormmeeuwen ringen. 

Waterpieper R/WNR

Sneeuwgors

Bosrietzanger in oktober (Woerden)

IJsvogel en draaihals (VRS Meijendel)

Wat betreft zoogdieren was het dit jaar vrij rustig, maar een gewone dolfijn in IJmuiden kon ik natuurlijk niet links laten liggen en was nog nieuw op de lijst. Muizenonderzoek op IJsselmonde was ook leuk voor de verandering, maar leverde niet de gehoopte waterspitsmuizen op. Wel was het talrijk voorkomen van dwergspitsmuizen erg leuk en verrassend. De groep watervleermuizen onder de A16 was ook dit jaar weer aanwezig en bleek inderdaad om een kraamkolonie te gaan. De andere kraamkolonie in de Zwijndrechtse Waard kon ik lokaliseren in het Slobbenoordbos, terwijl ik boven de Devel ook meerdere meervleermuizen had. 

Gewone dolfijn

Op het gebied van vlinders en libellen heb ik in Nederland niet heel veel zeldzaams gezien, maar met de teamtweedaagse in Drenthe was het goed om weer eens maanwaterjuffers en noordse witsnuitlibellen tegen te komen. Op IJsselmonde was het echter wel een heel leuk libellenjaar, en door gericht zoeken heb ik uiteindelijk mijn eerste zuidelijke heidelibel (2e voor het eiland) en mijn eerste zwervende pantserjuffer (3e voor het eiland) gevonden. Mijn beste vondst was wellicht een jagende zuidelijke glazenmaker bij de Jan Gerritsenpolder, dat was een compleet nieuwe voor IJsselmonde! Naast deze nieuwe soort zag ik ook nog lokale zeldzaamheden als blauwe breedscheenjuffers, bruine korenbout, smaragdlibel, vuurlibellen, rivierrombouten, tengere grasjuffers en zuidelijke keizerlibellen. 

Zuidelijke heidelibel

Zwervende pantserjuffer

Ook op het gebied van sprinkhanen was het op IJsselmonde echt een goed jaar. Greppelsprinkhanen vond ik ook weer ten westen van de A29, maar gouden sprinkhaan blijft nog steeds stabiel in de Crezéepolder. Op de Sophiapolder is de populatie helaas na de herinrichting van de dijken verdwenen, maar zal wellicht weer een keer volgen?! Een gerichte zoekactie naar boomkrekel leverde op de Sophiapolder wel zoals verwacht één zingend exemplaar tegen! Het zou eigenlijk de eerste voor IJsselmonde zijn, ware het niet dat ik de avond ervoor een boomkrekel vond in Rijsoord tijdens een ronde voor spoorkrekels! Een lang verwachte nieuwkomer ook op het eiland, en die spoorkrekels zitten werkelijk overal op het oosten van IJsselmonde, maar ook rondom de Waalhaven. De ontdekking van een populatie kiezelsprinkhanen bij de Waalhaven, deed mij besluiten om ook in Zwijndrecht op wat spoortjes rondom Kijfhoek te gaan zoeken. Dat leverde zowaar ook de vondst van een populatie kiezelsprinkhanen op op een braakliggend terrein! Na de eerste vondst voor Nederland in Rotterdam-Zuid (ook op IJsselmonde dus), blijkt dat er nu weer/nog twee populaties op het eiland zijn, waarbij opgemerkt moet worden dat ik de kans wel heel groot acht dat er een grote populatie op rangeerterrein Kijfhoek aanwezig is. 

Kiezelsprinkhaan

Boomkrekel

In Nederland kon ik in september uiteindelijk nog rozevleugel op mijn Nederlandse lijst bijschrijven. In Groeve 't Rooth werd deze zomer een populatie ontdekt, en met een reguliere excursie de groeve in kon ik deze fraaie nieuwkomer bijschrijven. Sprinkhanen blijven voor mij toch een aansprekende soortgroep in Nederland en dit was soort nr. 45, waarbij alleen de kleine wrattenbijter (zit op een militair oefenterrein) nog ontbreekt. 

Rozevleugel

Ten slotte heb ik natuurlijk ook weer naar de planten gekeken dit jaar. Met iets meer enthousiasme heb ik ook gefocust op mijn IJsselmondelijst, waar ik totaal 58 soorten kon bijschrijven. Daarbij toch ook wel wat hoogtepunten als hondskruid, moeraswespenorchis, driekantige bies (bijna verdwenen), kleine rupsklaver, slangenlook, echt lepelblad, groot nimfkruid en klavervreter. Door het zoeken naar zeldzame plantjes kom je toch ook weer net op andere plekken op het eiland. In Nederland kon ik uiteindelijk 40 nieuwe soorten bijschrijven, wat ik vooral deed met gecombineerde rondjes (bijv. twitch naar scharrelaar, bezoek aan de rozevleugel en met werk). Het zijn vrijwel uitsluitend allemaal echte zeldzaamheden, zoals zomerandoorn, wigbladige roos, strobloem, grote biesvaren, kleine biesvaren, koprus en slank wollegras. 

Klavervreter

Klein nimfkruid

Zomerandoorn

Veldgentiaan

Een vakantie hadden we in augustus nog in Noorwegen, waarbij het lukte om een paar leuke doelsoorten te zien. Het duurde even, maar uiteindelijk heb ik schitterend witrugspecht gezien. Erg blij was ik ook met waarnemingen van taigagaai en moerassneeuwhoen, maar helaas lukte het niet om bruinkopmezen te vinden (zit nog een populatie vrij zuidelijk). De vakantie werd nog wel aangevuld met waarnemingen van elanden, parelduikers, korhoenen, steenarend, ruigpootbuizerds, notenkrakers en ook (uitgezette) muskusossen. 

Witrugspecht

Korhoen

Muskusos

Parelduiker

Eland

Taigagaai

Uiteindelijk resulteerde het bovenstaande in een update van de volgende lijstjes: 

Nederlandse lijst: 451 soorten 

Zuid-Hollandlijst: 371 soorten

IJsselmondelijst: 269 soorten (incl. Siberische tjiftjaf, rouwkwikstaart, Engelse kwikstaart, noordse kwikstaart, kleine barmsijs en witstuitbarmsijs)

Hendrik-Ido-Ambachtlijst: 225 soorten

Jaarlijst 2024: 238 soorten (incl. witbuikrotgans, Engelse kwikstaart, noordse kwikstaart, rouwkwikstaart, grote barmsijs)

IJsselmonde 2024: 179 soorten (incl. Engelse kwikstaart, noordse kwikstaart en rouwkwikstaart)

Zelfontdeklijst: 292 soorten

Dagvlinders: 71 soorten (excl. geraniumblauwtje)

Libellen: 67 soorten

Sprinkhanen: 45 soorten (excl. huiskrekel, spoorkrekel, schildboomsprinkhaan, westelijke zorrosprinkhaan en zuidelijke boomsprinkhaan)

Planten: 1291 soorten

Zoogdieren: 53 soorten

Alle lezers een gelukkig en natuurrijk 2025 toegewenst! 

dinsdag 31 december 2024

December 2024 met een heerlijke afsluiter!

Het grootste deel van de maand december stond voor mij in het teken van het zoeken naar slaapplaatsen van waterpiepers. Nadat ik een aantal jaar geleden op IJsselmonde begonnen was met het ringonderzoek, is de interesse in deze soort steeds sterker geworden. Temeer omdat er ook gewoon niet zoveel over bekend is. Afgelopen winter bleken ook op meerdere plekken in de Hoeksche Waard clusters te zijn met waterpiepers, maar kon ik het voorkomen nog steeds niet helemaal verklaren. Waarom zitten ze op sommige plekken wel, en op andere plekken niet? De Alblasserwaard bleek afgelopen winter zelfs vrijwel helemaal verlaten te zijn... 
Slaapplaats Groene Strand (Oostvoorne)

Reden temeer om mijn onderzoeksgebied wat te vergroten, dus in december bezocht ik zoveel mogelijk potentiële plekken in de Krimpenerwaard en de Zuidplaspolder. De tijdsinvestering is redelijk beperkt, want het posten duurt maximaal een uurtje rond zonsondergang of zonsopkomst, en bovendien zijn dat in de winter natuurlijk hele schappelijke tijden. Alleen soms jammer dat het samenvalt met de spits... Al met al leverde het qua waterpiepers eigenlijk bedroevend weinig op, wat juist ook wel weer het belang van IJsselmonde voor deze soort onderstreept. Erg interessant allemaal! Naast waterpiepers (die ik ook vaak niet had...) waren het natuurlijk soorten als waterral en cetti's zanger die overal aanwezig waren. Verder een enkele baardman, blauwe kiekendief, grote zilverreigers en als leukste verrassing een luid roepende buidelmees langs de Lek bij Krimpen aan de Lek! Een soort die je toch wel een keer zou verwachten, en dus ook wel een keertje lukte. Zien lukte overigens niet vanwege de schemer, maar toch een leuke vondst. 
Rietgors langs de Lek, zonder waterpiepers maar mét buidelmees

Overdag lukte het regelmatig om flink wat waterpiepers af te lezen. Twee zoektochten in de Hoeksche Waard leverde helaas niet de Siberische waterpieper op. De vogel lijkt helaas dus niet te zijn teruggekeerd, alhoewel ik ook niet meer dan 20 waterpiepers kon vinden. De mooie groep van de afgelopen jaren lijkt dus niet aanwezig, maar geschikt foerageerhabitat leek ook beperkt. Omdat ik nu toch in de buurt was heb ik ook weer een keer de dwergganzen in het Oudeland van Strijen opgezocht, dat was alweer tien jaar geleden... 

Zonsopkomst bij Groot Koninkrijk

Goede spruitenstoppel gaat ten onder

Verder ving ik in december nog de nodige bokjes, watersnippen, houtsnippen en waterpiepers, waarmee de maand zich niet veel onderscheidde van de afgelopen wintermaanden. Daartussen uiteraard ook nog wat leuke en nuttige terugvangsten van afgelopen winters. De leukste waarneming van de maand zat echter in de staart. Op zaterdag 28 december liepen we net even in Dordrecht toen op in het Noordpark door Hans Bossenbroek een mogelijk bladkoning werd gemeld. Ik volgde de berichten wat op de voet en niet veel later bleek het zeker om de eerste humes bladkoning voor IJsselmonde te gaan! Een toch wel langverwachte soort, maar wel een hele zeldzame. Op IJsselmonde hadden we alleen 1-2 claims van deze soort, maar met zekerheid was hij nog nooit vastgesteld. Het lag gelukkig op de route dus niet veel later sta ik naar de luid roepende humes bladkoning te luisteren in een tuin met veel wintergroen. De kenmerkende roep was het meest opzienbarende aan de waarneming, want verder dan wat vluchtige waarnemingen van een vlug bewegende en vliegend zangertje kwam ik zonder verrekijker niet... Desalniettemin een fijne afsluiter van dit jaar en de derde nieuwe voor mijn IJsselmondelijst dit jaar! 

Kramsvogels

Kleurringen na een paar weekjes flink onder de bagger

Sfeerplaatje bij de humes bladkoning

zaterdag 30 november 2024

November 2024

De maand november begon roerig, met op de eerste dag van de maand een mooie vangdag in een Noord-Hollandse polder. In de polders nabij Krommenie worden al enkele winters op rij smienten gevangen met een kanonnet, welke worden gekleurringd en soms ook gezenderd. Op IJsselmonde is ook eenmaal een geringd exemplaar aangetroffen van deze ringacties. Het leek me altijd leuk en leerzaam om zo'n vangactie eens een keer mee te maken, en vandaag had ik daar de gelegenheid voor. Als ik aankom is alles al geïnstalleerd en ook de eenden lopen al op de goede plek. Niet veel later is dan ook het net gevallen en zijn we de rest van de dag zoet met de bijna 60 exemplaren. Leuke, leerzame en nuttige bezigheid! 


Smienten

Op 2 november had ik het voornemen om te proberen de groep waterpiepers te vinden, maar in de ochtend werd dat ruw gestoord door de melding van een zeer waarschijnlijke bruine gent bij Scheveningen. Dit soort meldingen vind ik altijd wel leuk om toch gewoon een poging te wagen, zeker als het redelijk in de buurt is. De vogel vloog heel rustig naar noord, en met een korte berekening zou Katwijk nog een serieuze optie moeten kunnen zijn. Na ruim een half uur sta ik dan ook op de boulevard met nog een tiental anderen, maar verder dan wat normale jan-van-genten, een houtsnip uit zee, wat middelste zaagbekken, brilduikers en eiders komen we niet. Ach ja, niet geschoten... 

De waterpiepers in de Zwijndrechtse Waard deden het ook de rest van de maand lastig, en het lukte me telkens niet om de groep op de akkers te vinden. Een deel lekker door te vliegen naar de Hoeksche Waard, maar ook daar had ik geen succes. Uiteindelijk vond ik ze eind van de maand op een spruitenstoppel langs de Lindeweg, zodat ik eindelijk een flink aantal vogels kon aflezen. Daar kon ik dus ook weer veel teruggekeerde vogels van afgelopen winters weer noteren. Erg nuttig en belangrijk om de overleving van waterpiepers inzichtelijk te krijgen! Twee vangsten op de slaapplaats leverde totaal nog zes gevangen exemplaren op, waaronder een vogel van afgelopen winter. Altijd leuk om weer eens zo'n zekere adult in de handen te hebben. 



Terugvangst adult R/RBY

Qua vangsten was er natuurlijk ook weer genoeg te doen wat betreft de snippen. Wekelijks deed ik weer een avondrondje in of de Zegenpolder, of rond Ambacht. Dat leverde in november 20 vangsten op van houtsnippen, waaronder ook terugvangst van afgelopen winter! In de donkere uurtjes vingen we verder nog wat watersnippen, de nodige bokjes en een enkele koperwiek, graspieper en holenduif. Al met al weer lekker om met het dazzelen bezig te zijn en ook het zoeken overdag naar bokjes leverde veel vangsten op. In november ving ik bijna 50 exemplaren, waaronder ook weer diverse terugvangsten van afgelopen winter. Met name braakliggende terreinen hebben lokaal voor deze soort toch een grote waarde! 
Kievit

Holenduif

Bokje

Klein Profijt

De zeldzaamste vangst van deze maand en wellicht van de afgelopen winters was een zogenaamde kortsnavelige houtsnip. Houtsnippen staan er om bekend dat ze een stevig lange snavel hebben, maar een zeer kleine deel van de populatie (naar schatting ca. 0,25%) heeft een absurd korte snavel. Wat hier precies achter zit is niet helemaal duidelijk, maar ten minste een deel van deze vogels kan er prima mee overleven. Ik wist van het bestaan van deze kortsnavelige vogels af, maar had ze nog nooit gezien, laat staan gevangen. Tijdens een vangronde in de Zegenpolder ben ik dan ook zeer aangenaam verrast als ik zie dat de houtsnip die ik gevangen heb een korte snavel heeft. De snavel meet uiteindelijk 49,2mm, een stuk korter dan de normale snavellengte van ca. 70mm. 

Houtsnip 'kortsnavel'

Een opmerkelijk 'bijvangst' bij het zoeken naar bokjes was de vondst van een sneeuwgors. Het was alweer mijn vierde op IJsselmonde, maar toch erg leuk dat een warm stipje in de warmtebeeldkijker op een paar meter afstand geen bokje is maar deze kustvogel. De vogel toonde zich erg tam en bleek een jong vrouwtje te zijn, die goed op gewicht was. Fraaie vogel! 


Sneeuwgors

maandag 11 november 2024

Parelduiker nieuw voor 't eiland!

Het hele jaar was na mijn waarneming van een dwergarend in februari op IJsselmonde vrij rustig verlopen. Met enige regelmaat verschenen natuurlijk wel leuke soorten op het eiland, zoals een grote karkiet, reuzensterns, kwartels en meer van dat soort schaarse soorten. Dit najaar vlogen daarnaast wel twee mega's over het eiland, namelijk een Mongoolse pieper en de eerste grote kruisbek. Een twitchbare nieuwe soort had echter even op zich laten wachten, maar gisteren werd er plotseling op de Merwede voor de dijk bij Papendrecht een parelduiker ontdekt. De vogel foerageerde op de rivier, pendelde heen en weer tussen Dordrecht en Papendrecht en was zelfs vanaf de Zwijndrechtse oever op grote afstand te zien. Zou dat nog wat kunnen gaan worden?

Vanochtend bleek de vogel nog aanwezig, maar nog steeds op veel te grote afstand van IJsselmonde. De notoire zeevogel zat eerst bij Papendrecht tegen de dijk aan, stak toen over om op verkenning te gaan in de Dordtse havens. Dat wordt niks meer was mijn gedacht en in alle rust was ik dan ook aan het werk geslagen. Tot er tijdens een overleg opeens een melding bij me binnen kwam dat hij weer aan de Alblasserwaardse kant zwom en in hard tempo richting west ging. Oei! Niet veel later werd inderdaad melding gemaakt dat hij nu midden op de rivier zwom en voordat het bericht doorkwam dat hij op IJsselmonde zat, had ik me al geëxcuseerd en had het overleg verlaten... Na een paar minuutjes was ik ter plaatse in het Noordpark, maar zag noch vogelaars, noch de parelduiker. Bleek dat de vogel alweer doorgezwommen was richting de Dordtse brug, dus snel een sprintje richting het oosten.

Parelduiker

Balkengat

Eenmaal het hoekje op was de vogel daar gelijk in beeld, strak tegen de oever aan. De parelduiker was actief aan het duiken en was toch wel behoorlijk schuw, zodat bij het benaderen de vogel zich snel onder water uit de voeten maakte. Toch wel een beetje zoals verwacht zwom de vogel even later het Balkengat in, waar we hem op afstand nu toch wat beter en rustiger konden bekijken. Dit resulteerde er ook in dat diverse vogelaars van het eiland deze primeur voor IJsselmonde konden twitchen. Al duikend en snorkelend was het jonge beest actief aan het foerageren, maar of hij daarmee ook succesvol was, was niet helemaal duidelijk. Na enige tijd verliet hij toch weer het Balkengat om de rivier op te gaan, maar keerde niet veel later toch terug. Reden voor mij om de parelduiker te verlaten en weer aan het werk te gaan. Een erg gave nieuwe soort voor de IJsselmondelijst! Eenmaal weer aan het werk, bleek de vogel na mijn vertrek al spoedig opgevlogen en werd aan geen enkele zijde van het drierivierenpunt nog teruggevonden. Een kort maar krachtig bezoek. 

Veel foeragerend strak in de oever

donderdag 31 oktober 2024

Oktober 2024

Deze maand oktober bracht ik vooral weer veel tijd door op IJsselmonde. Behoudens het bezoeken van twee nieuwe soorten (roetvliegenvanger en rotszwaluw) kwam ik vrijwel niet van het eiland af. Een ochtendje op de Maasvlakte begin oktober leverde alleen nog een bladkoning op bij de Westplaat. Op IJsselmonde blunderde ik daarentegen nog twee keer tegen een bladkoning aan, in de Volgerlanden en in Polder het Buitenland. In beide gevallen tijdens het zoeken van bokjes, want die arriveerden eindelijk! 

Sneeuwgors bij Wassenaar

Op 8 oktober ving ik eindelijk de eerste bokjes van het seizoen, en uiteindelijk kon ik deze maand 31 exemplaren onder het net vandaan vissen. Waaronder ook weer de eerste exemplaren terug van afgelopen winter, erg leuk natuurlijk. Bovendien ook met een mooi aandeel adulten, wat weer leerzaam was om inzicht te krijgen in de ruipatronen. 

Bokje

Adult bokje met ruicontrasten

Oud-Reijerwaard

Naast de teruggekeerde bokjes waren ook de waterpiepers weer terug. Een eerste vangst aan het eind van de maand leverde vijf vangsten op van deze bergbewoners. Het aflezen viel echter behoorlijk tegen, omdat er geen vaste plek was waar veel werd gefoerageerd door waterpiepers. Slechts een enkeling zag ik terug van de afgelopen jaren. Hopelijk gaat daar in november nog verandering in komen, maar dat zal ongetwijfeld. 

R/WYN

R/WYR

Devel

Voor houtsnippen was het nog te vroeg, daarvoor heb ik in oktober nog geen poging gedaan om in de avond snippen te vangen. Wel leverde een wintertelling op Sophiapolder nog een mooie waarneming op van het paartje zeearenden van de Oude Maas. Ze deden een poging om eenden te vangen, maar succesvol was die niet. Verder leverde oktober nog aardig wat overvliegende soorten op, zoals boomleeuweriken, appelvinken en blauwe kiekendief.

Jagende zeearend

Ten slotte verbleef er nabij Woerden nog enige tijd een spannend zangertje. In eerste instantie werd de vogel gedetermineerd als struikrietzanger, maar nagelang hij beter werd gezien ontstond er meer twijfel en werd zelfs gedacht aan een zeldzame spotvogel. Onder andere omdat de vogel regelmatig met zijn staart zat te zwaaien, wat typische is voor vale spotvogels. Eén en ander zorgde voor genoeg reden om deze vogel te vangen met de lokale ringers. Het vangen het wel de nodige voeten in de aarde, maar toen de vogel eenmaal in de hand was werd gelijk duidelijk waarmee we te maken: bosrietzanger... Een zeldzaamheid in oktober, maar niet helemaal de soort waar op werd gehoopt. Desalniettemin een zeer leerzame vangst! 

Bosrietzanger

zaterdag 26 oktober 2024

Weer een nieuwe: rotszwaluw

Gisterenavond werd ik vlak voor het donker opgeschrikt door de melding van een rotszwaluw op Texel. De vogel werd ontdekt al rondvliegend rond de kerk van Oosterend, dus het lag wel in de lijn van verwachting dat de vogel daar de nacht zou doorbrengen. Terwijl ik in de Crezéepolder nog bezig was met wat kieviten af te lezen, rees dus het plan om vanochtend vroeg de dag te starten op Texel. Rotszwaluw is immers een soort die nog steeds op mijn lijst ontbrak, en nu leek er eindelijk eens een uitgelezen kans op te doen om deze bergbewoner uit de Alpen in Nederland te zien! Zo gezegd, zo gedaan, en rond 4 uur pikte ik vanochtend Hans Bossenbroek en Richard van Vugt op voor een efficiënte trip naar het grootste Waddeneiland. 

De rit ging voorspoedig en ruim voor de eerste boot waren we in Den Helder. Na wat wikken en wegen had ik toch maar besloten om voor de zekerheid de boot van 6:30 te pakken. Met de volgende boot zou het toch pas na achten worden dat we op de plek zouden zijn, dus beter maar een uurtje eerder voor de zekerheid. Nu was het dorpje nog in volledige rust als 20-30 vogelaars zich van de pont naar de kerktoren begeven. Met een snelle blik door de warmtebeeldkijker was het duidelijk: de vogel zat nog op exact dezelfde plek als waar hij gisteren was gaan slapen. Mooi! 

In het duister staren naar de toren

Kerktoren van Oosterend in het maanlicht

In het duister was er met wat fantasie iets te zien wat op een zwaluw leek, maar moeilijk was het wel. Langzaam werd het echter licht een steeds meer werd duidelijker zichtbaar dat er inderdaad een zwaluw aan de muur hing. Ook ging de vogel poetsen en bewegen, en om iets voor acht vloog hij op om enkele minuten zenuwachtig rondom de kerk te vliegen. Net voordat de vogelaars van de tweede boot waren gearriveerd, dus toch wel lekker om er al te zijn... Volgens de verwachting ging de vogel toch al vrij snel weer zitten, waarna hij zich een uurtje zat te poetsen en klaar te maken voor een mooie dag op het eiland.

Rotszwaluw in het halfduister op de slaapplek

Rotszwaluw

Vliegen deed hij uiteindelijk en hij scheerde meermaals vlak over de hoofden van de tientallen vogelaars, probeerden met regelmaat op de pannendaken van de huisjes rondom de kerk te gaan zitten en had zo nu en dan aan de stok met de talrijke spreeuwen en kauwen. Al met al een schitterend showtje van deze zeldzame dwaalgast uit Midden-Europa, die vermoedelijk met de aanhoudende zuidelijke stroming op Texel was beland. Er gingen overigens geruchten dat de vogel al meerdere avonden bij de kerk was waargenomen en eerder in oktober was er ook al een waarneming van een rotszwaluw op Texel, dus de vogel zou er natuurlijk ook zomaar langer gezeten kunnen hebben.


Rotszwaluw

Rond kwart over 9 ging die weer op de kerk zitten, wat voor ons het teken was om af te taaien. Na een kort bezoekje aan de adulte roze spreeuw die al weken in Den Burg zit, zaten we even later tevreden op de pont van 10 uur weer huiswaarts. Een succesvolle twitch naar alweer mijn negende nieuwe soort dit jaar! 

Roze spreeuw

zaterdag 5 oktober 2024

Nr 450: roetvliegenvanger!

In de hoop op toch de eerste bokjes van dit najaar startte ik vanochtend om kwart voor acht in Polder het Buitenland, bij Heerjansdam. Een zonnige dag was opgegeven, dus dan kan je beter maar vroeg zijn voordat de bokjes niet meer zichtbaar zijn in de warmtebeeldkijker. In het natte grasland bleken helaas nog geen bokjes aanwezig, wel stootte ik nog wat watersnippen op. Uit het riet riepen enkele waterrallen, terwijl er wel iets van beweging in de lucht was met de nodige zanglijsters. 

Langs de rivier heb je hier een mooi uitkijkpunt, dus het plan was om daar een paar uurtjes te gaan trektellen. Rutger Plaisier stond er al en deze plek heeft volgens mij toch wel wat voordelen ten opzichte van de Crezéepolder. In de eerste plaats omdat ik de indruk heb dat daar veel zangvogels het grote, open water mijden en bijvoorbeeld over De Gorzen trekken. Die mis je dus midden in de polder. Daarnaast is er soms veel geluidsoverlast door ganzen en de snelweg, maar ook hier was het niet stil door passerende boten en af en toe ook treinen in de verte. Een stille plek ga je nu eenmaal niet vinden op IJsselmonde...

Het begon met een behoorlijke nevel en echt goed vliegen deed het niet. Desalniettemin was het niet onaardig met wat groepjes sijzen, vinken, zanglijsters en vooral veldleeuweriken. We zagen nog twee groepjes boomleeuweriken en een smelleken hard naar zuid jakkeren. Omdat de trek al wat afnam, liep ik rond 9 uur nog even naar de strekdam in de hoop op geringde kieviten, maar tussen de 20 exemplaren stonden helaas geen geringden. Tijd dus om de telling af te ronden, maar vlak voor half 10 hoorden we opeens een tikkende gors aankomen. Door de tikkende zanglijsters en roodborsten heen was het onmiskenmbaar, maar gelukkig kwam de vogel ook nog eens vlak voor langs en leek ten noordoosten van ons in het maïs in te vallen. Erg gave verrassing, want pas de vierde voor IJsselmonde! 

Een zoektocht in de polder leverde helaas geen dwerggors meer op, jammer! Na de succesvolle telling besloot ik een ronde door het Waalbos te lopen in de hoop op wellicht een bladkoning of nog wat geschikte plekken voor bokjes. Dat leverde weinig groepen zangvogels op en ook geen bladkoning, maar twee overvliegende appelvinken en een fraaie matkop waren toch de moeite waard. Deze soort lijkt nu toch ook het Waalbos gevonden te hebben, en waarschijnlijk zal dit jonge bos nu ongeveer oud genoeg zijn. Zou erg gaaf zijn als ze hier ook gaan broeden komend jaar! Ten slotte liet ook een paartje futen met jongen zich nog fraai bekijken en besloot ik weer eens een paar keer af te drukken...

Matkop



Futen

Op de planning stond verder een rustig middag, en die verliep ook tamelijk rustig. Tot we op het punt stonden om een wandelingetje te gaan maken en er opeens foto's van een hele zeldzame vliegenvanger voorbijkwamen. Ai... Het bleek bij Wassenaar te zijn en na niet al te lang wikken en wegen zou daar de wandeling dus maar moeten plaatsvinden... Eenmaal onderweg werd al snel meer duidelijk over de soort: een heuse roetvliegenvanger, een soort uit Mongolië en de Himalaya en pas twee keer eerder vastgesteld in Europa. Heel zeldzaam dus! 

Na ongeveer een kwartier waren we thuis vertrokken, dus dat kon niet heel veel sneller. Op wat file bij Rotterdam na ging het verder vrij vlot en na een uurtje kwamen we aan op de Wassenaarse slag. We waren gelukkig samen dus bij het hotel kon ik afgezet worden, ideaal! Daarna in gezwinde draf het bos in, waar de vogel net weer even uit beeld was. Al starend naar de dennenbomen besloot ik even om te lopen, omdat daar het overzicht wat beter leek. En niet voor niks, want opeens zie ik een vogel landde op een tak wat 'm blijkt te zijn. Binnen! Door de kijker laat hij zich goed bekijken en na een fluitje komt de rest van de groep aangedraaft. Uitleggen valt niet mee en al snel verplaatst hij zich weer naar achteren, maar ik kan in ieder geval met enige rust verder van de vogel en de twitch genieten! 


Twitchers

Al snel volgt nu van de andere kant het sein dat daar de vogel in beeld is, en daar laat hij zich minutenlang zien op wat takken onder de kruinen van de dennenbomen. Al poetsend, zittend en kijkend, ook door de telescoop prima te zien! Rond 17:00 verdwijnt hij weer en besluiten wij het voor gezien te houden. Een erg succesvolle twitch en voor mij de 450ste soort die ik zie in Nederland! Ruim 8 jaar naar mijn 400ste (voorjaar 2016) en ruim 13 jaar na mijn 300ste (26 maart 2011). Het gaat toch gestaag omhoog en toch wel ongelofelijk, want toen ik begon met vogelen stond de nummer 1 net op de 450 meen ik mij te herinneren. Die zag vandaag welgeteld zijn 500ste soort in Nederland...