donderdag 1 oktober 2026

Hectische maar uiterst succesvolle twitch!

Vanochtend was ik met collega Jonathan Janse in Nijmegen, toen iets voor één een waarneming van een grote pijlstormvogel werd gemeld. In de Waalhaven, nota bene óp IJsselmonde, was gisterenmiddag een grote pijlstormvogel gefotografeerd! Slechts het twintigste geval van deze uiterste zeldzame soort, maar vooral ook mogelijk een twitchbare vogel! 'Grote pijl' is natuurlijk bij uitstek een soort die alleen door de hele fanatieke zeetrektellers wordt waargenomen, dus een vogel dobberend in de haven zou de optimale kans zijn om 'm eens in de kijker te krijgen. Ondanks dat de waarneming van gisteren is, besluiten we het werk af te ronden en gelijk te gaan zoeken in Rotterdam. Wie weet! 

Als ik om kwart over twee aankom zijn er al meerder mensen aan het zoeken en alle zichtbare hoeken en gaten van de Waalhaven zijn eigenlijk al gecontroleerd. Mijn verwachting is dat de vogel ergens verzwakt (of dood..) op de kant zal liggen, dus ik ga maar gelijk wat oevertjes in wat uithoeken van de haven uitlopen. Als ik echter ook daar zoekers tegenkom, loop ik weer terug naar de auto als er om 15:07 de melding komt dat de vogel is teruggevonden: op de Nieuwe Waterweg voor Vlaardingen! Helaas niet op IJsselmonde, maar na een kwartier rijden ben ik op de locatie. 

Eenmaal uitgestapt is de vogel gelijk in beeld op ca. 100 meter van de kant. Schitterend! Wat een soort! Door twee snelle speedboten vliegt de vogel echter op en landt weer in de vaargeul, maar daar wordt hij weer opgejaagd zodat hij zich opeens snel naar het westen verplaatst. Direct besluiten we dus maar weer naar het westen te rijden om de vogel daar op te vangen, maar hij gaat snel richting zee.




Grote pijlstormvogel

Op nog twee plekken zien we de vogel op afstand vliegen en zwemmen op de Waterweg, maar aangezien de vogel aan de zuidkant van de watergang zit is de keuze snel gemaakt om 'm vanaf Rozenburg te gaan bekijken. Vanaf de landtong willen we de vogel oppikken, omdat we verwachten dat hij toch vrij vlot richting zee gaat verplaatsen. Eenmaal op de gewenste locatie is de vogel nog ver ten oosten van ons, en als hij weer een paar honderd meter vliegt verwachten we dat het niet lang gaat duren voordat hij ons passeert.


Grote pijlstormvogel

Gelukkig voor de vele, vele aanstormende vogelaars besluit de vogel echter een inham in te zwemmen, waar hij rustig voor de kant gaat dobberen. Uiteindelijk zie ik 'm daar tot 17:30 ongeveer, waarna ik besluit huiswaarts te keren. 

Eenmaal thuis blijkt dat de vogel weer in de stroming is terecht gekomen, en de Waterweg naar het oosten volgt. Onder lichte spanning zit ik dus aan tafel, waarna ik rond kwart voor 7 toch in allerijl besluit naar de Vondelingenplaat te rijden. Ondertussen is daar de groep vogelaars van IJsselmonde al aangegroeid, met de hoop om 'm toch ook nog op de regiolijst te kunnen schrijven. Ondanks dat de vogel in beeld is vanaf Vlaardingen, lukt het ons in eerste instantie niet om hem op de drukbevaren rivier met flinke golven in beeld te krijgen. 

Zonsondergang boven de Nieuwe Maas

Consternatie alom ontstaat als de vogel vanaf de Botlek (dus ten westen van ons) wordt gezien. Vanaf daar lijkt het echter alsof de vogel de Oude Maas inzwemt, dus de 15 man springt in de auto's om de vogel daar op te pikken. Na twee minuten blijkt het echter tevergeefs en is de vogel tóch op de Nieuwe Maas gebleven. Gelijk weer terug naar het uitkijkpunt en dan zien we 'm vrijwel direct. Hij zwemt behoorlijk strak tegen de IJsselmondse oever aan, dus het plan is geslaagd! Uiteindelijk komt hij schitterend (ondanks het afnemende licht) voor ons langs naar het oosten toe dobberen. Om 20:00 als het licht echt is uitgegaan laten we de vogel los, maar ondertussen zwemt de vogel dan ook al bijna ana de overkant. Wat een dag en toch ook nog op de regiolijst!

Grote pijlstormvogel

In beeld! 

maandag 14 september 2026

Leuke zoogdieren in het zuiden

Toen mij in 2024 ter ore kwam dat het mogelijk was om Europese hamster ook in Nederland te zien, ben ik ondertussen meerdere keren op de locatie geweest. In 2024 zelfs nog, maar helaas leverde dat toen en ook twee keer in 2025 geen zekere waarneming op. Desalniettemin is het een schitterend gebied met altijd wel diverse steenuilen, ransuilen en kerkuilen, en waarnemingen van diverse soorten muizen en ook steenmarter. Aangezien ik nog vakantie heb, besloot ik vanavond gewoon maar eens die kant op te gaan. Ten slotte is het alweer vroeg donker, dus zo heel laat zou ik ook weer niet thuis zijn. 

Iets na zonsondergang kom ik aan op de locatie, waar al vrij snel wat beweging is van muizen en de eerste dwergmuizen al hoog in de vegetatie zitten. Ook de uilen worden wakker en dan ruim een uur na zonsondergang zie ik plotseling een groter dier voorzichtig uit de dekking komen. De afgestompte kop valt direct op, maar in de hoop dat hij nog verder uit de dekking zal komen zet ik mijn lamp er niet direct op, waarna de vogel terug de vegetatie inschiet. Ai... Dat zou er goed eentje geweest kunnen zijn! Even later zie ik hem nog kort door de vegetatie en ook een seconde in de lamp, maar helaas alleen op de rug. Of was het toch een bruine rat?

Niet veel later zie ik op grotere afstand ook weer een dier uit de vegetatie komen, en als ik dan mijn lamp erop zet blijkt het raak te zijn! Ook al is het op grote afstand, een hamster steekt het pad over en laat mij opgelaten achter. Eindelijk succes! Ondanks het succes blijf ik nog tot een uur of tien in de hoop op een betere waarneming, maar dan besluit ik toch huiswaarts te keren. 

In Eindhoven besluit ik echter nog een tussenstop te nemen, want in de winter worden daar in een hulst regelmatig zwarte ratten gezien. In dit deel van Noord-Brabant zit een grote populatie van deze zeldzame soort, maar wellicht dat die in september ook al op die locatie aanwezig zijn? Als ik iets over elf naar het bosje loop is het even zoeken, maar opeens loopt er een rat in m'n warmtebeeld door de takken. Eenmaal in de zaklamp vallen gelijk het zwarte uiterlijk, spitse snuit en vooral ook de grote oren op. Soepel loopt hij door de takken van de struiken en laat zich zo leuk bekijken! Toch ook nog wel een gave waarneming en zo al met al een succesvolle avond met mooie waarnemingen van zeldzame zoogdieren. 

zaterdag 29 augustus 2026

Wél gezien, maar niet tevreden

In België hing al enige tijd een sakervalk rond, maar op flinke afstand van de grens. Aangezien het een juveniele vogel betrof én in de goede tijd (in de nazomer), had de vogel goede papieren. Voor een Nederlander maakte dat natuurlijk niet uit, tot de vogel afgelopen week op korte afstand van de Nederlandse grens opdook. Hij zat namelijk opeens in het Zwin, terwijl wij op vakantie waren in Noordoost-Groningen. Ruim 5 uur rijden... Dat ging 'm niet worden, en maar goed ook, wat het bleek onhaalbaar. De vogel vloog uiteindelijk wel Nederland in, maar dat geluk was slechts voor een handjevol vogelaars weggelegd. 

Desalniettemin werd de vogel in de dagen daarna nog af en toe op korte afstand van de grens gezien, dus ik besloot om vanochtend rond het eerste licht in het gebied aanwezig te zijn. Wie niet waagt, wie niet wint! Rond kwart over 7 rij ik dan ook rustig rond in de polders rondom Sluis tegen de Belgische grens. De opdracht van de dag is natuurlijk vooral de vogel te zien, maar dan bij (grote voorkeur) ook in Nederland. Aangezien de vogel gisteren twee keer (mogelijk) is gezien rondom Sluis, rijd ik daar rond in de polder en beweeg rustig richting het Zwin. Als ik daar bijna aankomen (nog 2 minuten rijden) komt de piep door dat hij daar zojuist is gezien! Als een speer leg ik het laatste stukje af, maar aangekomen blijkt de vogel in de verte omlaag te zijn gegaan met een prooi. Waarschijnlijk net in België, maar hij zou uit Nederland zijn gekomen. Na een korte afweging besluit ik om achter de vogel aan te gaan, in de hoop 'm te vinden op een akker. 

Na tien minuten en wat rondrijden in de richting waar de vogel geland zou zijn, zien we vooral torenvalken maar ook opeens een grote valk. Direct verdwijnt hij echter achter een rij populieren, dus als een haas vertrekken we weer die kant op. Zonder enige details aan de vogel gezien te hebben, willen we natuurlijk toch wel meer zien van deze vogel die inmiddels dus in Nederland vloog. Eenmaal omgereden is er niks meer te zien en langzaam rij ik wat verder in de richting waar de vogel verdween. Opeens hangt Leon Boon aan de lijn dat hij de grote valk weer ziet vliegen en wel mijn kant op, maar in geen velden of wegen zie ik 'm. Raadselachtig, vloog hij wellicht te laag of keek ik te gehaast?! 

Nu we alle spoor van de vogel kwijt zijn, rijd ik weer rustig richting het westen, toch maar weer naar het Zwin? Plotseling volgen een aantal meldingen zich snel op dat de vogel ten zuiden van het Zwin (in België dus) zou zijn gezien. Daar aangekomen zien we niet meer dan een havik vliegen en later blijkt dat hier dus niet de vogel was gezien. Verwarring alom, maar we besluiten maar richting de zuidkant van het Zwin te rijden om te posten. Helaas rijd ik verkeerd, en wanneer ik keer word ik gebeld dat de vogel nu echt over het Zwin vliegt! In alle haast dus weer naar het uitkijkpunt (Belgische kant) waar de vogel gelukkig geland is op de akker. Van afstand is de vogel daar prima enkele minuten te zien, waarna hij opvliegt en in België verdwijnt. 


Het Zwin

Nadat alle hectiek wat is neergedaald, blijkt dat enkele gelukkigen die op het Nederlandse uitkijkpunt stonden, de vogel vanuit Nederland België zagen invliegen. Ook uit de richting waar wij niet veel eerder achter een grote valk aanzaten, tja... Helaas stonden we dus verkeerd, maar we zijn ook wel weer blij dat we in ieder geval de vogel gezien hebben, omdat veel zoekers 'm ook in België mistten. 

Inmiddels is het 9 uur en besluit ik aan de Nederlandse kant van het Zwin te gaan posten. Wellicht komt 'tie nog een keer hetzelfde rondje maken? Ondanks dat een rode wouw, twee wespendief, slechtvalken, boomvalk en reuzensterns best vermakelijk zijn, besluit ik er om half één een eind aan te breien. Wél gezien, maar niet geslaagd... 

Slechtvalk


Wespendief

Voordat ik helemaal huiswaarts keer tik ik nog even een nieuwe plantensoort binnen in Retranchement: kustzegge. Je kan 'm maar hebben! 

Kustzegge

Als ik thuis de auto parkeer wordt precies de vogel weer gepiept: op een akker in België. Uiteindelijk blijft hij daar de hele middag in de regen zitten, tot iets voor zes uur. Dan vliegt de vogel op en verplaatst hij zich weer richting de Nederlandse grens, waar een aantal vogelaars in spanning wacht tot hij hopelijk weer de grens zal passeren. Echter, vanaf zijn laatste rustplek net ten zuiden van het Zwin kiest hij toch weer een oostelijke koers en raakt daarmee uit beeld. Onduidelijk is of 'tie nu Nederland is ingevlogen, of dat hij toch naar elders is gegaan. Omdat ik toch op de zenuwen zit en mocht de vogel nog teruggevonden worden in de avond, ik de vogel niet zou willen missen, besluit ik met Hans Bossenbroek om half 7 toch nog een poging te gaan wagen. 

Het is een gewaagde poging, maar het valt toch te proberen. We willen in ieder geval alle hoge plekken in de omgeving checken om wellicht zo de slaapplaats te vinden. Eenmaal aangekomen na de lange rit in het uiterste zuidwesten van Nederland valt het water met bakken uit de lucht. Gelukkig is het al snel droog, maar alle andere vogelaars zijn al vertrokken. Tot in het allerlaatste licht zoeken we nog door en controleren diverse kerktorens en telefoonpalen, maar verder dan wat slapende torenvalken komen we helaas niet. Het had zo mooi kunnen zijn... 


Lege torens

donderdag 20 augustus 2026

Een schitterende soort en een goed verhaal

Ruim een maand geleden werd op de Marker Wadden een roodkeelstrandloper ontdekt. Dat was pas de 8ste keer dat deze Oost-Siberische soort in Nederland werd waargenomen, maar bleek voor mij helaas onhaalbaar. Een (reeds volgeboekte) pontje vertrok nog om 13:00 vanuit Lelystad, maar die was voor mij toen ruim onhaalbaar. Uiteindelijk zagen alleen drie vogelaars die op de gok naar de haven waren gereden (en dus nog mee konden) de vogel, maar voor de rest van vogelend Nederland was de vogel onbereikbaar. Ook in voorgaande jaren bleek de soort lastig, bleven altijd slechts één dag en de laatste twitchbare dateert uit 2011. Mogelijk dat een exemplaar uit 2024 op het Balgzand langer dan één dag bleef, maar uiteindelijk is die voor slechts één dag aanvaard. Toen die vogel bekend werd gemaakt heb ik daar met nog enkele tientallen nog wel een vergeefse poging gedaan, maar helaas...

Groot was dan ook de blijdschap toen gisteren weer een roodkeelstrandloper werd doorgepiept, inclusief overtuigende foto's. Het enthousiasme werd iets getemperd toen de locatie bekend werd: het oostelijke puntje van de Boschplaat op Terschelling. Veel verder kan het eigenlijk niet in Nederland. Desalniettemin besloten Leon Boon en ik toch een poging te wagen. We hadden de tijd vandaag, het is een schitterende soort (voor beiden nog nieuw) en niet vies van een avontuurtje in een verder saai jaar. Om 5:00 vertrokken we dan ook uit Ambacht, waarna we inclusief een stop ruim op tijd in Harlingen waren voor de snelboot van 8:15. Tot onze grote verbazing waren we de enige op de boot voor de vogel... De rest had zich kennelijk weerhouden door de inspanning en onzekerheid. 

Stralend zonnetje in Harlingen

Eenmaal op het eiland was een elektrische fiets snel gehuurd op de 25km durende tocht aan te vangen. Zeker het laatste stuk van ca. 8 km staat bekend als taai, aangezien dat volledig onverhard is. De heenweg was echter aangenaam, met een windje in de rug en in goed gezelschap van enkele NJN'ers die de vogel gisteren hadden gevonden. Aangezien het water vandaag ruim een half uur later dan gisteren op het hoogste punt zou komen, hadden we ruim de tijd. Kwart over elf waren we op de oostpunt en na een half uur lopen kwamen we op de hoogwatervluchtplaats. Ruim 6,5 uur na vertrek thuis dus eindelijk op locatie...

Gisteren was de vogel ontdekt in een groep overtijende strandlopers en bontbekplevieren op het strand, maar de hoop was dat 'tie met opkomend tij ook prima op het wad te zien zou moeten zijn. De hoogwatervluchtplaats is dus aan de zuidkant van het eiland (uitkijkend over de Waddenzee), maar de verwachting was dat door de zuidwestenwind net als gisteren weer een groot deel naar de Noordzeekant zou verkassen om daar op het strand en in jonge duintjes te overtijen. Een aantal NJN'ers was al aanwezig, zodat we met een mannetje of 12 het Wad checken. Voornamelijk rosse grutto's, zilverplevieren, bontbekplevieren en drieteenstrandlopers krijgen de aandacht, naast de vele scholeksters, meeuwen en sterns die aanwezig waren. 

Langzaam komt het water (zowel in de lucht als in de zee...) dichterbij

Al vrij vlot wordt een opvallende strandloper opgemerkt tussen de bontjes en drieteentjes, maar te ver. Het kleinere formaat, witte onderzijde in contrast met een bruine bovenzijde en een rossige keel vallen echter op. De vogel vliegt dichterbij, maar door een onweersbui die op dat moment boven ons losbarst gaat alles in paniek alle kanten op en valt er door de harde regen niks meer te zien. Het had 'm zomaar kunnen zijn, maar de vogel krijgen we niet meer teruggevonden als de bui is gepasseerd. 

Naderende onweersbui

Tot een uur of twee vermaken we ons met de vele steltlopers met daartussen nog één kleine strandloper. Een adulte zeearend vliegt nog langs, een wespendief wordt nog opgemerkt en in het Amelandergat zit zowaar nog kort een kleinste jager ter plaatse. Na een tijdje zien we steeds meer steltlopers het eiland oversteken naar de plek van gisteren, en als het weer gaat regenen besluiten Leon en ik achter Tim Langerak aan te gaan die al eerder naar de oude plek was gegaan. Het water staat ook bijna hoog (rond 15 uur was het hoog), dus op het wad verwachten we weinig extra. 

Op het strand staat inderdaad een mooie groep met honderden bontbekken en wat drieteentjes, maar minder dan gisteren zo klinkt het al snel. De groep is nog wat onrustig, dus Leon en ik besluiten om te lopen om vanaf het westen een ander deel van de groep hopelijk beter te kunnen bekijken. Tim en nog enkele vogelaars doen dat vanaf het oosten. Nauwelijks zijn Leon en ik in positie als ik de anderen bij elkaar door de scope zie kijken, en vervolgens Tim z'n telefoon zie pakken. Dat moet raak zijn! Inderdaad gaat gelijk mijn telefoon over en hoor de boodschap van Tim dat hij er tussen staat. Dus toch! We hadden de moed bijna opgegeven, moesten ook al een beetje richting de boot (half zes vertrekt de laatste), dus dit was een ideaal scenario!


Roodkeelstrandloper

We laten alles voor wat het is en sprinten door de kwelder om de groep niet te verstoren naar Tim toe. Na enkele minuten zien we 'm dan eindelijk, schitterend! De vogel staat rustig tussen de bontbekken te rusten en haalt heel af en toe de kop uit z'n veren. Wat een schitterende vogel. De roodoranje borst knalt er werkelijk uit, in contrast met de spierwitte onderzijde. Een hele fraaie strandloper, die zich nu rustig op het gemakje laat bewonderen. Vanaf een hoog duintop op 200 meter van de vogel hebben we goed overzicht, zonder de vogel te verstoren. 


Roodkeelstrandloper

Niet veel later komen ook de vogelaars vanaf het wad aangerend (dat was nog wel een stukje), zodat na een minuutje of tien iedereen de vogel heeft gezien! Ook een Duitser blijkt nog de overtocht te hebben gemaakt en is ook zeer verheugd de vogel te mogen bewonderen, zodat we uiteindelijk met drie man sterk de gok hebben genomen. En deze keer gewonnen! Voorlopig blijft het water hoog en omdat we nog graag deze dag terug willen, besluiten Leon en ik westwaarts te gaan. Maar mét de vogel! 


Waar het allemaal goed kwam! 

Lopend terug naar de fiets blijkt echter opeens mijn fietssleutel in geen velden of wegen te bekennen. Alle broekzakken zijn leeg en zoeken op de Boschplaat is onbegonnen. De fietsverhuur wordt op de hoogte gesteld, die tegen betaling wel de fiets op het uiterste puntje van het eiland moeten gaan ophalen. Daar zijn ze niet blij mee, maar dat ben ik natuurlijk ook niet... Er zit niks anders op dan in hoog tempo de Boschplaat af te lopen en eenmaal in de bewoonde wereld met een taxi naar de boot te gaan. Wanneer ik een taxi heb gebeld blijk ik nog 9km te moeten lopen en daar ruim te laat voor de boot aan te komen, ai... Gelukkig loop ik er wel behoorlijk wat minuten vanaf, maar de opluchting is groot als blijkt dat de taxichauffeur per gratie een paar kilometer over het fietspad mag rijden. Uiteindelijk kom ik zo ruim voor tijd in de haven aan, waar niet veel later ook Leon zwoegend arriveert (zijn accu was er mee opgehouden toen er nog een barre tocht van 10km met een stevige westenwind wachtte...). Moe maar voldaan varen we dus even later de haven uit, met een schitterende nieuwe soort en een mooi verhaal rijker!

Even een sleuteltjes zoeken...

vrijdag 31 juli 2026

Juli 2026

Juli was dit jaar een uitloopmaand van de drukke maand juni, veel van dezelfde dingen gingen gewoon weer door. Wekelijks heb ik weer genoten van de witwangsterns, de laatste kieviten kon ik kleurringen en diverse matkoppen belandden nog in mijn netje voor een setje kleurringen. In tegenstelling tot vorig jaar waren er niet of nauwelijks groepen met foeragerende kieviten, zodat het aantal aflezingen behoorlijk achterbleef. Helaas! Zeker jonge vogels van dit jaar kwam ik nergens tegen tussen de weinige kieviten die ik kon vinden. 

Jonge matkoppen zijn de grote dekveren aan het ruien

Matkop Nm/NW

Kwartels hoorde ik nog links en rechts en tijdens een weekendje in Soest zag ik weer eens mooi nachtzwaluwen, dat was ook alweer even geleden. Tijdens het veldwerk vonden we nog een graszanger en na een dagje veldwerk in Zeeland lag de melding van een witstaartkievit langs het Haringvliet mooi op de route huiswaarts. Dat was alweer ruim 15 jaar geleden, dus leuk om die soort weer eens te zien en ook nog een nieuwe voor de Zuid-Hollandlijst! 

In Meijendel was ik nog een ochtend voor een CES-ronde, maar dat leverde eigenlijk geen enkele verrassing op. Helaas! In de Crezéepolder kon ik nog twee jonge kluten van kleurringen voorzien, wat ook alweer even geleden was. Eindelijk dit jaar weer een paar succesvolle broedgevallen. Op de laatste dag van de maand vond ik uiteindelijk wellicht hét persoonlijke hoogtepunt van de maand: moerassprinkhanen. Op IJsselmonde ontbrak deze soort nog steeds, ondanks dat ze stevig in de omgeving toenemen. Op het einde van de vrijdagmiddag besloot ik nog even langs de Oude Maas te lopen in de hoop op wat matkoppen, toen ik onderaan de dijk opeens het kenmerkende knipschaartje hoorde! Uiteindelijk bleken er twee mannetjes te zitten, dus een nieuwe soort voor IJsselmonde! Dit is alweer de zoveelste nieuwe sprinkhaan die op het eiland verschijnt, waarvan ik de eer had om de afgelopen jaren greppelsprinkhaan, gouden sprinkhaan, zuidelijke sikkelsprinkhaan en boomkrekel als primeur voor het eiland te vinden. Deze moerassprinkhaan sluit daar mooi bij aan, maar ben benieuwd hoever de soort kan gaan uitbreiden!



Moerassprinkhaan

dinsdag 30 juni 2026

Juni 2026

Juni was zoals gebruikelijk weer een drukke maand met veldwerk, veel buiten voor monitoring wat natuurlijk veel mooie waarnemingen opleverde. Tijdens plantenmonitoring werd ik weer eens aangenaam verrast door een hermelijn, die zie ik niet zo vaak! Maar dit jaar waren we wel een beetje verwend met bijvangsten tijdens het veldwerk, waarbij zeldzame soorten heel snel heel normaal aanvoelden. In de omgeving van Bodegraven bleken namelijk tien paar velduilen gevestigd te zijn, maar dat leverde toch wel vrij onnatuurlijke taferelen op. Ongekend wat een goed muizenjaar met deze soort kan doen! Ook elders kwamen we ze nu opeens tegen, zoals in de Alblasserwaard en in de Nieuwkoopse Plassen. 

In de Ankeveense Plassen hebben de witwangsterns inderdaad doorgezet en zaten daar in juni de nodige nesten. Hele welkome aanvulling om tijdens monitoring van libellen schitterende witwangsterns tegen te komen. We hebben de kolonie intensief kunnen volgen, maar het blijft natuurlijk vooral ook een schitterende soort om te zien. Ze vestigden zich vrij laat, dus in juli zagen we pas de eerste jonge kuikens op nest verschijnen. 


Witwangsterns op nest

Het nestenonderzoek van matkoppen was in juni natuurlijk weer afgelopen, maar het lukte weer goed om matkoppen te ringen. Pogingen om matkoppen te ringen leverde meerdere succesvolle vangsten op, zodat het hopelijk gaat lukken om dit jaar weer 25 matkoppen van kleurringetjes te voorzien. Verdere ringde ik in juni nog enkele kwartels, die weer eens een heel goed jaar hebben. In de polders bij Rhoon zaten er diverse en in het Waalbos bleek een gevangen vogel zowaar al een ringetje uit België te dragen. Erg leuk! Ook kon ik nog drie nesten met kerkuilen ringen, die ook een prima jaar hebben door de muizen. 

Kwartel

Matkop

Op IJsselmonde was ik natuurlijk ook nog weer druk met kieviten, die toch nog wel weer een beter jaar hadden dan afgelopen jaar. In Reijerwaard had ik uiteindelijk nog een familie die alle vier de kuikens groot brachten, waarvan ook allebei de ouders in voorgaande jaren waren gekleurringd. Toch leuk! In Reijerwaard dook overigens ook nog een zingende graszanger op, ook weer eens leuk natuurlijk.


Juveniele kieviten

Ma kievit GRO8

Maar IJsselmonde had in juni nog wel betere soorten in petto. Toen ik op 16 juni onderweg was naar Reijerwaard om nog even wat kieviten te ringen, kwam de melding door dat Willem van Rijswijk een mogelijke orpheusspotvogel hoorde in Rotterdam IJsselmonde. Daar was ik al dicht in de buurt, dus na een minuutje of tien was ik daar aanwezig. Niet veel later hoorde we de vogel zingen en waren we er snel van overtuigd dat het inderdaad een orpheusspotvogel was. Toch wel een langverwachte nieuwe soort voor het eiland! Zien bleek nog wel een ander verhaal, maar uiteindelijk zat hij een paar minuten op korte afstand in wat fruitbomen te zingen en lukte het mij om de enige plaatjes van deze vogel te maken. Fijne nieuwe voor de IJsselmondelijst, die de rest van de dag zich maar sporadisch liet horen en de volgende dag ook weer was verdwenen.


Orpheusspotvogel

Daarmee was het verhaal qua zeldzame vogels in juni op IJsselmonde nog niet afgelopen, want in Rhoon werd zowaar een paartje steenuilen met jongen gevonden! Toch wel weer verbazend hoelang we daar weer met z'n allen overheen hebben gekeken, maar het leuke was dat beide adulten geringd waren. Al snel bleek dat één van de adulte een kwekersring had en dus ook gevangschap afkomstig is (waarschijnlijk ontsnapt), maar de andere had een wetenschappelijke ring. Uiteindelijk koste het me twee avonden, maar lukte het me om de vogel af te lezen. De steenuil was vorig jaar als nestjong geringd in Oud-Beijerland, op een kilometertje of vijf van de plek op IJsselmonde. Ongeveer de dichtstbijzijnde nestkast bij IJsselmonde, maar wie weet heeft de soort zich weer permanent gevestigd na het eerste broedgeval sinds een jaartje of 20?! 

Geringde steenuil uit Oud-Beijerland

Langs de Waal hadden we dit jaar ook weer een broedgeval van woudaapje, waarvan ik tijdens een vaarrondje het vrouwtje schitterend zag. Blijft toch een fraaie soort! Toen zag ik ook nog twee roerdompen die op minimaal twee plekken langs de Waal (of op korte afstand) broeden. Ook de bekende kolonie watervleermuizen was weer volop bezet onder het viaduct. 

Ten slotte ben ik nog één dag rond wezen rijden in het oosten en zuiden van het land, om nog een lijstje met resterende plantensoorten op te zoeken. Foto's heb ik daar niet meer van (in verband met verzopen telefoon), maar het was een succesvolle dag met uiteindelijk elf nieuwe soorten! Een paar hoogtepunten waren vliegenorchis (uitgebloeid, maar wel eindelijk gelukt), klimopklokje, Italiaanse climatis, violette bremraap en moerassmele. Daarnaast is het natuurlijk sowieso leuk om weer eens ver buiten de regio te zijn, met onder andere nog twee zwarte wouwen. 

zaterdag 30 mei 2026

Mei 2026

In mei ging het veldwerk uit april gewoon door, maar het seizoen voor matkoppen was voor mij wel afgelopen. Kieviten daarentegen was het nog razenddruk, maar in tegenstelling tot vorig jaar kwamen wel wat meer kuikens groot. Dat maakt het onderzoek natuurlijk ook leuker om te doen, alhoewel de aantallen in de akkerbouwgebieden nog steeds schrijnend laag waren. Op braakliggende terreinen waren de aantallen wat groter, maar veel metingen hebben veel waardevolle gegevens opgeleverd. 

Kievit GEW0

Kievit GFW9

Roerdomp langs de kieviten

Een mooie bonus tijdens het zoeken naar kievitkuikens, was een groep noordse kwikstaarten en een roodkeelpieper in de Zuidpolder. Deze polder is dit jaar ingericht als natuur- en recreatiegebied, maar tussen de jonge aangeplante boompjes broeden nog steeds wat kieviten. Op 9 mei werd ik daar aangenaam verrast door een luid roepende roodkeelpieper, maar helaas vertrok de vogel al snel naar noordoost en heb ik 'm niet aan de grond gezien. 

Noordse kwikstaart

In mei zijn we daarnaast ook druk geweest met het vangen en zenderen van vrouwtjes slobeend. Dit onderzoek aan slobeenden leverde gelijk al heel veel nuttige informatie op over de kuikenoverleving, en dat zal ik de komende maanden ook nog veel gaan opleveren. En natuurlijk was het heerlijk om mooie weidevogelgebieden rond te lopen, met o.a. veel jonge grutto's! In de Alblasserwaard leverde dat ook nog een velduil op, maar ook elders in de provincie zag ik tijdens het werk nog veel velduilen. Dankzij een muizenpiek is het een uitermate goed jaar voor deze soort, met zelfs in Zuid-Holland tientallen broedgevallen. Twee jongen kon ik daar nog ringen. 

Velduil

Muskusrat

Paapjes

Andere leuke soorten die ik tijdens het werk tegenkwam, was een mooie man grauwe klauwier op een MAS-telpunt bij Zoetermeer en twee zwarte wouwen die hadden geslapen op een akker. Een hoogtepunt was echter wel het ontdekken van witwangsterns in één van de gebieden waar we dit jaar de libellen moeten monitoren. Eind mei vonden we minimaal 6 exemplaren rondvliegend in het gebied, die ook op de plompbladeren gingen zitten. We hadden het gevoel dat ze weleens in dit gebied zouden kunnen gaan broeden, en dat bleek in juni inderdaad het geval te zijn! 

Zwarte wouwen





Witwangsterns

Een bezoekje aan de Maasvlakte leverde ook deze maand geen spektakel op. Een familie bontbekplevier was daar wel het hoogtepunt, naast dat we ook nog zeenarcies op het Slufterstrand zagen. Nog een nieuw zeldzaam plantje. Ook zag ik nog moeraspaardenbloem in het Voornes Duin, ook zo'n soort die ik nog steeds een keer moest opzoeken. 


Bontbekplevieren

Ten slotte ving ik op 16 mei nog een ochtendje in Meijendel voor het CES-onderzoek. 't Was een afwisselende ochtend, zonder hoge aantallen of onverwachte soorten. Zie hier. Op de terugweg bezocht ik nog een terekruiter in de Driemandspolder, wat nog een nieuwe was voor mijn Zuid-Hollandlijst. Overigens ben ik wel min of meer gestopt met het actief twitchen voor mijn Zuid-Hollandlijst, want het blijkt toch dat er meestal teveel andere prioriteiten zijn en het belang voor dit lijstje schuif wat omlaag. Zo ben ik bijvoorbeeld nog steeds niet wezen zoeken naar de zwarte specht die al maanden in de provincie rondhangt, en heb ik bijvoorbeeld een grijze junco dit voorjaar aan me voorbij laten gaan. Maar deze terek ruiter was toch wel erg fraai, het was ook alweer ruim tien jaar geleden dat ik er eentje zag... Overigens heb ik geen plaatje meer van deze vogel, omdat m'n telefoon later in het veldseizoen is verzopen en ergens op de bodem van een meer ligt... 

Kroeskoppelikaan ergens in het Groene Hart...